Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 31-05-2024

Stichting Back to Basic Twente · KVK 57640556 ·F.08/18/321
Verslagdatum
31-05-2024
Procedure
Faillissement
Status
Beëindigd
Rechtbank
Rechtbank Overijssel

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 08_ove_18_321_F_V_11 ·Tekst verwerkt op 28-09-2026 13:53

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Betreft

Algemene gegevens

Stichting Back to Basic Twente 30-01-2019

1

Kvk nummer:57640556

Adres: Amarilstraat 21 7554 TV Hengelo (O)

Telefoon: 074-8517710

Website: www.b2b-twente.nl

30-01-2019

1

Verslagnummer 6

Datum verslag 31-05-2024

Insolventienummer F.08/18/321

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000080250:F001

Datum uitspraak 14-11-2018

R-C mr. M.M. Verhoeven

Curator mr J.T. Stekelenburg

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

Volgens de inschrijving in het handelsregister: ondersteuning en begeleiding

van gehandicapten, het aanbieden van diensten op het gebied van

extramurale gezondheidszorg, uitvoeren en doen uitvoeren van zorg in

samenwerking met andere zorgaanbieders; bemiddelen en adviseren in vraag

naar - en aanbod van arbeid in de zorg; ambulante begeleiding van jongeren

met een licht verstandelijke handicap; het bieden van begeleiding aan mensen

met psychosomatische problematiek; het verzorgen van beschermd wonen

en/of ambulante zorg.

In de praktijk kwamen de activiteiten van Back to Basic Twente neer op het

verlenen van ondersteuning, woonbegeleiding, ambulante begeleiding en

gezinsbegeleiding.

Op datum faillissement begeleidde Back to Basic vanuit haar kantoren te

Hengelo en Almelo cliënten in heel Twente. In totaal ging het daarbij om ruim

60 personen.

Een deel van deze personen woonde in door Back to Basic aan hen ter

beschikking gestelde (kleinschalige) woonvoorzieningen. Op datum

faillissement had Back to Basic in Almelo, Borne, Enschede en Hengelo

woonvoorzieningen, die werden gehuurd (zie hierna, hoofdstuk 1,

huurovereenkomsten).

Aan de zorgverlening lag een zorgovereenkomst ten grondslag; voor zover

cliënten ook gebruik maakten van woonruimte, lag aan het gebruik van die

ruimte een huurovereenkomst ten grondslag.

De bekostiging van de door Back to Basic verleende zorg vond plaats door de

VSB, Gemeenten en Zorgkantoren (in het bijzonder: Menzis). Het ging daarbij

om WZL, PGB, WMO of subsidie (beschermd wonen principe).

30-01-2019

1

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2014 € 196.580,00 € -39.171,00 € 24.587,00
2015 € 923.610,00 € 16.147,00 € 136.973,00
2016 € 1.498.422,00 € 931,00 € 205.179,00
2017 € 1.794.396,00 € -41.826,00 € 333.033,00

De cijfers, zoals hiervoor gepresenteerd, zijn door de curator opgetekend uit

de diverse jaarrekeningen over de voorbije jaren. Daarbij wordt opgemerkt dat

de getallen betreffende 2017 zijn overgenomen uit de concept jaarrekening

betreffende dat (boek)jaar.

30-01-2019

1

20

30-01-2019

1

Boedelsaldo

Verslagperiode

€ 76.603,66

Toelichting

Dit saldo bestaat, in hoofdzaak, uit aangetroffen banksaldi op de diverse

rekeningen, kasgeld en de koopsom van de goodwill en de inventariszaken

(zie hierna, hoofdstuk 3), onder aftrek van een aantal kosten die de curator

heeft moeten maken, in verband met de tijdelijke voortzetting van de door

Back to Basic gedreven onderneming, hangende de doorstart (zie hierna,

hoofdstuk 6, doorstart).

30-01-2019

1

€ 201.736,45

Toelichting

De toename van het saldo, in verslagperiode twee, laat zich voornamelijk

verklaren door een groot aantal debiteurenbetalingen (en in beperkte mate:

restituties).

24-05-2019

2

€ 187.051,65

Toelichting

De wijziging van het saldo, in verslag periode drie, laat zich voornamelijk

verklaren door:

betaling van faillissementskosten (salaris curator en verschotten)

de ontvangst van debiteuren

de afrekening met de pandhouder

de afrekening met de doorstarter

10-12-2021

3

€ 171.372,16

10-03-2022

4

€ 171.191,97

19-04-2023

5

€ 167.911,87

Toelichting

Verslagperiode 6 - d.d. 30.5.2024:

Het saldo de faillissementsrekening is gewijzigd door (i) de ontvangst van

een bedrag van EUR 20.000, verband houdende met een regeling met het

bestuur (zie hoofdstuk 7), en (ii) de vaststelling van het salaris curator en de

verschotten.

31-05-2024

6

Verslagperiode

Bestede uren

van

14-11-2018

t/m

28-1-2019

30-01-2019

1

van

29-1-2019

t/m

23-5-2019

24-05-2019

2

van

24-5-2019

t/m

30-11-2021

10-12-2021

3

van

1-12-2021

t/m

4-3-2022

10-03-2022

4

van

5-3-2022

t/m

14-4-2023

19-04-2023

5

van

15-4-2023

t/m

30-5-2024

31-05-2024

6

VerslagperiodeBestede uren

1 116 uur 54 min
2 32 uur 12 min
3 51 uur 18 min
4 11 uur 36 min
6 16 uur 42 min
Totaal 275 uur 0 min

Toelichting bestede uren

1.1 Directie en organisatie

1.2 Lopende procedures

Disclaimer

Dit verslag strekt er toe een globaal inzicht te geven over (de stand van

afwikkeling van) de boedel. Dit verslag vormt geen volledige verantwoording

van de (wijze van) afwikkeling van de boedel door de curator. De curator legt

aan de rechter-commissaris verantwoording af omtrent het beheer en de

vereffening van de boedel.

Dit verslag is met de nodige zorg samengesteld. Desondanks staat de curator

niet in voor de volledigheid, noch voor de juistheid van het verslag. Dit verslag

betreft een momentopname.

Het is mogelijk dat informatie op het moment van publiceren nog niet

beschikbaar is, dan wel niet geopenbaard kan worden, of dat in het verslag

weergegeven informatie achteraf dient te worden bijgesteld. Uiteraard kan dit

ingrijpende gevolgen hebben voor de in dit verslag en in de eventueel

aangehechte bijlagen gedane vermeldingen alsmede voor de weergegeven

vooruitzichten voor crediteuren, waar het betreft de rangorde, het aantal, de

omvang en de kans op (gedeeltelijke) uitkering. Aan dit verslag (inclusief

eventuele bijlagen) kunnen geen rechten worden ontleend.

30-01-2019

1

1. Inventarisatie

Het betreft hier een stichting die op 28 maart 2013 is opgericht en op 4 april

2013 is ingeschreven in het handelsregister.

Voor die tijd werden de door de stichting verrichtte activiteiten in de vorm van

een besloten vennootschap gedreven (en nog verder daarvoor in de vorm van

een eenmanszaak). Genoemde besloten vennootschap, B2B Twente B.V.

geheten, bestaat nog steeds. Meergenoemde B.V. is niet failliet.

Tot eind 2017 werd het bestuur over de stichting gevoerd door de heer R.

Kempees, samen met zijn echtgenote, mevrouw H.A.M. Kempees-ter Halle.

Vanaf enig moment is de heer Kempees om privé redenen teruggetreden als

bestuurder en is het bestuur voortgezet door mevrouw Kempees-ter Halle.

Ook de zoon van de heer en mevrouw Kempees, de heer L.H. Kempees, is op

enig moment als stichtingsbestuurder benoemd (volgens de inschrijving in het

handelsregister is dat per 1 januari 2016 gebeurd).

Er is sprake van een raad van toezicht, bestaande uit één persoon, de heer

A.H. Breukers.

30-01-2019

1

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

Eén: een leverancier had voor de faillietverklaring van Back to Basic een zaak

aangespannen bij de Rechtbank Overijssel. Omdat de inzet van deze

procedure de betaling van een geldsom betrof, heeft de Rechtbank, door de

curator op het faillissement van Back to Basic gewezen, de procedure

geschorst. De procedure zal slechts worden voortgezet op het moment dat de

vordering van deze leverancier ter gelegenheid van de verificatievergadering,

zo die er ooit van komt, wordt betwist. De leverancier is onderwijl verzocht zijn

vordering in het faillissement aan te melden. Dit is, op het moment dat het

eerste verslag wordt gelegd, nog niet gebeurd.

30-01-2019

1

Ondanks het feit dat de desbetreffende leverancier daartoe nadrukkelijk en

herhaald door de curator is uitgenodigd, heeft deze ook in verslagperiode 2

verzuimd zijn vordering ter verificatie aan te melden. De curator heeft dan ook

besloten om geen verdere acties in de richting van de desbetreffende

leverancier te ondernemen.

24-05-2019

2

De curator heeft moeten vaststellen dat de premie van een aantal

verzekeringen op datum faillissement (nog) niet was betaald met als gevolg

dat de dekking was opgeschort. Het ging daarbij om de

aansprakelijkheidsverzekering en brandverzekering. In overleg met de rechter-

commissaris is besloten om de premies alsnog te betalen, zodat hangende de

doorstart de onderneming tijdelijk kon worden doorgezet. Nadat de doorstart

gerealiseerd was heeft de curator de verzekeringen alsnog en per direct

opgezegd.

30-01-2019

1

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

De activiteiten van Back to Basic werden gedreven vanuit een tweetal

kantoorpanden, gelegen te Hengelo (O) en Almelo. Daarnaast maakte Back to

Basic gebruik van een aantal panden ten behoeve van haar cliënten. De

curator heeft geconstateerd dat in een beperkt aantal gevallen de

onderliggende huurcontracten op naam van de gefailleerde stichting stonden.

In een groot aantal gevallen stonden de contracten op naam van de BV; in een

enkel geval op naam van de eenmanszaak (zie hiervoor, directie en

organisatie). Omdat niet duidelijk is of en in hoeverre de gefailleerde stichting

in de gevallen waarin de contracten op naam van de BV en/of eenmanszaak

staan, als huurder is aan te merken, heeft de curator gemeend er verstandig

aan te doen alle contracten voorwaardelijk op te zeggen, namelijk in die

gevallen waarin komt vast te staan dat de gefailleerde stichting als huurder

heeft te gelden. Op deze wijze probeert de curator te voorkomen dat een

groot aantal schulden, die voor een deel dienen te worden aangemerkt als

boedelschulden (namelijk, voor zover het betreft de huur na datum

faillissement) in het faillissement van de gefailleerde stichting worden

aangemeld. In een poging de discussie overzichtelijk te houden, is de curator,

in het kader van de doorstart, met de doorstarter overeengekomen dat deze

probeert om met de verhuurders van de woonruimten tot nadere afspraken te

komen. Indien de doorstarter daarin slaagt, beperkt de discussie over de

vraag wie als huurder heeft te gelden en dus dient in te staan voor betaling

van de huur zich tot een korte periode. Voor de doorstarter is het belang om

dit te doen daarin gelegen dat in die gevallen waarin dit lukt, de cliënten de

woningen kunnen blijven bewonen en niet hoeven te verhuizen. In een aantal

gevallen is het de doorstarter gelukt om met de eigenaren van de panden tot

afspraken te komen; in een aantal gevallen niet. Inmiddels heeft de curator

van nagenoeg alle eigenaren van panden vorderingen aangemeld gekregen.

Per verhuurder dient de curator te bezien of hij in staat is de vordering (in de

gestelde omvang) voorlopig te erkennen. Deze beoordeling zal de

aankomende verslagperiode plaatsvinden.

Daarnaast huurde Back to Basic een aantal voertuigen en Copiers. Verwezen

wordt naar hoofdstuk 5, lease.

30-01-2019

1

In verslagperiode 2 heeft de curator de door diverse verhuurders van panden

aangemelde vorderingen beoordeeld. In een aantal gevallen heeft hij niets

anders gekund dan de vorderingen te noteren op de lijst van voorlopig

betwiste schuldvorderingen.

24-05-2019

2

1.5 Oorzaak faillissement

De bestuurders van Back to Basic hebben aangegeven dat de directe oorzaak

van het faillissement gelegen is in het beslag dat door de Belastingdienst is

gelegd op de bankrekeningen van Back to Basic. Daardoor is Back to Basic niet

meer in staat om haar lopende verplichtingen te voldoen.

Het ontstaan van de belastingschulden is, naar zeggen van de bestuurders

van Back to Basic, gelegen in het feit dat Back to Basic, begin 2017, meerdere

maanden zou hebben moeten wachten op betalingen vanuit een tweetal

gemeenten. Genoemde betalingen hielden verband met de zorg voor nieuwe

cliënten waarvoor nieuwe medewerkers dienden te worden aangenomen en

waarvoor geïnvesteerd werd in nieuwe huisvesting (woonruimte ten behoeve

van deze cliënten). Doordat niet tijdig werd (uit)betaald, raakten de financiële

buffers op en zijn er achterstanden ontstaan bij de Belastingdienst en het

pensioenfonds. Het wegvallen van één van de bestuurders (de heer

Kempees), begin 2018, heeft een grote wissel getrokken op de organisatie.

Nadat de aanhoudende financiële problemen zijn besproken met de

gemeenten, is vanuit de gemeenten een en ander gelekt. Dit heeft tot grote

onrust onder de medewerkers van Back to Basic geleid. Daardoor is personeel

gaan lopen, waardoor nog meer druk ontstond. Uiteindelijk zijn de bestuurders

niet bij machte geweest om het tij te keren en hebben zij zich, nadat de

Belastingdienst beslag had gelegd op de bankrekeningen van Back to Basic,

genoodzaakt gezien om eigen aangifte te doen van het faillissement.

De curator dient, zoals te doen gebruikelijk is, te onderzoeken of voormeld

relaas van de bestuurders klopt.

30-01-2019

1

De curator dient nog onderzoek te doen naar de oorzaak van het faillissement.

Dit zal in verslagperiode 3 gebeuren.

24-05-2019

2

De curator heeft onderzoek gedaan naar de oorzaak van het faillissement. De

conclusie luidt dat, op basis van de huidige gegevens, de bestuurders geen

verwijt treft. Wel is tijdens het onderzoek een aantal andere zaken aan het

licht gekomen. Zie voor wat betreft die zaken hierna hoofdstuk 7.

10-03-2022

4

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

2. Personeel

Personeelsleden

20

30-01-2019

1

Personeelsleden

21

30-01-2019

1

Datum AantalToelichting

16-11-201820

totaal 20

In het eerste gesprek met het bestuur van Back to Basic is de curator gebleken

dat er onvoldoende middelen zijn om voor doorbetaling van de lonen zorg te

dragen en dat dergelijke middelen ook niet meer te verwachten zijn. Om die

reden heeft de curator zich genoodzaakt gezien om na verkregen machtiging

van de rechter-commissaris in het faillissement van Back to Basic en na de

vakbonden geraadpleegd te hebben, het personeel het ontslag aan te

zeggen.

In overleg met het UWV heeft de curator besloten om een collectieve intake te

organiseren op het kantoor van Back to Basic in Hengelo (O). Deze

bijeenkomst heeft op 26 november 2018 plaatsgevonden. Ter gelegenheid van

genoemde bijeenkomst heeft het personeel van Back to Basic de

loonaanspraken aan buitendienstmedewerkers van het UWV kenbaar kunnen

maken.

Kort na datum faillissement en nadat de doorstart gerealiseerd was, heeft de

curator het personeel toegesproken, bij welke gelegenheid zij geïnformeerd

zijn over het faillissement, de gevolgen en de doorstart.

30-01-2019

1

3. Activa

BeschrijvingVerkoopopbr.HypotheekBoedelbijdr.

Geen

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

totaal € 0,00 € 0,00

BeschrijvingVerkoopopbr.HypotheekBoedelbijdr.

Geen: alle onroerende zaken werden (al dan niet via de BV of eenmanszaak)

gehuurd.

30-01-2019

1

Kadastrale recherche. 30-01-2019

1

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Kantoorinventaris € 6.000,00
totaal € 6.000,00 € 0,00

Het betreft hier kantoorinventaris, die zich bevindt in de kantoorpanden van

Back to Basic te Hengelo (O) en Almelo. Het gaat daarbij om: meubilair en

computerapparatuur.

30-01-2019

1

Van een samenloop tussen pandrecht op bodemzaken en het bodemvoorrecht

van de fiscus is geen sprake, doordat genoemde zaken niet zijn verpand.

30-01-2019

1

Kort na datum faillissement heeft de curator, met toestemming van de rechter-

commissaris, het NTAB ingeschakeld om de kantoorinventaris te laten taxeren.

De inventaris is vervolgens meegenomen in de door de curator gevoerde

biedingsprocedure (zie hierna, hoofdstuk 6, doorstart).

30-01-2019

1

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Verrichte uren, voor zover nog niet gedeclareerd € 58.990,81
totaal € 58.990,81 € 0,00

Toelichting voorraden / onderhanden werk

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

Er is, in het geval van Back to Basic, geen sprake van voorraden, wel

onderhanden werk (verband houdende met verrichte werkzaamheden niet nog

niet zijn gedeclareerd. Afhankelijk van de soort verleende zorg / de

bekostigingswijze, werd, in het geval van Back to Basic, de verleende zorg

gedeclareerd per 4 weken of per maand. Back to Basic is halverwege periode

12 / de maand november 2018 failliet verklaard. Uiteindelijk heeft de curator

aan het eind van genoemde periode/genoemde maand gedeclareerd.

Gedeclareerde zorguren over die periode/die maand bedroegen € 58.990,81.

In het kader van de biedingsprocedure heeft de curator in de door hem

geopende dataroom een overzicht van de verrichte werkzaamheden laten

opnemen, welke nog niet zijn gedeclareerd, inclusief het toepasselijke

uurtarief, zodat kandidaat gegadigden zich aan de hand daarvan een beeld

konden vormen van het onderhanden werk, voor het geval men daarop een

bod wenste te doen. Uiteindelijk heeft de curator de debiteuren en het

onderhanden werk niet verkocht en is hij zelf overgegaan tot declareren en

incasseren van de debiteuren en het onderhanden werk.

30-01-2019

1

In verslagperiode 2 heeft de curator het onderhanden werk, eenmaal

gedeclareerd voor een groot deel geïncasseerd. Een klein deel staat nog open.

Verwezen wordt naar hetgeen daarover onder punt 4 van dit verslag staat

vermeld.

24-05-2019

2

In verslagperiode 3 is het eerder gedeclareerde onderhanden werk

geïncasseerd. Verwezen wordt naar hetgeen onder punt 4 van dit verslag

staat vermeld. Daarmee is deze kwestie afgedaan.

10-12-2021

3

De curator heeft intensief contact gehad met de (voormalig) administrateur van

Back to Basic, waar het betreft het declareren van het onderhanden werk.

Verder heeft de curator in aanvang van het faillissement met de diverse

instellingen (Gemeenten, Zorgkantoren) afspraken gemaakt over de tijdelijke

voortzetting van de onderneming, op voorwaarde dat de verleende zorg wordt

betaald.

30-01-2019

1

BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Goodwill € 30.000,00
totaal € 30.000,00 € 0,00

Het betreft hier het cliëntenbestand van Back to Basic, de domeinnaam, de

handelsnaam, het telefoonnummer, de rechten betreffende de website.

Uiteindelijk heeft de curator, in het kader van een doorstart (zie hierna,

hoofdstuk 6, doorstart), alleen het cliëntenbestand verkocht. In de andere

goodwillbestanddelen was de doorstarter niet geïnteresseerd.

30-01-2019

1

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

De curator heeft de goodwill betrokken bij de biedingsprocedure. Verwezen

wordt naar hoofdstuk 6.

30-01-2019

1

4. Debiteuren

Beschrijving Omvang Opbrengst Boedelbijdr.

Verleende zorg€ 195.668,15€ 136.733,06

totaal € 195.668,15 € 136.733,06 € 0,00

Het betreffen hier de declaraties, gericht aan Gemeenten en Zorgkantoren,

voor de door medewerkers van Back to Basic verleende zorg.

30-01-2019

1

Het in 4.1. gemelde bedrag onder het kopje "omvang" betreft het totaalbedrag

aan debiteuren dat uitstond op datum faillissement, vermeerderd met hetgeen

gedurende het faillissement is gewerkt/gedeclareerd. Het in 4.1. vermelde

bedrag onder het kopje "opbrengst" betreft de netto opbrengst welke de

boedel kan behouden, waarvan reeds afgetrokken is het bedrag dat aan de

pandhouder toekomt (zijnde een bedrag van EUR 23.500) en het bedrag dat

aan de doorstarter toekomt (zijnde een bedrag van EUR 35.435,09) voor de

door laatstgenoemde in opdracht van de boedel verrichte werkzaamheden

hangende de doorstart waarvan is afgesproken dat de daarmee verband

houdende opbrengst aan de doorstarter toekomt.

10-12-2021

3

4.2 Werkzaamheden debiteuren

5.1 Vordering van bank(en)

Vlak voor het faillissement heeft de accountant van Back to Basic de

Gemeenten en Zorgkantoren aangeschreven met de mededeling pandhouder

te zijn en in dat kader haar pandrecht openbaar te maken/betaling te

verlangen. Omdat de curator grote vraagtekens zet bij de vraag of er sprake is

van een rechtsgeldig pandrecht, heeft hij kort na de uitspraak van het

faillissement van Back to Basic diezelfde Gemeenten en Zorgkantoren

aangeschreven met het verzoek om hangende de discussie met de accountant

over het pandrecht, tot nadere order, aan niemand te betalen. Nadat recent

duidelijk is geworden dat de discussie met de pandhouder zich beperkt tot de

betaling van de werkzaamheden, verricht voor datum faillissement, heeft de

curator de Gemeenten en Zorgkantoren recent aangeschreven met de

mededeling dat de verleende zorg over periode 13/de maand december 2018

zonder problemen betaald kan worden aan de boedel. De betaling van

declaraties over eerdere perioden blijft, voor dit moment, lastig omdat ten

aanzien van die periode (waar het betreft periode 12/de maand november:

voor de helft) de discussie met de pandhouder nog loopt. Voor de ins and outs

van de discussie met de pandhouder wordt verwezen naar hoofdstuk 5.

30-01-2019

1

In verslagperiode 2 heeft de curator kans gezien om, met toestemming van de

rechter-commissaris, een regeling te treffen met de pandhouder, waarmee de

discussie over het bestaan van het pandrecht definitief is opgelost. Voor wat

betreft de ins and outs van deze regeling verwijst de curator naar punt 5 van

dit verslag. Onderdeel van de regeling is dat het de curator exclusief is

toegestaan om alle openstaande vorderingen te incasseren. Uit dien hoofde

heeft de curator in verslagperiode 2 voor in totaal een bedrag van €

142.341,90 aan debiteurenbetalingen ontvangen. Dit bedrag is hoger dan het

bedrag, als genoemd onder punt 4.1. Dit komt doordat de curator inmiddels

ook het onderhanden werk (groot bijna € 60.000,--; zie hiervoor punt 3) heeft

uitgefactureerd, waardoor de debiteurenstand op dit moment ruim € 150.000,-

- bedraagt. Op basis van met de pandhouder gemaakte afspraken, komt een

deel daarvan (te weten: € 15.654,90, waarbij opgemerkt wordt dat er voor

een deel nog afgerekend dient te worden) aan de pandhouder toe (voor wat

betreft de achterliggende berekening; zie hierna punt 5). Een ander deel komt

toe aan degene die de activiteiten van failliet is doorgestart en de ontvangen

bedragen hebben betrekking op de door de doorstarter verrichte

werkzaamheden van na datum faillissement, waarvan de curator met de

doorstarter is overeengekomen dat de uitbetaling van deze werkzaamheden

via de boedel verloopt. Waar het de door de doorstarter verrichte

werkzaamheden betreft, die door de curator aan de doorstarter zijn

doorbetaald, gaat het daarbij om een bedrag van € 27.995,10. De curator

verwacht de aankomende verslagperiode de vorderingen, voor zover nog niet

voldaan, te kunnen incasseren.

24-05-2019

2

In verslagperiode 3 is het restant van de debiteuren geïncasseerd. In het

verlengde daarvan heeft de curator afgerekend met de pandhouder en de

doorstarter. Voor wat betreft de bedragen die in dat kader zijn doorgestort

wordt verwezen naar punt 4.1.

10-12-2021

3

5. Bank / Zekerheden

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

€ 63.518,08

Toelichting vordering van bank(en)

Het betreft hier de vordering van de accountant, verband houdende met

verrichte werkzaamheden in de voorbije jaren, voor zover nog niet betaald. De

curator meldt dit omdat de accountant claimt een pandrecht te hebben op

vorderingen van Back to Basic op Gemeenten en Zorgkantoren (zie hierna,

beschrijving zekerheden).

Voor het overige bankierde Back to Basic bij ABN Amro bank N.V. Er bestond

geen kredietfaciliteit (Back to Basic bankierde altijd credit) en de bank had dan

ook geen zekerheden bedongen.

30-01-2019

1

€ 68.630,90

Toelichting vordering van bank(en)

In de tweede verslagperiode is het de curator gebleken dat de uiteindelijke

vordering van de accountant, die stelt pandhouder te zijn, € 68.630,90

bedraagt (excl. rente en kosten).

24-05-2019

2

Ten tijde van de faillietverklaring liepen er 10 leasecontracten betreffende

auto's die in gebruik waren bij de bestuurders van Back to Basic / een aantal

personeelsleden. De curator heeft, na bestudering van de contracten,

vastgesteld dat het in alle gevallen gaat om operational lease (dus huur). Om

de activiteiten tijdelijk te kunnen voortzetten, heeft de curator de auto's laten

doorrijden. Een en ander was mede mogelijk doordat de lease over de maand

november 2018 reeds voor de faillietverklaring was betaald. Uiteindelijk heeft

de doorstarter een aantal leasevoertuigen overgenomen (door met de

leasemaatschappij nieuwe contracten te sluiten). Recent heeft de

leasemaatschappij haar vordering aangemeld. De curator moet deze vordering

nog controleren.

Daarnaast huurde Back to Basic, op grond van operational lease, een tweetal

Copiers. Een Copier is inmiddels opgehaald. De doorstarter heeft met de

verhuurder van de Copiers afgesproken dat de andere Copier doorgehuurd

gaat worden (op basis van een nieuw contract).

30-01-2019

1

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

De accountant van Back to Basic stelt pandhouder te zijn ten aanzien van

vorderingen van Back to Basic op Gemeenten en Zorgkantoren. De curator is

met de (advocaat van) de accountant in een stevige discussie verwikkeld over

het bestaan van het pandrecht. Pogingen om tot werkafspraken te komen,

waarbij de curator mede ten behoeve van de accountant incasseert, zijn tot op

heden mislukt. De discussie met de accountant wordt de aankomende

verslagperiode voortgezet.

30-01-2019

1

In verslagperiode 2 heeft de curator, met toestemming van de rechter-

commissaris, met de accountant een minnelijke regeling getroffen, waar het

betreft de pandrecht-discussie. In het kort komt de regeling hierop neer dat de

accountant mag houden het bedrag dat zij voor datum faillissement had weten

te incasseren, nadat zij mededeling had gedaan van haar pandrecht. Het gaat

daarbij om een bedrag van € 13.336,90. Daarnaast is afgesproken dat van het

bedrag dat de curator weet te incasseren, hij de helft afdraagt aan de

accountant tot maximaal een bedrag van€ 23.500,--. Indien de curator er in

slaagt om alle vorderingen succesvol te incasseren, beloopt de maximale

aanspraak van de accountant, uit hoofde van haar pandrecht, € 36.366,90.

Afgezet tegen de oorspronkelijke vordering van de accountant, welke excl.

rente en kosten een bedrag van € 68.630,90 beloopt, komt het er op neer dat

de curator de zaak heeft geregeld voor een bedrag dat ongeveer de helft

beloopt van de uitstaande positie van de pandhouder (als daarbij diens

aanspraak op rente en kosten betrokken wordt).

24-05-2019

2

In verslagperiode 3 heeft de curator de dermate veel vorderingen

geïncasseerd dat hij het maximumbedrag dat hij had afgesproken met de

pandhouder (zijnde € 23.500) heeft doorbetaald aan de pandhouder. Daarmee

is deze kwestie afgedaan.

10-12-2021

3

De accountant stelt separatist te zijn. De curator betwist dit. 30-01-2019

1

In verslagperiode 2 is pandrecht-discussie met de accountant geregeld (zie

hiervoor, punt 5.3).

Onderdeel van de regeling is dat de accountant zich niet (langer) als separatist

opstelt.

24-05-2019

2

Voor zover de curator bekend: geen. 30-01-2019

1

Voor zover de curator bekend: geen. 30-01-2019

1

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

Voor zover de curator bekend: geen. 30-01-2019

1

Toelichting

N.v.t. De curator heeft geprobeerd om met de accountant, die stelt

pandhouder te zijn, voorwaardelijke afspraken te maken over het incasseren

door de boedel van de openstaande vorderingen tegen een boedelbijdrage,

mocht alsnog blijken dat de accountant pandhouder is. De accountant heeft dit

geweigerd.

30-01-2019

1

De curator heeft uitvoerig gecorrespondeerd met de (advocaat van de)

accountant, die stelt pandhouder te zijn.

30-01-2019

1

In verslagperiode 2 heeft de curator de discussie met de accountant, die stelt

pandhouder te zijn, voortgezet met als uiteindelijk resultaat dat partijen er in

geslaagd zijn om, met toestemming van de rechter-commissaris, een regeling

te treffen, waarvan de afspraken op hoofdlijnen in dit verslag staan

beschreven (zie hiervoor, punt 5.3).

24-05-2019

2

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

In een poging de onderneming door te starten en omdat het voor de curator

onmogelijk was om de zorgverlening van het ene op het andere moment te

staken heeft hij, met toestemming van de rechter-commissaris, de

onderneming tijdelijk voortgezet. In dat kader heeft de curator een

exploitatiebegroting opgesteld, waaruit blijkt (de personele lasten

weggedacht) dat er sprake is van een positieve exploitatie. De curator heeft

een beperkte hoeveelheid out of pocket moeten maken om de onderneming

tijdelijk voort te zetten. Het gaat daarbij om premies, voor verzekering,

gas/water en licht voor de panden, licenties voor telefonie en ICT en brandstof.

Daarmee is een bedrag van tussen de € 5.000,-- en € 10.000,-- gemoeid,

terwijl per maand voor een bedrag van (voorzichtig geschat) rond de €

50.000,-- aan zorg gedeclareerd kan worden.

30-01-2019

1

Zie hiervoor. 30-01-2019

1

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

De curator heeft overleg gevoerd met Gemeenten Zorgkantoren, om er zeker

van te zijn dat zorg die nog verleend zou worden, ook daadwerkelijk betaald

zou worden. Verder heeft de curator gecorrespondeerd met

(dwang)crediteuren.

30-01-2019

1

Doorstarten onderneming

De curator is gebleken dat er een groot aantal partijen zijn die hem te kennen

hebben gegeven belangstelling te hebben voor de overname van

activa/activiteiten. Dit heeft de curator doen besluiten om een korte

biedingsprocedure te volgen waarbij kandidaten, nadat zij een

geheimhoudingsverklaring hadden getekend, toegang hebben verkregen tot

een digitale dataroom waarin diverse informatie was opgeslagen. De curator

heeft diverse biedingen ontvangen. Het bod van Vangnet Zorggroep B.V. op de

goodwill en inventaris bleek het beste te zijn. Met verkregen toestemming van

de rechter-commissaris heeft de curator genoemde activa 14 dagen nadat Back

to Basic failliet was gegaan (namelijk op 28 november 2018) aan genoemde

B.V. verkocht. In het kader van een ordentelijke afwikkeling van de doorstart is

de curator met de doorstarter overeengekomen dat deze met ingang van 10

december 2018 de activiteiten overneemt en vanaf dat moment het personeel

van Back to Basic, voor zover die door de doorstarter worden overgenomen, bij

de doorstarter in dienst dienen te treden. Uiteindelijk is de doorstarter er in

geslaagd om met ingang van 10 december 2018 met 14 van de 20

personeelsleden van Back to Basic een nieuwe arbeidsovereenkomst te

sluiten.

30-01-2019

1

Zie hiervoor. 30-01-2019

1

€ 36.600,00

Toelichting

Voormeld bedrag bestaat uit:

Goodwill: € 30.000,--

Kantoorinventaris: 6.000,--

30-01-2019

1

€ 0,00

Toelichting

Niet van toepassing: de verkochte zaken waren niet verpand.

30-01-2019

1

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

De curator heeft veelvuldig contact gehad met overnamekandidaten.

Daarnaast heeft de curator contact gehad met het NTAB (in het kader van de

taxatie van activa) en met de rechter-commissaris (het verkrijgen van

toestemming om de activa te mogen verkopen aan Vangnet Zorggroep B.V.).

30-01-2019

1

7. Rechtmatigheid

De curator moet nog onderzoek doen ten aanzien van de boekhoudplicht. 30-01-2019

1

De curator heeft in verslagperiode 2 nog geen kans gezien om onderzoek te

doen ten aanzien van de boekhoudplicht. Dat zal alsnog in de aankomende

verslagperiode gaan gebeuren.

24-05-2019

2

De curator heeft in verslagperiode 3 onderzoek gedaan naar de

boekhoudplicht. Vooralsnog heeft de curator geen aanwijzingen om te

veronderstellen dat niet voldaan is aan de boekhoudplicht. Wel is de curator

een aantal zaken gebleken, die vragen oproepen, waarop hij de bestuurders

heeft aangesproken. Tot een bevredigend antwoord heeft dit tot op heden

niet geleid. De curator zal in overleg met de Rechter-Commissaris bezien hoe

verder.

10-12-2021

3

De curator heeft in verslagperiode 4 overleg gevoerd met de Rechter-

Commissaris over de vraag hoe verder. De uitkomst van dit overleg is dat de

curator een procedure zal starten tegen de bestuurders. De daarvoor

benodigde toestemming/machtiging van de Rechter-Commissaris is inmiddels

verkregen. De inzet van deze procedure is primair de hoofdelijk veroordeling

van de bestuurders tot betaling van een bedrag van (afgerond) EUR 43.000,

subsidiair de veroordeling van één van hen tot betaling van een bedrag van

afgerond EUR 16.000. De vorderingen van de curator houden verband met de

verhoging van het salaris en het afsluiten van een leasecontract. De

dagvaarding is inmiddels klaar en zal op korte termijn aan de bestuurders

worden betekend. Gevolg hiervan is dat de afwikkeling van dit faillissement

nog enige tijd op zich zal laten wachten, tenzij de bestuurders (alsnog) bereid

zijn om te komen tot een minnelijke regeling (de bereidheid daartoe ontbreekt

tot op heden).

10-03-2022

4

De curator is er in verslagperiode 5 in geslaagd om met de bestuurders tot een

minnelijke regeling te komen waarbij zij aan de curator in twee termijnen in

totaal een bedrag van EUR 20.000 zullen gaan betalen, zonder dat de

bestuurders daarmee beogen enige aansprakelijkheid te erkennen. De eerste

termijn, groot EUR 10.000, zal voor eind april 2023 betaald worden; de tweede

termijn, eveneens groot EUR 10.000, voor eind september 2023. De tussen de

curator en de bestuurders gemaakte afspraken zijn vastgelegd in een

vaststellingsovereenkomst. De Rechter-Commissaris heeft goedkeuring

verleend voor het treffen van genoemde regeling. Daarmee is deze (slepende)

kwestie afgedaan.

19-04-2023

5

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

De stichting heeft nimmer jaarrekeningen gedeponeerd. 30-01-2019

1

Niet van toepassing. 30-01-2019

1

Niet van toepassing. 30-01-2019

1

Toelichting

De curator moet nog het gebruikelijke onderzoek verrichten naar het optreden

van de bestuurders van Back to Basic.

30-01-2019

1

Toelichting

De curator heeft in verslagperiode 2 nog geen kans gezien om het

gebruikelijke onderzoek te doen ten aanzien van mogelijke

bestuurdersaansprakelijkheid. Dat zal alsnog in de aankomende

verslagperiode gaan gebeuren.

24-05-2019

2

Ja

Toelichting

In verslagperiode 3 heeft de curator het gebruikelijke onderzoek gedaan naar

mogelijke bestuurdersaansprakelijkheid. Bij de controle van de administratie is

de curator op een aantal zaken gestuit die vragen oproepen. De curator heeft

de bestuurders om tekst en uitleg gevraagd. Tot een bevredigend antwoord

heeft dit niet geleid. De curator zal in overleg met de Rechter-Commissaris

bezien hoe verder.

10-12-2021

3

Toelichting

Voor wat betreft de ontwikkelingen in verslagperiode 4 wordt verwezen naar

hetgeen hiervoor is opgemerkt onder het kopje boekhoudplicht.

10-03-2022

4

Toelichting

Voor wat betreft de ontwikkelingen in verslagperiode 5 wordt verwezen naar

hetgeen hiervoor is opgemerkt onder het kopje boekhoudplicht.

19-04-2023

5

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

Ja

Toelichting

De curator stelt zich, in relatie tot de accountant, die stelt pandhouder te zijn,

dat er sprake is van paulianeus handelen.

30-01-2019

1

Toelichting

De pauliana discussie is betrokken in de regeling die de curator met de

accountant heeft getroffen (zie hiervoor, punt 5.3)

24-05-2019

2

Nagenoeg alle werkzaamheden op dit punt dienen nog te worden uitgevoerd.30-01-2019

1

Nagenoeg alle werkzaamheden op dit punt dienen nog te worden uitgevoerd.24-05-2019

2

In verslagperiode 3 heeft de curator onderzoek gedaan naar de

boekhoudplicht en mogelijke bestuurdersaansprakelijkheid. Daarop is hij, als

gezegd, op een aantal zaken gestuit. Daarop heeft het bestuur, vooralsnog,

geen bevredigend antwoord gegeven. De aankomende verslagperiode zal de

curator, in in overleg met de Rechter-Commissaris, bezien hoe verder. In het

volgende verslag zal de curator op dit punt nader verslag doen.

10-12-2021

3

In verslagperiode 4 heeft de curator gecorrespondeerd met (de advocaat van)

de bestuurders, overleg gevoerd met de Rechter-Commissaris en een

dagvaarding opgesteld.

10-03-2022

4

Werkzaamheden in verslagperiode 5:

correspondentie met de advocaat van de bestuurders;

Overleg met de Rechter-Commissaris;

Opstellen en uit onderhandelen tekst vaststellingsovereenkomst.

19-04-2023

5

8. Crediteuren

Toelichting

De curator heeft van een aantal verhuurders van panden (boedel)vorderingen

ontvangen. De curator moet deze vorderingen nog beoordelen.

30-01-2019

1

Toelichting

Zoals vermeld in verslagperiode 1 heeft de curator van een aantal verhuurders

(boedel)vorderingen ontvangen. Tot op heden (eind verslagperiode 2) heeft hij

een aantal vorderingen geplaatst op de lijst van voorlopig betwiste

(boedel)vorderingen. Met een aantal verhuurders loopt nog een discussie over

de vraag of zij een (boedel)vordering hebben.

24-05-2019

2

€ 104.280,80

Toelichting

In verslagperiode 3 heeft het UWV in totaal aan boedelvorderingen ingediend

een bedrag van € 104.280,80.

10-12-2021

3

€ 65.052,45

Toelichting

De curator heeft in verslagperiode 5 de vordering van het UWV inhoudelijk

beoordeeld tegen de achtergrond van het arrest van de Hoge Raad van 3 juni

2022 inzake Herstel q.q. / UWV.

In dat arrest heeft de Hoge Raad (in het kort gezegd) bepaald dat voor zover

personeel van een gefailleerde werkgever betrokken is bij een doorstart, haar

loonaanspraken vanaf de datum van het faillissement beperkt is tot de periode

"datum faillissement - datum doorstart" en dus niet (automatisch) gelijk is aan

de (standaard)periode van zes weken, gerekend vanaf de datum van het

faillissement, waarbinnen het UWV de loondoorbetalingsverplichtingen van de

gefailleerde werkgever in relatie tot het personeel overneemt.

Daarbij geldt volgens de Hoge Raad wel als voorwaarde dat het loon en

overige arbeidsvoorwaarden van/bij de doorstarter tenminste gelijk moeten

zijn aan het loon en de overige arbeidsvoorwaarden van/bij de gefailleerde

werkgever.

In die gevallen waarin de doorstart op een kortere termijn dan genoemde

termijn van zes weken heeft plaatsgevonden eindigen de loonaanspraken van

het personeel, voor zover betrokken bij de doorstart, per de datum van

indiensttreding bij de doorstarter en lopen die aanspraken na dat moment niet

meer door.

In het geval van de Stichting Back to Basic Twente is het merendeel van het

personeel binnen de meergenoemde termijn van zes weken tegen (tenminste)

dezelfde voorwaarden bij de doorstarter in dienst getreden en dus eindigen

(naar het oordeel van de curator) de loonaanspraken van dat personeel (en

daarmee van het UWV die deze aanspraken heeft overgenomen) per de datum

van de doorstart (10 december 2018).

Over de gehele periode van zes weken, gerekend vanaf datum faillissement

(14 november 2018), bedroegen de loonaanspraken van het voltallige

personeel (en daarmee: van het UWV) in totaal een bedrag van EUR

104.280,80. Dit bedrag is door de curator genoemd in verslag 3.

De curator heeft aan de hand van de gegevens van het UWV de

loonaanspraken van het personeel (en daarmee: van het UWV) opnieuw

berekend, waarbij hij de aanspraken van het personeel, betrokken bij de

doorstart, heeft beperkt tot de periode datum faillissement (14 november

19-04-2023

5

2018) - datum doorstart (10 december 2018) in plaats van datum faillissement

(14 november 2018) - einde zes weken periode (26 december 2018), wat het

UWV had gedaan.

Daar waar het UWV, onverlet door doorstart, over de gehele periode van zes

weken betaling van een bedrag van EUR 104.280,80 vordert, komt de curator

uit op een door het UWV te vorderen bedrag van EUR 65.052,45, een verschil

van EUR 39.228,35. Dit bedrag is door de curator geplaatst op de lijst van

betwiste boedelvorderingen; de curator heeft door het UWV ingediende

boedelvordering, welke door hem wordt erkend, naar beneden toe bijgesteld

tot een bedrag van EUR 65.052,45. Een en ander zal op de crediteurenlijst

aangepast gaan worden.

Afgewacht dient te worden of het UWV de door de curator verrichte bijstelling

accepteert. De curator heeft UWV gevraagd om zich daarover uit te laten.

Rest de curator op te merken dat hij een herberekening van de

(boedel)vordering van het UWV heeft gemaakt aan de hand van door het UWV

aangeleverde gegevens. De curator gaat ervan uit dat hij de gegevens goed

gelezen/geïnterpreteerd heeft; gezien de complexiteit van de de gegevens

moet de curator een slag om de arm houden.

Dan speelt nog de beoordeling van de vorderingen van de verhuurders van

panden. Voor zover huurvorderingen betrekking hebben op de periode na

datum faillissement dienen dergelijke vorderingen in zijn algemeenheid te

worden aangemerkt als boedelschuld (tot maximaal 3 maanden na de datum

waarop de huurovereenkomsten door de curator zijn opgezegd).

De curator heeft geconstateerd dat een aantal huurovereenkomsten op naam

staan van een aan Stichting Back to Basic Twente gelieerde BV, welke BV niet

failliet is. Om die reden lijkt (op het eerste gezicht) een ander dan het

gefailleerde Stichting Back to Basic Twente als contractuele wederpartij dient

te worden aangemerkt, in relatie tot de verhuurders, wat betekent dat die

verhuurders hun vorderingen over de periode gelegen na datum faillissement

niet in het faillissement van Stichting Back to Basic Twente kunnen indienen

(wat een aantal van hen wel heeft geprobeerd). In eerste instantie had de

curator, in afwachting van de verdere ontwikkelingen (in het bijzonder de

vraag wat de uiteindelijke omvang van het boedelactief (lees: beschikbare

saldo op de faillissementsrekening, bestemd voor crediteuren zou worden),

geparkeerd. Nu de stand van de boedel zodanig is dat zelfs als de

boedelvordering van het UWV in zijn geheel door de curator zou moeten

worden erkend (wat hij ontkent), een (gedeeltelijke) uitkering van verhuurders

kan plaatsvinden, wordt de discussie met die verhuurders (de vraag op wie zij

een vordering hebben: de gelieerde BV of de gefailleerde Stichting Back to

Basic) weer actueel. De curator zal dan ook de aankomende verslagperiode de

vorderingen van de verhuurders (nader) beoordelen.

Toelichting

Verslagperiode 6 - d.d. 30.5.2024:

De curator heeft de voorbije verslagperiode uitvoerig gecorrespondeerd met

het UWV over de vraag of in het geval van de Stichting Back to Basic Twente

wel sprake is van een vergelijkbare situatie als die speelde in de zaak

waarover de HR in het arrest Herstel q.q. / UWV uitspraak heeft gedaan.

Uiteindelijk heeft het UWV erkend dat dit het geval is en heeft zij

aangegeven een naar beneden toe bijgestelde vordering te zullen

aanmelden in het faillissement van stichting Back to Basic Twente. Omdat dit

vervolgens niet is gebeurd, heeft de curator het UWV verzocht dit alsnog te

31-05-2024

6

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

doen. In reactie daarop heeft het UWV de curator laten weten dat een en

ander langer duurt dan gepland omdat het UWV haar systemen aan het

aanpassen is zodat bijstelling plaatsvindt in alle lopende faillissementen

waarin de problematiek van Herstel q.q. /UWV speelt (en dus niet alleen in

het faillissement van stichting Back to Basic Twente). Om die reden heeft de

aanmelding nog niet plaatsgevonden.

Nu de discussie met het UWV in een voor de boedel gunstige zin is afgelopen

kan de curator starten met een (nadere) beoordeling van de vorderingen van

verhuurders (in eerste instantie had hij daarmee gewacht omdat het UWV

zich op het standpunt stelde dat de oorspronkelijk ingediende vordering

klopte).

€ 349.502,00

30-01-2019

1

€ 454.692,00

24-05-2019

2

Toelichting

Tot op heden heeft het UWV geen preferente vordering ingediend.

30-01-2019

1

€ 64.899,11

Toelichting

In verslagperiode 3 heeft het UWV haar vordering ingediend.

10-12-2021

3

Toelichting

Tot op heden zijn er geen andere preferente crediteuren.

30-01-2019

1

€ 14.215,81

10-12-2021

3

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

7

30-01-2019

1

8

24-05-2019

2

10

10-12-2021

3

€ 138.923,02

30-01-2019

1

€ 162.066,17

24-05-2019

2

€ 178.083,91

Toelichting

In verslaperiode 3 is het aantal crediteuren, en daarmee de schuldenlast, iets

toegenomen.

10-12-2021

3

Nog niet bekend 10-12-2021

3

Daargelaten de vraag hoe de discussies met het UWV en de verhuurders

betreffende de omvang van hun boedelschulden aflopen, staat (gezien de

omvang van de preferente vorderingen van het belastingdienst en het UWV)

nu reeds vast dat er geen uitkering aan concurrente crediteuren zal

plaatsvinden.

19-04-2023

5

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

Correspondentie met crediteuren. 30-01-2019

1

Correspondentie met crediteuren (met name verhuurders van panden). 24-05-2019

2

Correspondentie met crediteuren. 10-12-2021

3

Beoordeling vordering UWV / correspondentie met UWV 19-04-2023

5

Verslagperiode 6 - d.d. 30.5.2024:

De werkzaamheden in de voorbije verslagperiode hebben zich beperkt tot de

discussie met het UWV.

31-05-2024

6

9. Procedures

Trademarks Office B.V. 30-01-2019

1

Vordering tot betaling. 30-01-2019

1

De procedure is geschorst. 30-01-2019

1

De curator heeft de rechtbank Overijssel geïnformeerd over het faillissement,

waarna de procedure is geschorst.

30-01-2019

1

10. Overig

Er dient nog een groot aantal werkzaamheden te worden uitgevoerd. In het 30-01-2019

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

bijzonder heeft de curator daarbij het oog op de discussie met (de advocaat

van de) accountant, waar het betreft het pandrecht, het incasseren van

openstaande vorderingen, het beoordelen van de vorderingen van crediteuren

(met name verhuurder) en het uitvoeren van het rechtmatigheidsonderzoek.

1

In verslagperiode 2 heeft de curator kans gezien om met de accountant een

regeling te treffen waar het betreft de pandrecht-discussie (zie hiervoor, punt

5.3). Een aantal andere kwesties lopen nog, met name het incasseren van

vorderingen (voor zover nog niet voldaan) en een onderzoek ten aanzien van

de administratie en het optreden van het bestuur. In verslagperiode 3 zal de

curator deze kwesties (verder) oppakken.

24-05-2019

2

De afwikkeling van dit faillissement zit vast op de discussie met de bestuurders

betreffende de zaken die de curator, bij het verrichten van het onderzoek ten

aanzien van de administratie, is gebleken. Afhankelijk van de uitkomst van het

overleg met de Rechter-Commissaris zal het korte of langere tijd gaan duren

voordat dit faillissement kan worden afgewikkeld. Kort: als besloten wordt

daarop niet verder door te gaan. Lang: als besloten wordt een procedure

tegen de bestuurders te starten.

10-12-2021

3

De afwikkeling van dit faillissement zit, als gezegd, vast op de discussie met de

bestuurders. Zoals gemeld in hoofdstuk 7 is besloten om een procedure tegen

de bestuurders te starten. Daardoor zal de afwikkeling van dit faillissement

nog enige tijd op zich laten wachten (tenzij de curator er alsnog in slaagt om

met de bestuurders een regeling te treffen).

10-03-2022

4

Uit (dit) verslag 5 blijkt dat de discussie met de bestuurders is beslecht. Het

wachten is op de betaling door de bestuurders van het overeengekomen

bedrag (zie hiervoor hoofdstuk 7).

Ondertussen zal de curator proberen met het UWV en de verhuurders tot een

vergelijk te komen het betreft een ieders (boedel)vordering (zie hiervoor

hoofdstuk 8).

Afhankelijk van het verloop van de (eventuele) discussies met het UWV en de

verhuurders zal dit faillissement op korte of langere termijn afgewikkeld gaan

worden.

19-04-2023

5

Verslagperiode 6 - d.d. 30.5.2024:

De aankomende verslagperiode zal de curator (naar verwachting) de

aangepaste vordering van het UWV ontvangen. Die vordering zal door de

curator gecontroleerd worden om te zien of de in lijn ligt met de uitspraak

van de HR inzake Herstel q.q. / UWV (zie hiervoor hoofdstuk 8).

Daarnaast zal de curator de aankomende verslagperiode de betwiste

vorderingen van de verhuurders gaan beoordelen.

Zodra beide kwesties zijn afgewikkeld, kan tot afwikkeling van het

faillissement gekomen worden.

De curator gaat er vanuit dat de aankomende verslagperiode flinke stappen

in die richting gezet kunnen gaan worden.

31-05-2024

6

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

Nog niet bekend. 30-01-2019

1

Nog niet bekend. 24-05-2019

2

Nog niet bekend. 10-12-2021

3

Nog niet bekend. 10-03-2022

4

Nog niet bekend. 19-04-2023

5

31-8-2024 31-05-2024

6

Opstellen faillissementsverslag; opstellen financieel verslag. 30-01-2019

1

Opstellen faillissementsverslag; opstellen financieel verslag. 24-05-2019

2

Opstellen faillissementsverslag, opstellen financieel verslag. 10-12-2021

3

Opstellen faillissementsverslag, opstellen financieel verslag. 10-03-2022

4

Opstellen faillissementsverslag, opstellen financieel verslag. 19-04-2023

5

Verslagperiode 6 - d.d. 30.5.2024:

Opstellen faillissementsverslag, opstellen financieel verslag.

31-05-2024

6

Bijlagen