Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Toelichting financiële gegevens
Betreft
Algemene gegevens
Geddes & Gillmore Retail B.V. 04-10-2018
5
De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid Geddes & Gillmore
Retail B.V., hierna te noemen: Geddes & Gillmore Retail", statutair gevestigd te
Amsterdam en kantoorhoudende te (5221 EA) Engelen, aan de Meerheuvel 19,
ingeschreven bij de Kamer van Koophandel te Brabant onder nummer
57567174.
04-10-2018
5
De gefailleerde vennootschap hield zich bezig met detailhandel in kleding,
accessoires en aanverwante modeartikelen, al dan niet middels de exploitatie
van winkels, outlets, webwinkels of andersoortige afzetmogelijkheden.
04-10-2018
5
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
De cijfers 2013 zijn gebaseerd op een jaarrekening. De cijfers 2014 en 2015
zijn gebaseerd op kolommenbalansen.
01-04-2019
9
35
04-10-2018
5
€ 15.668,26
04-10-2018
5
€ 10.524,79
01-04-2019
9
€ 15.037,41
01-10-2019
10
€ 18.462,96
30-03-2020
11
€ 0,00
29-09-2020
12
€ 16.060,96
24-03-2021
13
€ 16.076,13
13-09-2021
14
€ 16.091,53
Toelichting
Het boedelsaldo is toegenomen vanwege bijgekweekte rente.
07-03-2022
15
€ 10.088,57
07-09-2022
16
€ 25.011,75
Toelichting
Er heeft een tussentijdse teruggave plaatsgevonden van de boedel-btw.
06-03-2023
17
€ 24.995,85
05-06-2023
18
€ 24.979,95
04-09-2023
Verslagperiode
19
€ 27.673,05
Toelichting
Het boedelsaldo is toegenomen vanwege ontvangst van een
proceskostenveroordeling aan de zijde van Rabobank.
29-11-2023
20
€ 27.657,15
Toelichting
Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.
28-02-2024
21
€ 27.641,25
Toelichting
Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.
22-05-2024
22
€ 27.625,35
Toelichting
Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.
19-08-2024
23
€ 27.609,45
Toelichting
Het boedelsaldo is afgenomen vanwege bancaire kosten.
19-11-2024
24
van
3-4-2018
t/m
23-9-2018
04-10-2018
5
van
24-9-2018
t/m
24-3-2019
01-04-2019
9
van
25-3-2019
t/m
15-9-2019
01-10-2019
10
van
16-9-2019
t/m
15-3-2020
30-03-2020
11
van
16-3-2020
t/m
20-9-2020
29-09-2020
12
van
21-9-2020
t/m
14-3-2021
24-03-2021
13
van
15-3-2021
t/m
8-9-2021
13-09-2021
14
van
9-9-2021
t/m
4-3-2022
07-03-2022
15
van
5-3-2022
t/m
6-9-2022
07-09-2022
16
van
7-9-2022
t/m
3-3-2023
06-03-2023
17
van
4-3-2023
t/m
2-6-2023
05-06-2023
18
van 04-09-2023
Bestede uren
3-6-2023
t/m
25-8-2023
19
van
26-8-2023
t/m
24-11-2023
29-11-2023
20
van
25-11-2023
t/m
23-2-2024
28-02-2024
21
van
24-2-2024
t/m
17-5-2024
22-05-2024
22
van
18-5-2024
t/m
17-8-2024
19-08-2024
23
van
18-8-2024
t/m
15-11-2024
19-11-2024
24
Bestede uren
Toelichting bestede uren
VerslagperiodeBestede uren
totaal 1.195 uur 36 min
Totaal werden er 641,10 uren aan dit faillissement besteed. 04-10-2018
5
Totaal werden er 675,10 uren aan dit faillissement besteed. 01-04-2019
9
In de verslagperiode is 31 uur besteed; in totaal zijn 706,10 uur besteed.
In de verslagperiode is een schikking met de bestuurder getroffen. Voorts
heeft de curator de discussie met de (advocaat van) de bank ten aanzien van
de vraag of de bank in de periode voorafgaand aan het faillissement al dan
niet te goeder trouw binnengekomen bedragen heeft verrekend, voortgezet.
01-10-2019
10
In de verslagperiode heeft de curator gemonitord of de bestuurder de met hem
getroffen schikking is nagekomen. Verder heeft de curator de discussie met (de
advocaat van) de bank ten aanzien van de vraag of de bank in de periode
voorafgaand aan het faillissement al dan niet te goeder trouw binnengekomen
bedragen heeft verrekend, voortgezet.
30-03-2020
11
In de verslagperiode heeft de curator de discussie met de bank voortgezet en
haar een concept dagvaarding toegestuurd.
29-09-2020
12
1.1 Directie en organisatie
Totaal werden er 995,8 uren aan het faillissement besteed. In de
verslagperiode heeft de curator met name aandacht besteed aan overleg met
de (advocaten van) de Rabobank en met het redigeren van een dagvaarding.
24-03-2021
13
In de verslagperiode is met name aandacht besteed aan de procedure tegen
Rabobank.
In dit verslag zijn correcties doorgevoerd in de totale urenregistratie. De uren
die zijn gerapporteerd in de oude verslagen die niet in KEI staan zijn voorheen
niet opgenomen in KEI. De urenregistratie in KEI sluit nu aan met de
urenregistratie van de curator.
Inclusief correcties werden er tot en met deze verslagperiode 1078,5 uren aan
het faillissement besteed.
In deze verslagperiode werden 11,4 aan het faillissement + 107,0 uren aan de
procedure Rabobank besteedt.
13-09-2021
14
In de verslagperiode is met name aandacht besteed aan de procedure tegen
Rabobank.
07-03-2022
15
In de verslagperiode heeft Rabobank hoger beroep ingesteld tegen het vonnis
van de rechtbank waarbij de vorderingen van de curator zijn toegewezen.
07-09-2022
16
In de verslagperiode heeft de curator kennis genomen van de memorie van
grieven van Rabobank en een memorie van antwoord opgesteld en ingediend.
06-03-2023
17
In de verslagperiode is een datum bepaald voor een mondelinge behandeling
in de procedure tegen Rabobank.
05-06-2023
18
In de verslagperiode heeft er een mondelinge behandeling in de procedure
tegen Rabobank plaatsgevonden.
04-09-2023
19
In de verslagperiode heeft het Hof in een procedure tegen Rabobank
eindarrest gewezen.
29-11-2023
20
In de verslagperiode heeft de advocaat van de bank cassatie ingesteld. 28-02-2024
21
De curator volgt de procedure in cassatie. 22-05-2024
22
De curator heeft de procedure in cassatie gevolgd. 19-11-2024
24
1. Inventarisatie
Geddes & Gillmore Retail is opgericht op 26 maart 2013. Sinds 1 januari 2014 is
de heer M. van Maaren enige bestuurder van Geddes & Gillmore Retail. Tot 1
januari 2014 was Geddes & Gillmore B.V. enig bestuurder. Van begin af aan is
01-04-2019
9
1.2 Lopende procedures
1.3 Verzekeringen
1.4 Huur
1.5 Oorzaak faillissement
Geddes & Gillmore B.V. enig aandeelhouder in het kapitaal van Geddes &
Gillmore Retail.
Geddes & Gillmore B.V. is eveneens enig aandeelhouder in het kapitaal van
Geddes & Gillmore Wholesale B.V. Bij vonnis van 14 april 2015 is Geddes &
Gillmore Wholesale eveneens in staat van faillissement verklaard met
benoeming van mr. R.G. Roeffen tot curator.
Bestuurder van Geddes & Gillmore B.V. is Dutch Fashion Group B.V. Enig
aandeelhouder en bestuurder van Dutch Fashion Group B.V. is TDP Invest B.V.
Enig aandeelhouder en bestuurder van TDP Invest B.V. is de heer M.A.F.W. de
Prenter.
Er is geen raad van commissarissen.
Door een drietal verhuurders waren voor datum faillissement dagvaardingen
uitgebracht. Het betrof afzonderlijke geschillen met de verhuurders van de
locaties in Den Bosch, Lelystad en Wassenaar. Geen van deze dagvaardingen
zijn uiteindelijk aangebracht.
01-04-2019
9
Alle verzekeringen zijn inmiddels door de curator beëindigd. 01-04-2019
9
Zie verslag 6 april 2018. 01-04-2019
9
In 2013 zijn de vennootschappen failliet gegaan die zich tot dan toe
bezighielden met de exploitatie van het kledingmerk Geddes & Gillmore.
Geddes & Gillmore B.V. heeft de activa uit het faillissement van destijds
gekocht. Rabobank heeft deze doorstart gefinancierd. Geddes & Gillmore B.V.,
Geddes & Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale zouden gaan
samenwerken met United Fashion Group om op die wijze schaalvoordelen te
kunnen behalen. Deze samenwerking bracht niet hetgeen op voorhand werd
verwacht onder meer veroorzaakt doordat geen sprake was van integratie van
Geddes & Gillmore cs. in United Fashion Group. Uiteindelijk is United Fashion
Group in 2014 in staat van faillissement verklaard. Rabobank heeft er
vervolgens bij het bestuur aangedrongen een nieuwe investeerder aan te
trekken. In dat kader zijn diverse partijen in beeld geweest. Uiteindelijk heeft
dit echter niet tot het gewenste resultaat mogen leiden, als gevolg waarvan
Rabobank op 8 april 2015 het krediet heeft opgezegd.
01-04-2019
9
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
3.3 Bedrijfsmiddelen
2. Personeel
Personeelsleden
35
Toelichting
Het salaris van het personeel is voldaan tot en met februari 2015, aldus de
bestuurder.
01-04-2019
9
Toelichting
Onbekend.
01-04-2019
9
Datum AantalToelichting
16-4-201535
totaal 35
Geen. 01-04-2019
9
3. Activa
Geen. 01-04-2019
9
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Geddes & Gillmore Retail beschikt over een volledige bedrijfsinventaris, welke
op 6 maart 2015 in opdracht van de pandhouder Rabobank is getaxeerd door
NTAB.
De inventaris van de winkelfilialen en de opslagruimte die gehuurd werden
door Geddes & Gillmore Wholesale is (deels onderhands en deels middels een
veiling) verkocht voor een bedrag van in totaal € 26.345,75 inclusief btw.
Hierop dienen de verkoopkosten van NTAB van € 7.896,50 inclusief btw in
mindering te worden gebracht. Voorts dient de opbrengst van de inventaris
nog te worden verdeeld tussen de boedels van Geddes & Gillmore Retail en
Geddes & Gillmore Wholesale. De inventaris afkomstig uit de winkelfilialen is
eigendom van Geddes & Gillmore Retail, de inventaris in de opslagruimte is
eigendom van Geddes & Gillmore Wholesale. Na verdeling van de opbrengst
blijft er een bedrag van € 15.001,04 aan netto opbrengst over in het
faillissement van Geddes & Gillmore Retail en € 4.167,01 in het faillissement
van Geddes & Gillmore Wholesale.
Er is btw in rekening gebracht over de opbrengst van de inventaris. Aangezien
het hier echter actief betreft waarop een pandrecht rust van de bank is de
verleggingsregeling van toepassing.
De btw zal de curator te zijner tijd afdragen. De btw over de opbrengst van de
inventaris is in het financieel verslag als een af te dragen post verwerkt.
01-04-2019
9
De curator heeft vernomen dat de aangifte loonbelasting heeft
plaatsgevonden tot en met februari 2015. De loonbelasting zou zijn
afgedragen tot en met november 2014. De fiscus heeft echter alleen over de
maanden januari en februari 2015 vorderingen ter zake loonheffing ingediend.
De curator heeft vernomen dat de aangifte omzetbelasting heeft
plaatsgevonden en dat de omzetbelasting is voldaan tot en met het vierde
kwartaal van 2014. De fiscus heeft enkel over het eerste kwartaal 2015
vorderingen ter zake de omzetbelasting ingediend.
De curator zal bij een uitdeling rekening houden met het bodemvoorrecht van
de fiscus.
01-04-2019
9
Geen. 01-04-2019
9
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Toelichting voorraden / onderhanden werk
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
Geddes & Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale beschikten over een
voorraad dames-, heren- en kinderkleding en accessoires. Deze voorraad
bevond zich ten tijde van de uitspraak van het faillissement in de diverse
winkelfilialen en in het distributiecentrum te Engelen. Als gevolg van de sluiting
van een aantal winkelfilialen begin 2015 is een deel van de winkelvoorraden
verplaatst naar de overige filialen en het distributiecentrum.
Rabobank heeft zich op het standpunt gesteld dat zij pandhouder is ten
aanzien van de gehele voorraad. Rabobank heeft haar pandrecht uitgeoefend
en met toestemming van de voorzieningenrechter een onderhandse uitverkoop
plaats laten vinden vanuit de diverse winkelfilialen. De curator heeft het
pandrecht ten aanzien van de aanwezige voorraad erkend.
In de periode van 14 april 2015 tot en met 28 mei 2015 heeft de bank een
verkoopopbrengst van de voorraad gerealiseerd van € 747.895,06, waarvan €
129.799,97 btw. De boedel heeft van de bank een kostenvergoeding van €
125.000,00 (zie 5.5) ontvangen. Een deel daarvan is aangewend voor out of
pocket kosten van € 21.477,79 waarvan € 3.718,14 btw. De curator heeft over
deze periode een boedelbtw-aangifte gedaan van € 126.081,83. De
Belastingdienst heeft die aangifte gevolgd en ter zake een aanslag opgelegd.
De curator heeft bedongen dat de bank de boedel vrijwaart voor mogelijke
aanspraken van de fiscus in verband met een eventuele btw-aanslag. De
curator is voorts met de bank overeengekomen dat de bank in
samenwerking/overleg met de boedel verweer mag voeren tegen de aanslag
en dat de kosten daarvan voor rekening van de bank komen. De advocaat van
de bank heeft inmiddels aangegeven dat er verweer zal worden gevoerd.
Hierover is een gerechtelijke procedure gevoerd. De curator verwijst naar
paragraaf 9.
Met Rabobank is overeengekomen dat Rabobank een bedrag ad € 125.000,-
voldoet aan de boedel in verband met de door de boedel verleende
medewerking aan de onderhandse verkoop van de voorraad door Rabobank.
De verdeling van de boedelbijdrage tussen de boedel van Geddes & Gillmore
Retail en Geddes & Gillmore Wholesale heeft plaatsgevonden. Een deel van de
door Rabobank betaalde boedelbijdrage ziet op door de boedel in verband met
de uitverkoop gemaakte operationele kosten en de voldoening van
dwangcrediteuren. De kosten zijn in kaart gebracht en verdeeld over beide
boedels. De bank had het bedrag van € 125.000,- overgemaakt naar de
boedelrekening van Geddes & Gillmore Retail. Daarop strekken in eerste
instantie in mindering de out of pocketkosten en het salaris van de curator
over de periode tot en met 11 mei 2015. Het restant is dan € 72.791,39. Dit is
vervolgens verdeeld over beide boedels. Op basis van de werkelijke kosten
komt 88,91% van de kosten voor rekening van Geddes & Gillmore Retail en
11,09% voor rekening van Geddes & Gillmore Wholesale. Deze percentages
zijn vervolgens ook toegepast op het restant. In dat geval komt aan Geddes &
Gillmore Wholesale een bedrag van € 8.071,07 toe dat reeds is doorgestort
naar de boedelrekening van Geddes & Gillmore Wholesale. Het bedrag dat
overblijft komt toe aan de boedel van Geddes & Gillmore Retail.
01-04-2019
9
Het bedrag ter zake de out of pocketkosten is gewijzigd ten opzichte van
verslag 9 aangezien er nog een afrekening heeft plaatsgevonden met E-on.
Het definitieve bedrag ter zake de out of pocketkosten bedraagt derhalve €
20.534,43. Dit is eveneens verwerkt en zichtbaar in het financieel verslag.
07-03-2022
15
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
3.8 Andere activa
Toelichting andere activa
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Proceskostenfinanciering Rabobank procedure
ontvanger
€ 14.621,18
Kostenvergoeding conform afspraak Rabobank
mbt uitverkoop
€ 54.711,26
Toelichting andere activa
3.9 Werkzaamheden andere activa
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
De curator heeft een procedure gevoerd tegen de belastingdienst. Die
procedure is op kosten van de Rabobank gevoerd. In dat kader heeft
Rabobank een proceskostenfinanciering van € 14.621,18 beschikbaar gesteld.
De curator heeft met één van de bestuurders een schikking getroffen in
verband met een door hem ingeroepen pauliana. In het kader daarvan heeft
de bestuurder € 7.900 aan de boedel betaald.
De curator heeft uitgebreid onderzoek gedaan naar de positie van Rabobank
voorafgaand aan het faillissement, meer in het bijzonder naar de datum
waarop Rabobank in de optiek van de curator niet langer meer te goeder
trouw was. Die werkzaamheden zijn genoteerd in dossier Geddes & Gillmore /
Rabobank. De kosten bedroegen over de periode 24 september 2018 tot en
met 15 september 2019 € 23.422,36. De curator van Geddes & Gillmore Retail
heeft die kosten voldaan en voor de helft doorbelast aan de boedel van
Geddes & Gillmore Wholesale. Het gaat om een bedrag van € 11.711,18. Er
worden niet meer kosten aan Geddes & Gillmore Wholesale in dat kader
doorbelast.
Tot slot heeft het UWV een proceskostenfinanciering beschikbaar gesteld van €
30.250. Zie verder paragraaf 9.
24-03-2021
13
De aan Geddes & Gillmore Wholesale doorbelaste kosten van € 11.711,18 zijn
in het financieel verslag verwerkt onder sub B betaalde boedelkosten en niet
meer verantwoord als overige activa.
De eerder onder rubriek overige opbrengsten van € 1.605,36 genoemde
premierestituties zijn in het financiele verslag verplaatst naar de rubriek kosten
uitverkoop. Deze opbrengsten hadden betrekking op teruggaves EON na
sluiten van de winkels.
13-09-2021
14
Voor de overzichtelijkheid in het financiële verslag is er alsnog voor gekozen
om de kostenvergoeding van de bank en de kosten van de uitverkoop (zoals
omschreven onder verslag 9 bij punt 3.6) op een andere manier weer te
geven. Hiervoor wordt verwezen naar het financiële verslag.
07-03-2022
15
Rabobank heeft aan de boedel de proceskosten waartoe zij was veroordeeld
betaald. In dat verband heeft de boedel een bedrag van € 1683,81 ontvangen.
07-09-2022
16
In hoger beroep is Rabobank eveneens veroordeeld in de proceskosten. In
dat verband heeft de boedel een bedrag van € 2.709 ontvangen.
19-11-2024
24
Geen. 01-04-2019
9
4.1 Debiteuren
Toelichting debiteuren
4.2 Werkzaamheden debiteuren
5.1 Vordering van bank(en)
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
4. Debiteuren
Omdat Geddes & Gillmore Retail de verkoop vanuit de winkels deed zijn er
geen debiteuren.
01-04-2019
9
Geen. 01-04-2019
9
5. Bank / Zekerheden
€ 6.817.184,12
Toelichting vordering van bank(en)
Rabobank heeft een vordering ter grootte van € 6.817.184,12 bij de curator
ingediend. Daarop strekken in mindering alle opbrengsten die Rabobank heeft
gerealiseerd in verband met verkoop verpande voorraden, opbrengsten
debiteuren en eventuele geïnde borgstellingen.
01-04-2019
9
Toelichting vordering van bank(en)
Op de vordering van Rabobank strekken in mindering de netto
verkoopopbrengsten bedragen die gerealiseerd zijn vanuit verkoop van
verpande goederen. De hoogste netto-opbrengst is gerealiseerd uit verkoop
van verpande voorraad. De netto-verkoopopbrengst bedroeg € 742.547,69.
De curator heeft geen goed zicht op de restantvordering van Rabobank.
Omdat die vordering concurrent is en er geen uitdeling aan concurrente
schuldeisers zal plaatsvinden, acht de curator het nodig de hoogte van die
vordering exact vast te stellen.
19-11-2024
24
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
5.3 Beschrijving zekerheden
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
5.6 Retentierechten
Volgens Rabobank:
verpanding van inventaris, voorraden, vorderingen op derden,
kastegoeden, domeinnamen en IE-rechten;
verpanding van (certificaten van) aandelen van Geddes & Gillmore B.V.,
Geddes & Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale;
hoofdelijke aansprakelijkheid van Geddes & Gillmore Wholesale en
Geddes & Gillmore B.V.
01-04-2019
9
De curator voert nog een discussie met de (advocaat) van de bank ten aanzien
van de vraag of de bank in de periode voorafgaand aan het faillissement al
dan niet te goeder trouw binnengekomen bedragen heeft verrekend. Die
discussie is nog niet beslecht.
04-10-2018
5
De curator heeft de in 5.3 genoemde zekerheden van Rabobank erkend, met
uitzondering van het pandrecht ten aanzien van het kastegoed.
01-04-2019
9
De curator gaat er van uit dat in de komende verslagperiode de discussie met
de (advocaat van de bank) ten aanzien van de vraag of de bank in de periode
voorafgaand aan het faillissement al dan niet te goeder trouw binnengekomen
bedragen heeft verrekend, is beslecht.
01-10-2019
10
De curator is er niet in geslaagd om in de verslagperiode de discussie met (de
advocaat van) de bank ten aanzien van de vraag of de bank in de periode
voorafgaand aan het faillissement al dan niet te goeder trouw binnengekomen
bedragen heeft verrekend, te beslechten. De discussie lijkt wel in een eindfase
te zijn gekomen. De verwachting is daarom gerechtvaardigd dat die discussie
in de komende verslagperiode definitief zal zijn beslecht.
30-03-2020
11
De curator heeft een concept dagvaarding aan (de advocaat van) de bank
toegestuurd. Naar aanleiding daarvan heeft er telefonisch overleg met de
advocaten van de bank plaatsgevonden. Daarbij zijn enkele praktische
uitgangspunten tussen partijen overeengekomen voor het voeren van een
procedure, zulks onder voorbehoud van goedkeuring van de rechter-
commissaris. In de procedure zal een rechtsvraag beantwoord moeten
worden, inhoudende in hoeverre een bank bevoegd is om niet verpande
vorderingen die ontstaan zijn als gevolg van verkoop van verpande voorraad
te verrekenen vanaf de( peil)datum dat de bank niet meer te goeder trouw is.
De curator is bezig met het verkrijgen van boedelfinanciering. De rechtsvraag
speelt in meerdere retail faillissementen.
29-09-2020
12
De curator verwijst naar paragraaf 9 van dit verslag. 24-03-2021
13
Afgewikkeld (zie verslag 6 april 2018). 01-04-2019
9
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
6.1 Exploitatie / zekerheden
6.2 Financiële verslaglegging
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
Toelichting
De boedel heeft voor haar medewerking aan de onderhandse verkoop vanuit
de diverse winkelfilialen een vergoeding ter grootte van €125.000,- ontvangen.
Deze vergoeding is door de curator verdeeld tussen de boedels van Geddes &
Gillmore Retail en Geddes & Gillmore Wholesale (zie paragraaf 3.6).
01-04-2019
9
De advocaat van de bank heeft zich op het standpunt gesteld dat de bank in
de periode voorafgaand aan het faillissement binnengekomen bedragen heeft
verrekend en dat zij daarbij wel te goeder trouw is geweest. Deze discussie
loopt nog.
01-04-2019
9
De curator heeft de discussie voortgezet en een voorstel gedaan om de zaak
te regelen.
01-10-2019
10
De curator voert nog steeds een discussie met (de advocaat van) de bank. 30-03-2020
11
De curator is bezig met het voorbereiden van een procedure tegen de bank. 29-09-2020
12
Zie verder paragraaf 9. 24-03-2021
13
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
De dag voorafgaand aan de uitspraak van het faillissement waren de winkels
reeds gesloten. De curator verwijst naar het verslag van 6 april 2018.
01-04-2019
9
6.2 Financiële verslaglegging
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
Zie verslag 6 april 2018. 01-04-2019
9
Geen. 01-04-2019
9
Doorstarten onderneming
Er heeft geen doorstart plaatsgevonden. 01-04-2019
9
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
Toelichting
Geen.
01-04-2019
9
Toelichting
Niet van toepassing.
01-04-2019
9
Geen. 01-04-2019
9
7. Rechtmatigheid
De boekhouding maakt een verzorgde indruk. De curator zal nog wel
onderzoeken of aan de boekhoudplicht is voldaan. Het onderzoek loopt nog.
01-04-2019
9
Het onderzoek is afgerond. Er zijn geen termen aanwezig om de bestuurder
aansprakelijk te houden voor schending van de boekhoudplicht.
01-10-2019
10
7.2 Depot jaarrekeningen
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
7.6 Paulianeus handelen
2014: 13-03-2015 gedeponeerd
2013: 30-10-2014 gedeponeerd
01-04-2019
9
Niet van toepassing. 01-04-2019
9
Afgerond (zie verslag 6 april 2018). 01-04-2019
9
Toelichting
In onderzoek.
01-04-2019
9
Nee
Toelichting
De curator heeft zijn onderzoek naar onbehoorlijk bestuur afgerond. Er zijn
geen termen aanwezig om het bestuur aansprakelijk te houden voor
onbehoorlijk bestuur.
01-10-2019
10
7.6 Paulianeus handelen
7.7 Toelichting rechtmatigheid
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
Toelichting
De curator heeft vastgesteld dat ondanks oplopende verliezen maandelijks de
management fee grotendeels aan de bestuurder is betaald. De curator heeft
zich op het standpunt gesteld dat een deel van die betalingen paulianeus
kunnen zijn dan wel onrechtmatig geweest zijn jegens de crediteuren van
Wholesale. De curator is in overleg getreden met de bestuurder om te bezien
of een schikking mogelijk is.
04-10-2018
5
Toelichting
De curator is nog bezig om een schikking te bewerkstelligen.
01-04-2019
9
Ja
Toelichting
De curator heeft met toestemming van de rechter-commissaris een schikking
met de bestuurder getroffen. In het kader van die schikking dient de
bestuurder een bedrag van
€ 7.900 aan de boedel te betalen. Betaling vindt plaats in maandelijkse
termijnen van € 900. Daartoe heeft de curator een vaststellingsovereenkomst
met de bestuurder gesloten. In de tussentijd is er al € 4.500 betaald. Bij
nakoming van die vaststellingsovereenkomst zal de laatste termijnbetaling in
december 2019 plaatsvinden.
01-10-2019
10
Toelichting
De bestuurder is in beide faillissementen de vaststellingsovereenkomst volledig
nagekomen.
30-03-2020
11
Geen. 01-04-2019
9
De curator heeft een aantal transacties als paulianeus gekwalificeerd en
daarvan de pauliana ingeroepen. De curator is bezig om een schikking te
bewerkstelligen.
04-10-2018
5
Schikkingsonderhandelingen
01-04-2019
9
De curator heeft een schikking met de bestuurder getroffen ten aanzien van
een aantal als paulianeus gekwalificeerde betalingen.
01-10-2019
10
De curator heeft gemonitoord of de bestuurder wel aan zijn
betalingsverplichtingen heeft voldaan.
30-03-2020
11
8.1 Boedelvorderingen
8.2 Pref. vord. van de fiscus
8.3 Pref. vord. UWV
8.4 Andere pref. crediteuren
8. Crediteuren
€ 239.233,02
Toelichting
UWV: 132.742,61
01-04-2019
9
€ 30.250,00
Toelichting
boedelfinanciering UWV
19-11-2024
24
€ 200.973,00
01-04-2019
9
€ 71.797,53
Toelichting
Door de Belastingdienst is een aanslag ex art 29 lid 7 WOB ad € 150.000,-
ingediend. De tot op heden ingediende vorderingen zijn echter slechts belast
met omzetbelasting ad € 20.824,53.
13-09-2021
14
€ 71.797,53
Toelichting
De Belastingdienst heeft in eerste instantie een te hoge aanslag ex art 29 lid
7 WOB opgelegd. Gelet op de omvang van de concurrente schulden is voor
deze vordering een bedrag van € 20.824,53 genoteerd.
19-11-2024
24
€ 95.313,00
01-04-2019
9
€ 96.589,89
29-09-2020
12
8.4 Andere pref. crediteuren
8.5 Aantal concurrente crediteuren
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
8.8 Werkzaamheden crediteuren
9.1 Naam wederpartijen
€ 178,77
Toelichting
01-04-2019
9
55
01-04-2019
9
53
13-09-2021
14
€ 7.844.879,74
Toelichting
Door concurrente crediteuren is in totaal een bedrag van € 7.844.879,74 aan
vorderingen ingediend (inclusief bankschuld ad € 6.516.675,98). Een vordering
van Eon Benelux B.V. ter grootte van € 36.452,01 is geplaatst op de lijst van
voorlopig betwiste concurrente schuldvorderingen. Volgens de curator heeft
deze een vordering op de moedervennootschap.
01-04-2019
9
Vooralsnog onbekend. 01-04-2019
9
Opheffing bij gebrek aan baten. 24-03-2021
13
Bijwerken crediteurenadministratie. 01-04-2019
9
9. Procedures
Zie verslag van 6 april 2018. 01-04-2019
9
Geddes & Gillmore / Rabobank
Aard van de procedure: er loopt een civiele procedure tussen Geddes &
24-03-2021
9.2 Aard procedures
Gillmore Retail en de Rabobank.
Bij exploot van 7 januari 2021 heeft de curator Rabobank gedagvaard. In die
procedure gaat het om de vraag in hoeverre Rabobank bevoegd was om vanaf
het moment dat zij niet meer te goede trouw was binnenkomende betalingen
van klanten van Geddes & Gillmore Retail te verrekenen met haar vordering op
Geddes & Gillmore Retail. Het gaat om betalingen die zijn verricht in de periode
vanaf 18 maart 2015 tot en met 8 april 2015. Kort daarna is het faillissement
van Geddes & Gillmore Retail uitgesproken. De curator stelt zich op het
standpunt dat het bepaalde in artikel 54 van de Faillissementwet in de weg
staat aan verrekening.
Op 3 maart 2021 heeft Rabobank een conclusie van antwoord genomen. Uit
die conclusie blijkt dat Rabobank zich op het standpunt stelt dat, kort gezegd,
de pinbetalingen van klanten van Geddes & Retail betrekking hadden op het
kopen van aan de Rabobank verpande voorraad. In de optiek van de
Rabobank staat daarom het bepaalde in de artikel 54 van de Faillissementswet
niet aan verrekening in de weg.
De rechtbank heeft de zaak op verzoek van partijen verwezen naar de rol van
28 april 2021 voor het nemen van een conclusie van repliek door de curator. Er
vindt geen comparitie van partijen plaats.
In het geval de boedel in het gelijk wordt gesteld is Rabobank gehouden een
bedrag van € 130.000 te betalen. Partijen hebben hierover voorafgaand aan
de procedure al overeenstemming bereikt. Partijen konden echter geen
overeenstemming bereiken over de aard van eventuele verschuldigde rente. In
de optiek van de curator is Rabobank gehouden om de wettelijke handelsrente
te vergoeden. De Rabobank stelt zich op het standpunt dat er geen rente is
verschuldigd, danwel dat deze moet worden gematigd.
13
De curator heeft een conclusie van repliek genomen. De Rabobank heeft een
conclusie van dupliek genomen. Vervolgens hebben partijen vonnis gevraagd.
De zaak staat op de rol van 22 september 2021 voor vonnis. De rechtbank kan
dan vonnis wijzen maar kan ook de zaak aanhouden. In het laatste geval zal
er pas later uitspraak worden gedaan.
13-09-2021
14
De rechtbank heeft een aantal keren het doen van een uitspraak
aangehouden. De zaak staat op de rol van 9 maart 2022. Het is onzeker of de
rechtbank dan uitspraak zal doen.
07-03-2022
15
Geddes & Gillmore / Rabobank 28-02-2024
21
Zie verslag van 6 april 2018. 01-04-2019
9
civiele procedure tussen de boedel en Rabobank. 07-09-2022
16
Aard van de procedure:
er loopt bij de Hoge Raad een civiele procedure tussen Geddes & Gillmore
Retail en de Rabobank.
28-02-2024
21
9.3 Stand procedures
De door de Belastingdienst opgelegde btw-aanslag ter grootte van in totaal €
128.871,91 is als een niet-verifieerbare vordering genoteerd.
04-10-2018
5
Er loopt geen procedure meer. De Hoge Raad heeft uitspraak gedaan (zie
verslag 6 april 2018).
01-04-2019
9
De zaak staat op de rol van 28 april 2021 voor repliek. 24-03-2021
13
De zaak staat op de rol van 22 september 2021 voor vonnis. 13-09-2021
14
Bij vonnis van 6 april 2022 heeft de rechtbank geoordeeld dat Rabobank in een
korte periode voor faillissement niet bevoegd was binnengekomen
pinbetalingen op de bankrekening van Geddes & Gillmore Retail te verrekenen
met haar vorderingen op Geddes & Gillmore Retail. In verband met die
uitspraak dient Rabobank aan de boedel van Geddes & Gillmore Retail een
bedrag van EUR 130.000 te betalen, te vermeerderen met rente. Rabobank
heeft hoger beroep ingesteld tegen de uitspraak en dient een memorie van
grieven te nemen.
De problematiek van verrekening speelt niet bij Geddes @ Gillmore Wholesale.
Omdat de curator verder niet gebleken is dat de procedure in het faillissement
van Geddes @ Gillmore Wholesale nog tot een bate zal leiden zal hij overgaan
tot afwikkeling van laatstgenoemd faillissement.
07-09-2022
16
Rabobank heeft een memorie van grieven genomen. De curator heeft een
memorie van antwoord genomen. Rabobank heeft pleidooi gevraagd. Een
datum voor pleidooi dient nog te worden vastgesteld.
06-03-2023
17
Het hof heeft een mondelinge behandeling van de zaak gepland op 13 juli
2023.
05-06-2023
18
OP 13 juli 2023 heeft een mondelinge behandeling van de zaak tegen
Rabobank plaatsgevonden. De zaak staat voor uitspraak op de rolzitting van
26 september 2023.
04-09-2023
19
Het Hof heeft op 5 september 2023 uitspraak gedaan en het vonnis van de
rechtbank bekrachtigd. Voorts is Rabobank in de proceskosten veroordeeld van
€ 2.709. Betaling hiervan heeft plaatsgevonden.
Rabobank heeft aangekondigd cassatie te zullen instellen. Rabobank heeft
aangegeven dat een oordeel van de Hoge Raad voor de rechtspraktijk van
belang is. De dagvaarding is nog niet betekend.
29-11-2023
20
Rabobank heeft cassatie ingesteld bij de Hoge Raad. De curator is op 11
december 2023 opgeroepen voor die procedure. De curator heeft overleg
gepleegd met een tweetal cassatie-advocaten. De curator heeft mede naar
aanleiding daarvan besloten om niet verschenen in de procedure.
De advocaat van Rabobank heeft een procesinleiding ingediend. De zaak staat
op de rol van 12 april 2024 voor schriftelijke toelichting.
28-02-2024
21
De zaak is verwezen naar de rol van 27 september 2024 voor conclusie
Procureur-Generaal.
22-05-2024
22
9.4 Werkzaamheden procedures
De curator is in afwachting van de conclusie van de Procureur-Generaal 19-08-2024
23
De Procureur-Generaal heeft op 27 september 2024 geconcludeerd en alle
door Rabobank ingestelde cassatiemiddelen inhoudelijk afgewezen. Voorts
heeft de Procureur-Generaal geconcludeerd dat het cassatieberoep zich leent
voor toepassing van art 81 RO.
Rabobank heeft kennis genomen van deze conclusie. Dat was aanleiding voor
Rabobank om de procedure vervolgens in te trekken. Daarmee staat vast dat
het beroep van Rabobank op verrekening faalt en aan de boedel een bedrag
van € 130.000, te vermeerderen met rente dient te betalen. De curator zal
Rabobank verzoeken om het door haar verschuldigde aan de boedel te
betalen.
19-11-2024
24
Geen. 01-04-2019
9
Overleg advocaten Rabobank in verband met het voeren van een civiele
procedure waarin een rechtsvraag centraal staat. Opstellen en uitbrengen
dagvaarding.
24-03-2021
13
Bestuderen processtukken, opstellen conclusie van repliek. 13-09-2021
14
dagvaarding in hoger beroep 07-09-2022
16
opstellen memorie van antwoord en rolhandelingen 06-03-2023
17
voorbereiden mondelinge behandeling bij het Hof en deelname aan zitting bij
het Hof.
04-09-2023
19
bestuderen uitspraak Hof 29-11-2023
20
bestuderen procesinleiding en overleg cassatie-advocaten 28-02-2024
21
monitoren cassatieberoep 19-11-2024
24
10.1 Plan van aanpak
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
10. Overig
onderzoek rechtmatigheid;
financiële afwikkeling Rabobank;
beslechten discussie pauliana.
04-10-2018
5
onderzoek rechtmatigheid (afgerond);
financiële afwikkeling Rabobank;
beslechten discussie pauliana (afgerond).
01-10-2019
10
Beslechten discussie met Rabobank over verrekening. 30-03-2020
11
Procedure Rabobank. 24-03-2021
13
De procedure tegen Rabobank is geëindigd. De curator zal Rabobank
verzoeken het bedrag van € 130.000, te vermeerderen met rente, aan de
boedel te betalen. Het faillissement zal vervolgens gereed worden gemaakt
voor afwikkeling.
19-11-2024
24
Onbekend. 01-04-2019
9
Onbekend. 24-03-2021
13
vermoedelijk komende verslagperiode 19-11-2024
24
19-2-2025 19-11-2024
24
Vanaf april 2018 hanteert de rechtbank een nieuw format voor
faillissementsverslagen. In verband hiermee worden in dit verslag louter de
wijzigingen ten opzichte van het vorige verslag weergegeven. Voor alle andere
informatie, wordt verwezen naar de inhoud van de voorgaande verslagen.
04-10-2018
5
Bijlagen
Bijlagen