Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 19-02-2025

Onbekend bedrijf · KVK 57567174 ·F.01/15/325
Verslagdatum
19-02-2025
Procedure
Faillissement
Status
Beëindigd
Rechtbank
Rechtbank Oost-Brabant

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 01_obr_15_325_F_V_46 ·Tekst verwerkt op 27-09-2026 19:02

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

Geddes & Gillmore Retail B.V. 04-10-2018

5

De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Geddes & Gillmore

Retail B.V., hierna te noemen: Geddes & Gillmore Retail", statutair gevestigd te

Amsterdam en kantoorhoudende te (5221 EA) Engelen, aan de Meerheuvel 19,

ingeschreven bij de Kamer van Koophandel te Brabant onder nummer

57567174.

04-10-2018

5

De gefailleerde vennootschap hield zich bezig met detailhandel in kleding,

accessoires en aanverwante modeartikelen, al dan niet middels de exploitatie

van winkels, outlets, webwinkels of andersoortige afzetmogelijkheden.

04-10-2018

5

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2013 € 2.919.531,00 € -27.572,00 € 1.438.268,00
2014 € 4.439.107,00 € -595.362,00 € 3.174.916,00
2015 € 905.893,00 € -371.383,00 € 3.909.456,00

Verslagnummer 25

Datum verslag 19-02-2025

Insolventienummer F.01/15/325

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000006984:F001

Datum uitspraak 14-04-2015

R-C mr. S.C.E.F. Moulen Janssen

Curator mr R.G. Roeffen

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

De cijfers 2013 zijn gebaseerd op een jaarrekening. De cijfers 2014 en 2015

zijn gebaseerd op kolommenbalansen.

01-04-2019

9

35

04-10-2018

5

€ 15.668,26

04-10-2018

5

€ 10.524,79

01-04-2019

9

€ 15.037,41

01-10-2019

10

€ 18.462,96

30-03-2020

11

€ 0,00

29-09-2020

12

€ 16.060,96

24-03-2021

13

€ 16.076,13

13-09-2021

14

€ 16.091,53

Toelichting

Het boedelsaldo is toegenomen vanwege bijgekweekte rente.

07-03-2022

15

€ 10.088,57

07-09-2022

16

€ 25.011,75

Toelichting

Er heeft een tussentijdse teruggave plaatsgevonden van de boedel-btw.

06-03-2023

17

€ 24.995,85

05-06-2023

18

€ 24.979,95

04-09-2023

Verslagperiode

19

€ 27.673,05

Toelichting

Het boedelsaldo is toegenomen vanwege ontvangst van een

proceskostenveroordeling aan de zijde van Rabobank.

29-11-2023

20

€ 27.657,15

Toelichting

Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.

28-02-2024

21

€ 27.641,25

Toelichting

Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.

22-05-2024

22

€ 27.625,35

Toelichting

Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.

19-08-2024

23

€ 27.609,45

Toelichting

Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.

19-11-2024

24

€ 196.877,15

Toelichting

Het boedelsaldo is toegenomen naar aanleiding van een gewonnen

procedure.

19-02-2025

25

van

3-4-2018

t/m

23-9-2018

04-10-2018

5

van

24-9-2018

t/m

24-3-2019

01-04-2019

9

van

25-3-2019

t/m

15-9-2019

01-10-2019

10

van

16-9-2019

t/m

15-3-2020

30-03-2020

11

van

16-3-2020

t/m

20-9-2020

29-09-2020

12

van

21-9-2020

t/m

14-3-2021

24-03-2021

13

van

15-3-2021

t/m

8-9-2021

13-09-2021

14

van

9-9-2021

t/m

4-3-2022

07-03-2022

15

van

5-3-2022

t/m

6-9-2022

07-09-2022

16

van

7-9-2022

t/m

3-3-2023

06-03-2023

17

van 05-06-2023

Bestede uren

4-3-2023

t/m

2-6-2023

18

van

3-6-2023

t/m

25-8-2023

04-09-2023

19

van

26-8-2023

t/m

24-11-2023

29-11-2023

20

van

25-11-2023

t/m

23-2-2024

28-02-2024

21

van

24-2-2024

t/m

17-5-2024

22-05-2024

22

van

18-5-2024

t/m

17-8-2024

19-08-2024

23

van

18-8-2024

t/m

15-11-2024

19-11-2024

24

van

16-11-2024

t/m

14-2-2025

19-02-2025

25

Bestede uren

Toelichting bestede uren

VerslagperiodeBestede uren

5 0 uur 0 min
9 0 uur 0 min
10 31 uur 0 min
11 56 uur 54 min
12 149 uur 0 min
13 47 uur 18 min
14 751 uur 12 min
15 9 uur 0 min
16 17 uur 6 min
17 99 uur 30 min
18 1 uur 36 min
19 19 uur 42 min
20 4 uur 0 min
21 4 uur 18 min
22 1 uur 0 min
23 1 uur 24 min
24 2 uur 36 min
25 3 uur 24 min

totaal 1.199 uur 0 min

Totaal werden er 641,10 uren aan dit faillissement besteed. 04-10-2018

5

Totaal werden er 675,10 uren aan dit faillissement besteed. 01-04-2019

9

In de verslagperiode is 31 uur besteed; in totaal zijn 706,10 uur besteed.

In de verslagperiode is een schikking met de bestuurder getroffen. Voorts

heeft de curator de discussie met de (advocaat van) de bank ten aanzien van

de vraag of de bank in de periode voorafgaand aan het faillissement al dan

niet te goeder trouw binnengekomen bedragen heeft verrekend, voortgezet.

01-10-2019

10

In de verslagperiode heeft de curator gemonitord of de bestuurder de met hem

getroffen schikking is nagekomen. Verder heeft de curator de discussie met (de

advocaat van) de bank ten aanzien van de vraag of de bank in de periode

voorafgaand aan het faillissement al dan niet te goeder trouw binnengekomen

bedragen heeft verrekend, voortgezet.

30-03-2020

11

In de verslagperiode heeft de curator de discussie met de bank voortgezet en

haar een concept dagvaarding toegestuurd.

29-09-2020

12

1.1 Directie en organisatie

Totaal werden er 995,8 uren aan het faillissement besteed. In de

verslagperiode heeft de curator met name aandacht besteed aan overleg met

de (advocaten van) de Rabobank en met het redigeren van een dagvaarding.

24-03-2021

13

In de verslagperiode is met name aandacht besteed aan de procedure tegen

Rabobank.

In dit verslag zijn correcties doorgevoerd in de totale urenregistratie. De uren

die zijn gerapporteerd in de oude verslagen die niet in KEI staan zijn voorheen

niet opgenomen in KEI. De urenregistratie in KEI sluit nu aan met de

urenregistratie van de curator.

Inclusief correcties werden er tot en met deze verslagperiode 1078,5 uren aan

het faillissement besteed.

In deze verslagperiode werden 11,4 aan het faillissement + 107,0 uren aan de

procedure Rabobank besteedt.

13-09-2021

14

In de verslagperiode is met name aandacht besteed aan de procedure tegen

Rabobank.

07-03-2022

15

In de verslagperiode heeft Rabobank hoger beroep ingesteld tegen het vonnis

van de rechtbank waarbij de vorderingen van de curator zijn toegewezen.

07-09-2022

16

In de verslagperiode heeft de curator kennis genomen van de memorie van

grieven van Rabobank en een memorie van antwoord opgesteld en ingediend.

06-03-2023

17

In de verslagperiode is een datum bepaald voor een mondelinge behandeling

in de procedure tegen Rabobank.

05-06-2023

18

In de verslagperiode heeft er een mondelinge behandeling in de procedure

tegen Rabobank plaatsgevonden.

04-09-2023

19

In de verslagperiode heeft het Hof in een procedure tegen Rabobank

eindarrest gewezen.

29-11-2023

20

In de verslagperiode heeft de advocaat van de bank cassatie ingesteld. 28-02-2024

21

De curator volgt de procedure in cassatie. 22-05-2024

22

De curator heeft de procedure in cassatie gevolgd. 19-11-2024

24

Het cassatieberoep is ingetrokken door de advocaat van Rabobank. 19-02-2025

25

1. Inventarisatie

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

Geddes & Gillmore Retail is opgericht op 26 maart 2013. Sinds 1 januari 2014 is

de heer M. van Maaren enige bestuurder van Geddes & Gillmore Retail. Tot 1

januari 2014 was Geddes & Gillmore B.V. enig bestuurder. Van begin af aan is

Geddes & Gillmore B.V. enig aandeelhouder in het kapitaal van Geddes &

Gillmore Retail.

Geddes & Gillmore B.V. is eveneens enig aandeelhouder in het kapitaal van

Geddes & Gillmore Wholesale B.V. Bij vonnis van 14 april 2015 is Geddes &

Gillmore Wholesale eveneens in staat van faillissement verklaard met

benoeming van mr. R.G. Roeffen tot curator.

Bestuurder van Geddes & Gillmore B.V. is Dutch Fashion Group B.V. Enig

aandeelhouder en bestuurder van Dutch Fashion Group B.V. is TDP Invest B.V.

Enig aandeelhouder en bestuurder van TDP Invest B.V. is de heer M.A.F.W. de

Prenter.

Er is geen raad van commissarissen.

01-04-2019

9

Door een drietal verhuurders waren voor datum faillissement dagvaardingen

uitgebracht. Het betrof afzonderlijke geschillen met de verhuurders van de

locaties in Den Bosch, Lelystad en Wassenaar. Geen van deze dagvaardingen

zijn uiteindelijk aangebracht.

01-04-2019

9

Alle verzekeringen zijn inmiddels door de curator beëindigd. 01-04-2019

9

Zie verslag 6 april 2018. 01-04-2019

9

In 2013 zijn de vennootschappen failliet gegaan die zich tot dan toe

bezighielden met de exploitatie van het kledingmerk Geddes & Gillmore.

Geddes & Gillmore B.V. heeft de activa uit het faillissement van destijds

gekocht. Rabobank heeft deze doorstart gefinancierd. Geddes & Gillmore B.V.,

Geddes & Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale zouden gaan

samenwerken met United Fashion Group om op die wijze schaalvoordelen te

kunnen behalen. Deze samenwerking bracht niet hetgeen op voorhand werd

verwacht onder meer veroorzaakt doordat geen sprake was van integratie van

Geddes & Gillmore cs. in United Fashion Group. Uiteindelijk is United Fashion

Group in 2014 in staat van faillissement verklaard. Rabobank heeft er

vervolgens bij het bestuur aangedrongen een nieuwe investeerder aan te

trekken. In dat kader zijn diverse partijen in beeld geweest. Uiteindelijk heeft

dit echter niet tot het gewenste resultaat mogen leiden, als gevolg waarvan

Rabobank op 8 april 2015 het krediet heeft opgezegd.

01-04-2019

9

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

2. Personeel

Personeelsleden

35

Toelichting

Het salaris van het personeel is voldaan tot en met februari 2015, aldus de

bestuurder.

01-04-2019

9

Toelichting

Onbekend.

01-04-2019

9

Datum AantalToelichting

16-4-201535

totaal 35

Geen. 01-04-2019

9

3. Activa

Geen. 01-04-2019

9

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Inventaris -/- kosten € 15.001,04
Vervoermiddelen -/- kosten € 2.557,72
totaal € 17.558,76 € 0,00

Geddes & Gillmore Retail beschikt over een volledige bedrijfsinventaris, welke

op 6 maart 2015 in opdracht van de pandhouder Rabobank is getaxeerd door

NTAB.

De inventaris van de winkelfilialen en de opslagruimte die gehuurd werden

door Geddes & Gillmore Wholesale is (deels onderhands en deels middels een

veiling) verkocht voor een bedrag van in totaal € 26.345,75 inclusief btw.

Hierop dienen de verkoopkosten van NTAB van € 7.896,50 inclusief btw in

mindering te worden gebracht. Voorts dient de opbrengst van de inventaris

nog te worden verdeeld tussen de boedels van Geddes & Gillmore Retail en

Geddes & Gillmore Wholesale. De inventaris afkomstig uit de winkelfilialen is

eigendom van Geddes & Gillmore Retail, de inventaris in de opslagruimte is

eigendom van Geddes & Gillmore Wholesale. Na verdeling van de opbrengst

blijft er een bedrag van € 15.001,04 aan netto opbrengst over in het

faillissement van Geddes & Gillmore Retail en € 4.167,01 in het faillissement

van Geddes & Gillmore Wholesale.

Er is btw in rekening gebracht over de opbrengst van de inventaris. Aangezien

het hier echter actief betreft waarop een pandrecht rust van de bank is de

verleggingsregeling van toepassing.

De btw zal de curator te zijner tijd afdragen. De btw over de opbrengst van de

inventaris is in het financieel verslag als een af te dragen post verwerkt.

01-04-2019

9

De curator heeft vernomen dat de aangifte loonbelasting heeft

plaatsgevonden tot en met februari 2015. De loonbelasting zou zijn

afgedragen tot en met november 2014. De fiscus heeft echter alleen over de

maanden januari en februari 2015 vorderingen ter zake loonheffing ingediend.

De curator heeft vernomen dat de aangifte omzetbelasting heeft

plaatsgevonden en dat de omzetbelasting is voldaan tot en met het vierde

kwartaal van 2014. De fiscus heeft enkel over het eerste kwartaal 2015

vorderingen ter zake de omzetbelasting ingediend.

De curator zal bij een uitdeling rekening houden met het bodemvoorrecht van

de fiscus.

01-04-2019

9

Geen. 01-04-2019

9

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Voorraden € 5.347,37
Voorraden € 742.547,69
Af: Rabobank, pandrecht voorraden € -742.547,69
totaal € 5.347,37 € 0,00

Toelichting voorraden / onderhanden werk

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

Geddes & Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale beschikten over een

voorraad dames-, heren- en kinderkleding en accessoires. Deze voorraad

bevond zich ten tijde van de uitspraak van het faillissement in de diverse

winkelfilialen en in het distributiecentrum te Engelen. Als gevolg van de sluiting

van een aantal winkelfilialen begin 2015 is een deel van de winkelvoorraden

verplaatst naar de overige filialen en het distributiecentrum.

Rabobank heeft zich op het standpunt gesteld dat zij pandhouder is ten

aanzien van de gehele voorraad. Rabobank heeft haar pandrecht uitgeoefend

en met toestemming van de voorzieningenrechter een onderhandse uitverkoop

plaats laten vinden vanuit de diverse winkelfilialen. De curator heeft het

pandrecht ten aanzien van de aanwezige voorraad erkend.

In de periode van 14 april 2015 tot en met 28 mei 2015 heeft de bank een

verkoopopbrengst van de voorraad gerealiseerd van € 747.895,06, waarvan €

129.799,97 btw. De boedel heeft van de bank een kostenvergoeding van €

125.000,00 (zie 5.5) ontvangen. Een deel daarvan is aangewend voor out of

pocket kosten van € 21.477,79 waarvan € 3.718,14 btw. De curator heeft over

deze periode een boedelbtw-aangifte gedaan van € 126.081,83. De

Belastingdienst heeft die aangifte gevolgd en ter zake een aanslag opgelegd.

De curator heeft bedongen dat de bank de boedel vrijwaart voor mogelijke

aanspraken van de fiscus in verband met een eventuele btw-aanslag. De

curator is voorts met de bank overeengekomen dat de bank in

samenwerking/overleg met de boedel verweer mag voeren tegen de aanslag

en dat de kosten daarvan voor rekening van de bank komen. De advocaat van

de bank heeft inmiddels aangegeven dat er verweer zal worden gevoerd.

Hierover is een gerechtelijke procedure gevoerd. De curator verwijst naar

paragraaf 9.

Met Rabobank is overeengekomen dat Rabobank een bedrag ad € 125.000,-

voldoet aan de boedel in verband met de door de boedel verleende

medewerking aan de onderhandse verkoop van de voorraad door Rabobank.

De verdeling van de boedelbijdrage tussen de boedel van Geddes & Gillmore

Retail en Geddes & Gillmore Wholesale heeft plaatsgevonden. Een deel van de

door Rabobank betaalde boedelbijdrage ziet op door de boedel in verband met

de uitverkoop gemaakte operationele kosten en de voldoening van

dwangcrediteuren. De kosten zijn in kaart gebracht en verdeeld over beide

boedels. De bank had het bedrag van € 125.000,- overgemaakt naar de

boedelrekening van Geddes & Gillmore Retail. Daarop strekken in eerste

instantie in mindering de out of pocketkosten en het salaris van de curator

over de periode tot en met 11 mei 2015. Het restant is dan € 72.791,39. Dit is

vervolgens verdeeld over beide boedels. Op basis van de werkelijke kosten

komt 88,91% van de kosten voor rekening van Geddes & Gillmore Retail en

11,09% voor rekening van Geddes & Gillmore Wholesale. Deze percentages

zijn vervolgens ook toegepast op het restant. In dat geval komt aan Geddes &

Gillmore Wholesale een bedrag van € 8.071,07 toe dat reeds is doorgestort

naar de boedelrekening van Geddes & Gillmore Wholesale. Het bedrag dat

overblijft komt toe aan de boedel van Geddes & Gillmore Retail.

01-04-2019

9

Het bedrag ter zake de out of pocketkosten is gewijzigd ten opzichte van

verslag 9 aangezien er nog een afrekening heeft plaatsgevonden met E-on.

Het definitieve bedrag ter zake de out of pocketkosten bedraagt derhalve €

20.534,43. Dit is eveneens verwerkt en zichtbaar in het financieel verslag.

07-03-2022

15

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage

Overigen (creditcard) € 289,52
Bankrente € 561,20

Proceskostenfinanciering Rabobank procedure

ontvanger

€ 14.621,18

Schikking (ingeroepen pauliana) € 7.900,00
Proceskostenfinanciering door UWV € 30.250,00

Kostenvergoeding conform afspraak Rabobank

mbt uitverkoop

€ 54.711,26

OB boedel € 42.797,00
Kasgelden € 3.326,45
proceskostenvergoedingen door RabobankK € 4.392,81
totaal € 158.849,42 € 0,00

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

De curator heeft een procedure gevoerd tegen de belastingdienst. Die

procedure is op kosten van de Rabobank gevoerd. In dat kader heeft

Rabobank een proceskostenfinanciering van € 14.621,18 beschikbaar gesteld.

De curator heeft met één van de bestuurders een schikking getroffen in

verband met een door hem ingeroepen pauliana. In het kader daarvan heeft

de bestuurder € 7.900 aan de boedel betaald.

De curator heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de positie van Rabobank

voorafgaand aan het faillissement, meer in het bijzonder naar de datum

waarop Rabobank in de optiek van de curator niet langer meer te goeder

trouw was. Die werkzaamheden zijn genoteerd in dossier Geddes & Gillmore /

Rabobank. De kosten bedroegen over de periode 24 september 2018 tot en

met 15 september 2019 € 23.422,36. De curator van Geddes & Gillmore Retail

heeft die kosten voldaan en voor de helft doorbelast aan de boedel van

Geddes & Gillmore Wholesale. Het gaat om een bedrag van € 11.711,18. Er

worden niet meer kosten aan Geddes & Gillmore Wholesale in dat kader

doorbelast.

Tot slot heeft het UWV een proceskostenfinanciering beschikbaar gesteld van €

30.250. Zie verder paragraaf 9.

24-03-2021

13

De aan Geddes & Gillmore Wholesale doorbelaste kosten van € 11.711,18 zijn

in het financieel verslag verwerkt onder sub B betaalde boedelkosten en niet

meer verantwoord als overige activa.

De eerder onder rubriek overige opbrengsten van € 1.605,36 genoemde

premierestituties zijn in het financiele verslag verplaatst naar de rubriek kosten

uitverkoop. Deze opbrengsten hadden betrekking op teruggaves EON na

sluiten van de winkels.

13-09-2021

14

Voor de overzichtelijkheid in het financiële verslag is er alsnog voor gekozen

om de kostenvergoeding van de bank en de kosten van de uitverkoop (zoals

omschreven onder verslag 9 bij punt 3.6) op een andere manier weer te

geven. Hiervoor wordt verwezen naar het financiële verslag.

07-03-2022

15

Rabobank heeft aan de boedel de proceskosten waartoe zij was veroordeeld

betaald. In dat verband heeft de boedel een bedrag van € 1683,81 ontvangen.

07-09-2022

16

In hoger beroep is Rabobank eveneens veroordeeld in de proceskosten. In dat

verband heeft de boedel een bedrag van € 2.709 ontvangen.

19-11-2024

24

Geen. 01-04-2019

9

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

5.1 Vordering van bank(en)

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

4. Debiteuren

Omdat Geddes & Gillmore Retail de verkoop vanuit de winkels deed zijn er

geen debiteuren.

01-04-2019

9

Geen. 01-04-2019

9

5. Bank / Zekerheden

€ 6.817.184,12

Toelichting vordering van bank(en)

Rabobank heeft een vordering ter grootte van € 6.817.184,12 bij de curator

ingediend. Daarop strekken in mindering alle opbrengsten die Rabobank heeft

gerealiseerd in verband met verkoop verpande voorraden, opbrengsten

debiteuren en eventuele geïnde borgstellingen.

01-04-2019

9

Toelichting vordering van bank(en)

Op de vordering van Rabobank strekken in mindering de netto

verkoopopbrengsten bedragen die gerealiseerd zijn vanuit verkoop van

verpande goederen. De hoogste netto-opbrengst is gerealiseerd uit verkoop

van verpande voorraad. De netto-verkoopopbrengst bedroeg € 742.547,69. De

curator heeft geen goed zicht op de restantvordering van Rabobank. Omdat

die vordering concurrent is en er geen uitdeling aan concurrente schuldeisers

zal plaatsvinden, acht de curator het nodig de hoogte van die vordering exact

vast te stellen.

19-11-2024

24

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

Volgens Rabobank:

verpanding van inventaris, voorraden, vorderingen op derden,

kastegoeden, domeinnamen en IE-rechten;

verpanding van (certificaten van) aandelen van Geddes & Gillmore B.V.,

Geddes & Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale;

hoofdelijke aansprakelijkheid van Geddes & Gillmore Wholesale en

Geddes & Gillmore B.V.

01-04-2019

9

De curator voert nog een discussie met de (advocaat) van de bank ten aanzien

van de vraag of de bank in de periode voorafgaand aan het faillissement al

dan niet te goeder trouw binnengekomen bedragen heeft verrekend. Die

discussie is nog niet beslecht.

04-10-2018

5

De curator heeft de in 5.3 genoemde zekerheden van Rabobank erkend, met

uitzondering van het pandrecht ten aanzien van het kastegoed.

01-04-2019

9

De curator gaat er van uit dat in de komende verslagperiode de discussie met

de (advocaat van de bank) ten aanzien van de vraag of de bank in de periode

voorafgaand aan het faillissement al dan niet te goeder trouw binnengekomen

bedragen heeft verrekend, is beslecht.

01-10-2019

10

De curator is er niet in geslaagd om in de verslagperiode de discussie met (de

advocaat van) de bank ten aanzien van de vraag of de bank in de periode

voorafgaand aan het faillissement al dan niet te goeder trouw binnengekomen

bedragen heeft verrekend, te beslechten. De discussie lijkt wel in een eindfase

te zijn gekomen. De verwachting is daarom gerechtvaardigd dat die discussie

in de komende verslagperiode definitief zal zijn beslecht.

30-03-2020

11

De curator heeft een concept dagvaarding aan (de advocaat van) de bank

toegestuurd. Naar aanleiding daarvan heeft er telefonisch overleg met de

advocaten van de bank plaatsgevonden. Daarbij zijn enkele praktische

uitgangspunten tussen partijen overeengekomen voor het voeren van een

procedure, zulks onder voorbehoud van goedkeuring van de rechter-

commissaris. In de procedure zal een rechtsvraag beantwoord moeten

worden, inhoudende in hoeverre een bank bevoegd is om niet verpande

vorderingen die ontstaan zijn als gevolg van verkoop van verpande voorraad

te verrekenen vanaf de( peil)datum dat de bank niet meer te goeder trouw is.

De curator is bezig met het verkrijgen van boedelfinanciering. De rechtsvraag

speelt in meerdere retail faillissementen.

29-09-2020

12

De curator verwijst naar paragraaf 9 van dit verslag. 24-03-2021

13

Afgewikkeld (zie verslag 6 april 2018). 01-04-2019

9

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

Toelichting

De boedel heeft voor haar medewerking aan de onderhandse verkoop vanuit

de diverse winkelfilialen een vergoeding ter grootte van €125.000,- ontvangen.

Deze vergoeding is door de curator verdeeld tussen de boedels van Geddes &

Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale (zie paragraaf 3.6).

01-04-2019

9

De advocaat van de bank heeft zich op het standpunt gesteld dat de bank in

de periode voorafgaand aan het faillissement binnengekomen bedragen heeft

verrekend en dat zij daarbij wel te goeder trouw is geweest. Deze discussie

loopt nog.

01-04-2019

9

De curator heeft de discussie voortgezet en een voorstel gedaan om de zaak

te regelen.

01-10-2019

10

De curator voert nog steeds een discussie met (de advocaat van) de bank. 30-03-2020

11

De curator is bezig met het voorbereiden van een procedure tegen de bank. 29-09-2020

12

Zie verder paragraaf 9. 24-03-2021

13

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

De dag voorafgaand aan de uitspraak van het faillissement waren de winkels

reeds gesloten. De curator verwijst naar het verslag van 6 april 2018.

01-04-2019

9

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

Zie verslag 6 april 2018. 01-04-2019

9

Geen. 01-04-2019

9

Doorstarten onderneming

Er heeft geen doorstart plaatsgevonden. 01-04-2019

9

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

Toelichting

Geen.

01-04-2019

9

Toelichting

Niet van toepassing.

01-04-2019

9

Geen. 01-04-2019

9

7. Rechtmatigheid

De boekhouding maakt een verzorgde indruk. De curator zal nog wel

onderzoeken of aan de boekhoudplicht is voldaan. Het onderzoek loopt nog.

01-04-2019

9

Het onderzoek is afgerond. Er zijn geen termen aanwezig om de bestuurder

aansprakelijk te houden voor schending van de boekhoudplicht.

01-10-2019

10

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

2014: 13-03-2015 gedeponeerd

2013: 30-10-2014 gedeponeerd

01-04-2019

9

Niet van toepassing. 01-04-2019

9

Afgerond (zie verslag 6 april 2018). 01-04-2019

9

Toelichting

In onderzoek.

01-04-2019

9

Nee

Toelichting

De curator heeft zijn onderzoek naar onbehoorlijk bestuur afgerond. Er zijn

geen termen aanwezig om het bestuur aansprakelijk te houden voor

onbehoorlijk bestuur.

01-10-2019

10

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

Toelichting

De curator heeft vastgesteld dat ondanks oplopende verliezen maandelijks de

management fee grotendeels aan de bestuurder is betaald. De curator heeft

zich op het standpunt gesteld dat een deel van die betalingen paulianeus

kunnen zijn dan wel onrechtmatig geweest zijn jegens de crediteuren van

Wholesale. De curator is in overleg getreden met de bestuurder om te bezien

of een schikking mogelijk is.

04-10-2018

5

Toelichting

De curator is nog bezig om een schikking te bewerkstelligen.

01-04-2019

9

Ja

Toelichting

De curator heeft met toestemming van de rechter-commissaris een schikking

met de bestuurder getroffen. In het kader van die schikking dient de

bestuurder een bedrag van

€ 7.900 aan de boedel te betalen. Betaling vindt plaats in maandelijkse

termijnen van € 900. Daartoe heeft de curator een vaststellingsovereenkomst

met de bestuurder gesloten. In de tussentijd is er al € 4.500 betaald. Bij

nakoming van die vaststellingsovereenkomst zal de laatste termijnbetaling in

december 2019 plaatsvinden.

01-10-2019

10

Toelichting

De bestuurder is in beide faillissementen de vaststellingsovereenkomst volledig

nagekomen.

30-03-2020

11

Geen. 01-04-2019

9

De curator heeft een aantal transacties als paulianeus gekwalificeerd en

daarvan de pauliana ingeroepen. De curator is bezig om een schikking te

bewerkstelligen.

04-10-2018

5

Schikkingsonderhandelingen

01-04-2019

9

De curator heeft een schikking met de bestuurder getroffen ten aanzien van

een aantal als paulianeus gekwalificeerde betalingen.

01-10-2019

10

De curator heeft gemonitoord of de bestuurder wel aan zijn

betalingsverplichtingen heeft voldaan.

30-03-2020

11

8.1 Boedelvorderingen

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

8. Crediteuren

€ 239.233,02

Toelichting

UWV: 132.742,61

Verhuurders: € 106.490,41

01-04-2019

9

€ 30.250,00

Toelichting

boedelfinanciering UWV

19-11-2024

24

€ 269.483,02

Toelichting

Salaris curator: P.M.

UWV - boedelfinanciering ivm procedure Rabobank: EUR 30.250

UWV - premies opzegtermijn: EUR 19.128,76

UWV - loonverplichtingen vanaf datum faillissement: EUR 106.697,52

UWV - pensioenpremies: EUR 6.916,33

Huur OG vanaf datum faillissement: EUR 106.490,41

19-02-2025

25

€ 200.973,00

01-04-2019

9

€ 71.797,53

Toelichting

Door de Belastingdienst is een aanslag ex art 29 lid 7 WOB ad € 150.000,-

ingediend. De tot op heden ingediende vorderingen zijn echter slechts belast

met omzetbelasting ad € 20.824,53.

13-09-2021

14

€ 71.797,53

Toelichting

De Belastingdienst heeft in eerste instantie een te hoge aanslag ex art 29 lid 7

WOB opgelegd. Gelet op de omvang van de concurrente schulden is voor deze

vordering een bedrag van € 20.824,53 genoteerd.

19-11-2024

24

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

€ 95.313,00

01-04-2019

9

€ 96.589,89

29-09-2020

12

€ 178,77

Toelichting

Een ex-werknemer: € 178,77

01-04-2019

9

55

01-04-2019

9

53

13-09-2021

14

€ 7.844.879,74

Toelichting

Door concurrente crediteuren is in totaal een bedrag van € 7.844.879,74 aan

vorderingen ingediend (inclusief bankschuld ad € 6.516.675,98). Een vordering

van Eon Benelux B.V. ter grootte van € 36.452,01 is geplaatst op de lijst van

voorlopig betwiste concurrente schuldvorderingen. Volgens de curator heeft

deze een vordering op de moedervennootschap.

01-04-2019

9

Vooralsnog onbekend. 01-04-2019

9

Opheffing bij gebrek aan baten. 24-03-2021

13

Bijwerken crediteurenadministratie. 01-04-2019

9

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

9. Procedures

Zie verslag van 6 april 2018. 01-04-2019

9

Geddes & Gillmore / Rabobank

Aard van de procedure: er loopt een civiele procedure tussen Geddes &

Gillmore Retail en de Rabobank.

Bij exploot van 7 januari 2021 heeft de curator Rabobank gedagvaard. In die

procedure gaat het om de vraag in hoeverre Rabobank bevoegd was om vanaf

het moment dat zij niet meer te goede trouw was binnenkomende betalingen

van klanten van Geddes & Gillmore Retail te verrekenen met haar vordering op

Geddes & Gillmore Retail. Het gaat om betalingen die zijn verricht in de periode

vanaf 18 maart 2015 tot en met 8 april 2015. Kort daarna is het faillissement

van Geddes & Gillmore Retail uitgesproken. De curator stelt zich op het

standpunt dat het bepaalde in artikel 54 van de Faillissementwet in de weg

staat aan verrekening.

Op 3 maart 2021 heeft Rabobank een conclusie van antwoord genomen. Uit

die conclusie blijkt dat Rabobank zich op het standpunt stelt dat, kort gezegd,

de pinbetalingen van klanten van Geddes & Retail betrekking hadden op het

kopen van aan de Rabobank verpande voorraad. In de optiek van de

Rabobank staat daarom het bepaalde in de artikel 54 van de Faillissementswet

niet aan verrekening in de weg.

De rechtbank heeft de zaak op verzoek van partijen verwezen naar de rol van

28 april 2021 voor het nemen van een conclusie van repliek door de curator. Er

vindt geen comparitie van partijen plaats.

In het geval de boedel in het gelijk wordt gesteld is Rabobank gehouden een

bedrag van € 130.000 te betalen. Partijen hebben hierover voorafgaand aan

de procedure al overeenstemming bereikt. Partijen konden echter geen

overeenstemming bereiken over de aard van eventuele verschuldigde rente. In

de optiek van de curator is Rabobank gehouden om de wettelijke handelsrente

te vergoeden. De Rabobank stelt zich op het standpunt dat er geen rente is

verschuldigd, danwel dat deze moet worden gematigd.

24-03-2021

13

De curator heeft een conclusie van repliek genomen. De Rabobank heeft een

conclusie van dupliek genomen. Vervolgens hebben partijen vonnis gevraagd.

De zaak staat op de rol van 22 september 2021 voor vonnis. De rechtbank kan

dan vonnis wijzen maar kan ook de zaak aanhouden. In het laatste geval zal

er pas later uitspraak worden gedaan.

13-09-2021

14

De rechtbank heeft een aantal keren het doen van een uitspraak

aangehouden. De zaak staat op de rol van 9 maart 2022. Het is onzeker of de

rechtbank dan uitspraak zal doen.

07-03-2022

15

Geddes & Gillmore / Rabobank 28-02-2024

21

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

Zie verslag van 6 april 2018. 01-04-2019

9

civiele procedure tussen de boedel en Rabobank. 07-09-2022

16

Aard van de procedure:

er loopt bij de Hoge Raad een civiele procedure tussen Geddes & Gillmore

Retail en de Rabobank.

28-02-2024

21

De advocaat van Rabobank heeft na het nemen van de conclusie door de

Procureur Generaal het cassatieberoep ingetrokken.

19-02-2025

25

De door de Belastingdienst opgelegde btw-aanslag ter grootte van in totaal €

128.871,91 is als een niet-verifieerbare vordering genoteerd.

04-10-2018

5

Er loopt geen procedure meer. De Hoge Raad heeft uitspraak gedaan (zie

verslag 6 april 2018).

01-04-2019

9

De zaak staat op de rol van 28 april 2021 voor repliek. 24-03-2021

13

De zaak staat op de rol van 22 september 2021 voor vonnis. 13-09-2021

14

Bij vonnis van 6 april 2022 heeft de rechtbank geoordeeld dat Rabobank in een

korte periode voor faillissement niet bevoegd was binnengekomen

pinbetalingen op de bankrekening van Geddes & Gillmore Retail te verrekenen

met haar vorderingen op Geddes & Gillmore Retail. In verband met die

uitspraak dient Rabobank aan de boedel van Geddes & Gillmore Retail een

bedrag van EUR 130.000 te betalen, te vermeerderen met rente. Rabobank

heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak en dient een memorie van

grieven te nemen.

De problematiek van verrekening speelt niet bij Geddes @ Gillmore Wholesale.

Omdat de curator verder niet gebleken is dat de procedure in het faillissement

van Geddes @ Gillmore Wholesale nog tot een bate zal leiden zal hij overgaan

tot afwikkeling van laatstgenoemd faillissement.

07-09-2022

16

Rabobank heeft een memorie van grieven genomen. De curator heeft een

memorie van antwoord genomen. Rabobank heeft pleidooi gevraagd. Een

datum voor pleidooi dient nog te worden vastgesteld.

06-03-2023

17

Het hof heeft een mondelinge behandeling van de zaak gepland op 13 juli

2023.

05-06-2023

18

OP 13 juli 2023 heeft een mondelinge behandeling van de zaak tegen

Rabobank plaatsgevonden. De zaak staat voor uitspraak op de rolzitting van

26 september 2023.

04-09-2023

19

9.4 Werkzaamheden procedures

Het Hof heeft op 5 september 2023 uitspraak gedaan en het vonnis van de

rechtbank bekrachtigd. Voorts is Rabobank in de proceskosten veroordeeld van

€ 2.709. Betaling hiervan heeft plaatsgevonden.

Rabobank heeft aangekondigd cassatie te zullen instellen. Rabobank heeft

aangegeven dat een oordeel van de Hoge Raad voor de rechtspraktijk van

belang is. De dagvaarding is nog niet betekend.

29-11-2023

20

Rabobank heeft cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De curator is op 11

december 2023 opgeroepen voor die procedure. De curator heeft overleg

gepleegd met een tweetal cassatie-advocaten. De curator heeft mede naar

aanleiding daarvan besloten om niet verschenen in de procedure.

De advocaat van Rabobank heeft een procesinleiding ingediend. De zaak staat

op de rol van 12 april 2024 voor schriftelijke toelichting.

28-02-2024

21

De zaak is verwezen naar de rol van 27 september 2024 voor conclusie

Procureur-Generaal.

22-05-2024

22

De curator is in afwachting van de conclusie van de Procureur-Generaal 19-08-2024

23

De Procureur-Generaal heeft op 27 september 2024 geconcludeerd en alle

door Rabobank ingestelde cassatiemiddelen inhoudelijk afgewezen. Voorts

heeft de Procureur-Generaal geconcludeerd dat het cassatieberoep zich leent

voor toepassing van art 81 RO.

Rabobank heeft kennis genomen van deze conclusie. Dat was aanleiding voor

Rabobank om de procedure vervolgens in te trekken. Daarmee staat vast dat

het beroep van Rabobank op verrekening faalt en aan de boedel een bedrag

van € 130.000, te vermeerderen met rente dient te betalen. De curator zal

Rabobank verzoeken om het door haar verschuldigde aan de boedel te

betalen.

19-11-2024

24

Rabobank heeft inclusief rente een bedrag van € 169.283,60 aan de boedel

betaald.

19-02-2025

25

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

Geen. 01-04-2019

9

Overleg advocaten Rabobank in verband met het voeren van een civiele

procedure waarin een rechtsvraag centraal staat. Opstellen en uitbrengen

dagvaarding.

24-03-2021

13

Bestuderen processtukken, opstellen conclusie van repliek. 13-09-2021

14

dagvaarding in hoger beroep 07-09-2022

16

opstellen memorie van antwoord en rolhandelingen 06-03-2023

17

voorbereiden mondelinge behandeling bij het Hof en deelname aan zitting bij

het Hof.

04-09-2023

19

bestuderen uitspraak Hof 29-11-2023

20

bestuderen procesinleiding en overleg cassatie-advocaten 28-02-2024

21

monitoren cassatieberoep 19-11-2024

24

mailverkeer Rabobank ivm betaling aan boedel. 19-02-2025

25

10. Overig

onderzoek rechtmatigheid;

financiële afwikkeling Rabobank;

beslechten discussie pauliana.

04-10-2018

5

onderzoek rechtmatigheid (afgerond);

financiële afwikkeling Rabobank;

beslechten discussie pauliana (afgerond).

01-10-2019

10

Beslechten discussie met Rabobank over verrekening. 30-03-2020

11

Procedure Rabobank. 24-03-2021

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

13

De procedure tegen Rabobank is geëindigd. De curator zal Rabobank

verzoeken het bedrag van € 130.000, te vermeerderen met rente, aan de

boedel te betalen. Het faillissement zal vervolgens gereed worden gemaakt

voor afwikkeling.

19-11-2024

24

Omdat Rabobank het verschuldigde heeft betaald en er geen

werkzaamheden meer resteren voor inning van actief zal het faillissement

gereed worden gemaakt voor afwikkeling.

Voor zover thans valt te overzien zal alleen een deel van de preferente

boedelschulden worden voldaan. Er is onvoldoende actief om de overige

schulden te voldoen.

Het faillissement zal naar verwachting binnenkort wegens gebrek aan baten

worden opgeheven.

19-02-2025

25

Onbekend. 01-04-2019

9

Onbekend. 24-03-2021

13

vermoedelijk komende verslagperiode 19-11-2024

24

binnen enkele maanden. Dit is een eindverslag 19-02-2025

25

Vanaf april 2018 hanteert de rechtbank een nieuw format voor

faillissementsverslagen. In verband hiermee worden in dit verslag louter de

wijzigingen ten opzichte van het vorige verslag weergegeven. Voor alle andere

informatie, wordt verwezen naar de inhoud van de voorgaande verslagen.

04-10-2018

5

Bijlagen