Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Toelichting financiële gegevens
Betreft
Algemene gegevens
OAD Touringcarbedrijf B.V. 31-07-2018
3
OAD Touringcarbedrijf B.V. is gevestigd en kantoorhoudende te (7451 CH)
Holten aan de Burgemeester van der Borchstraat 2, met nevenvestiging te
(7471 ST) Goor aan de Breukersweg 2, aldaar tevens handelende onder de
naam Oad Nightliner. Voorts te (1175 KC) Lijnden aan de Hoofdweg 329,
handelende onder de naam Oad-van Dam en Oad Schiphol en te (5411 SB)
Zeeland aan de Udensweg 45 onder de naam Oad Zeeland.
KvK: 38019127.
31-07-2018
3
Exploiteren van een touringcarbedrijf, taxibedrijf en autobusverhuurbedrijf.
Bron: uittreksel Handelsregister Kamer van Koophandel.
31-07-2018
3
mr J.T. Stekelenburg
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
Door de directie is aan de curatoren een geconsolideerde (concept)
jaarrekening van OAD Groep Holding B.V. over het boekjaar van 1 november
2011 tot en met 31 oktober 2012 overgelegd. Deze jaarrekening is niet
ondertekend en niet gepubliceerd. In de geconsolideerde jaarrekening zijn de
financiële gegevens verwerkt van de tot de OAD Groep Holding B.V. behorende
maatschappijen, waaronder Oad Groep B.V., alsmede groepsmaatschappijen
waarin OAD Groep Holding B.V. overwegende zeggenschap heeft.
Omzetgegevens:
Winst en verlies:
Geconsolideerd
€ 3.006.000,00 verlies in het boekjaar 2011/2012
€ 21.576.000,00 verlies in het boekjaar 2010/2011
Balanstotaal:
Geconsolideerd
€ 74.293.000,00 per 31 oktober 2012
€ 81.602.000,00 per 31 oktober 2011
31-07-2018
3
228
31-07-2018
3
Boedelsaldo
Verslagperiode
€ 5.768.048,02
31-07-2018
3
€ 5.772.000,85
29-05-2019
4
€ 5.772.000,85
28-11-2019
5
€ 5.766.265,44
02-06-2020
6
€ 5.758.430,69
31-05-2021
7
€ 5.721.450,90
31-05-2022
8
€ 5.709.581,39
30-05-2023
9
€ 5.709.335,89
01-03-2024
10
€ 5.709.325,39
01-10-2024
11
van
15-1-2018
t/m
14-7-2018
31-07-2018
3
van
15-7-2018
t/m
19-5-2019
29-05-2019
4
van
20-5-2019
t/m
15-11-2019
28-11-2019
5
van 02-06-2020
Bestede uren
Toelichting bestede uren
16-11-2019
t/m
15-5-2020
6
van
16-5-2020
t/m
15-5-2021
31-05-2021
7
van
16-5-2021
t/m
15-5-2022
31-05-2022
8
van
16-5-2022
t/m
15-5-2023
30-05-2023
9
van
2-3-2024
t/m
15-9-2024
01-10-2024
11
VerslagperiodeBestede uren
Toelichting bestede uren
1.1 Directie en organisatie
1.2 Lopende procedures
1.3 Verzekeringen
1.4 Huur
DISCLAIMER:
Dit verslag strekt ertoe een globaal inzicht te geven over (de stand van
afwikkeling van) de boedel. Dit verslag vormt geen volledige verantwoording
van de (wijze van) afwikkeling van de boedel door curatoren. Curatoren leggen
aan de rechter-commissaris verantwoording af omtrent het beheer en de
vereffening van de boedel. Dit verslag is met de nodige zorg samengesteld.
Desondanks staan curatoren niet in voor de volledigheid, noch voor de
juistheid van het verslag. Dit verslag betreft een momentopname. Het is
mogelijk dat informatie op het moment van publiceren nog niet beschikbaar is,
dan wel niet geopenbaard kan worden, of dat in het verslag weergegeven
informatie achteraf dient te worden bijgesteld. Uiteraard kan dit ingrijpende
gevolgen hebben voor de in dit verslag en in de eventueel aangehechte
bijlagen gedane vermeldingen alsmede voor de weergegeven vooruitzichten
voor crediteuren, waar het betreft de rangorde, het aantal, de omvang en de
kans op (gedeeltelijke) uitkering. Aan dit verslag (inclusief eventuele bijlagen)
kunnen geen rechten worden ontleend.
31-07-2018
3
1. Inventarisatie
Enig aandeelhouder van OAD Touringcarbedrijf B.V. is OAD Busbedrijf B.V.,
waarvan Oad B.V. enig aandeelhouder is, waarvan vervolgens Oad Groep B.V.
enig aandeelhouder is, waarvan op haar beurt Oad Groep Holding B.V. enig
aandeelhouder is. De bestuurders van OAD Touringcarbedrijf B.V. zijn de heer
J.G. ter Haar, mevrouw Q.F. ter Haar, de heer F.W. Schuitemaker en Oad Groep
B.V. De bestuurders zijn gezamenlijk bevoegd (met andere bestuurders). De
juridische concernstructuur (organogram) per 1 september 2013, afkomstig van
gefailleerden, is als bijlage bij faillissementsverslag 2 gevoegd.
31-07-2018
3
Er zijn geen lopende procedures. 31-07-2018
3
Alle polissen staan op naam van de eveneens gefailleerde vennootschap Oad
Groep Holding B.V. of op naam van Oad Groep B.V. Polissen waarvan de
dekking ziet op het onderhavige faillissement zijn of worden opgezegd. Een
eventuele premierestitutie zal in de boedel vloeien.
31-07-2018
3
1.4 Huur
1.5 Oorzaak faillissement
Huur van de bedrijfsruimte aan de Udenseweg 45 te Zeeland. Een deel van de
bedrijfsruimte werd onderverhuurd. In overleg met de verhuurder, de
doorstarter en de onderverhuurder zal de huurovereenkomst in verband met
het faillissement worden opgezegd, dan wel zal de doorstarter in de plaats
treden van de failliet. Hierover is nog overleg gaande. In verslagperiode 2
heeft de doorstarter met de verhuurder overeenstemming bereikt over de
voortzetting van de huur.
Huur van de bedrijfsruimte aan de Hoofdweg 329 te Lijnden. In overleg met de
verhuurder en de doorstarter zal de overeenkomst in verband met het
faillissement worden opgezegd, dan wel zal de doorstarter in de plaats treden
van de failliet.
In verslagperiode 2 heeft de doorstarter met de verhuurder overeenstemming
bereikt over de voortzetting van de huur.
31-07-2018
3
Volgens de bestuurders zijn het slechte economische klimaat en de daardoor
teruglopende omzetten de belangrijkste oorzaken van het faillissement. De
directe oorzaak van het faillissement is volgens de bestuurders de opzegging
van de kredietovereenkomst door de bank. De bank heeft verzocht om een
extra kapitaalinjectie onder een aantal voorwaarden. Aan dit verzoek hebben
de aandeelhouders niet (tijdig) kunnen voldoen. De middelen voor de extra
kapitaalinjectie waren volgens de bestuurders weliswaar beschikbaar doch
voorzagen niet in de mogelijkheid ook tegemoet te komen aan de plotselinge
eis van een crediteur tot het stellen van een bankgarantie. Na de opzegging
van de kredietovereenkomst restte de bestuurders niets meer dan de
aanvraag van het faillissement van Oad Groep B.V. en haar
(klein)dochterondernemingen. Andere bij het faillissement betrokken partijen
noemen andere oorzaken van het faillissement. In de door de curatoren nog
uit te voeren onderzoeken, zal een analyse gemaakt worden van de oorzaak
van de faillissementen. Door curatoren is aan een advocaat van een ander
kantoor dan de kantoren van curatoren verzocht de handelwijze van de
Rabobank voor en bij het beëindigen van het krediet te beoordelen en
curatoren dienaangaande te adviseren. Met het in 7.1 vermelde internationaal
opererende kantoor is een eerste opzet gemaakt voor een onderzoek naar de
oorzaken van de faillissementen, welk onderzoek, zoals te doen gebruikelijk,
verder reikt dan (alleen) het handelen van de bank.
Ten aanzien van de ontwikkelingen in verslagperiode 5 betreffende het
onderzoek naar het optreden van de Rabobank en ten aanzien van de andere
onderzoeken, verwijzen curatoren naar de algemene toelichting, welke door
hen is opgesteld. De Stichting Administratiekantoor OAD Groep Holding heeft
per dagvaarding van 17 december 2014 een procedure aangespannen tegen
de Rabobank strekkende tot betaling van € 80.000.000,00. De boedels van de
OAD vennootschappen staan daar buiten. Curatoren doen zelfstandig
onderzoek naar het handelen van de Rabobank (zie algemene toelichting;
bijlage 1 bij het vijfde verslag).
In verslagperiode 6 zijn diverse onderzoeken opgestart, waaronder naar het
optreden van de Rabobank. Verwezen wordt naar de algemene toelichting die
door curatoren is opgesteld en die als bijlage 1 bij het zesde verslag is
gevoegd.
In verslagperiode 7 zijn deze onderzoeken voortgezet.
31-07-2018
3
In verslagperiode 8 hebben curatoren de rechter-commissaris op
vertrouwelijke wijze geïnformeerd over hun bevindingen tot dusverre. De
onderzoeken worden vervolgd. De vorderingen van de Stichting
Administratiekantoor OAD Groep Holding zijn door de rechtbank Midden
Nederland afgewezen. Genoemde Stichting heeft hoger beroep aangetekend.
De procedure in hoger beroep loopt nog; er is nog geen uitspraak gedaan.
Verslagperiode 9 d.d. 30 juni 2017:
Curatoren hebben hun claim op Rabobank overgedragen aan de Stichting
Administratiekantoor OAD Groep Holding. Voor wat betreft de achtergronden
waaronder en de voorwaarden waartegen deze overdracht heeft
plaatsgevonden, verwijzen curatoren naar de algemene toelichting die op de
websites van de advocatenkantoren van curatoren staat gepubliceerd.
Verslagperiode 10 d.d. 31 januari 2018:
Er zijn, waar het de claim op de bank betreft, geen nieuwe ontwikkelingen te
melden.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Er zijn, waar het de claim op de bank betreft, nagenoeg geen ontwikkelingen
te melden. De procedure tegen de bank loopt nog. De bank heeft schriftelijk
gereageerd op het gestelde in de dagvaarding. Het is nu aan de
procesadvocaat van de Stichting Administratiekantoor OAD Groep Holding om
daarop schriftelijk te reageren. Als het goed is, gebeurt dit begin augustus a.s.
Aansluitend krijgt de bank weer een termijn om te reageren.
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
In de procedure van de Stichting Administratiekantoor OAD Groep Holding
tegen de Rabobank zijn de conclusies van repliek en dupliek genomen. Op 20
mei 2019 hebben de pleidooien plaatsgevonden. Na afloop van de pleidooien
heeft de rechtbank partijen laten weten er naar te streven om op 3 juli a.s.
uitspraak te doen. Zodra uitspraak is gedaan, zal daarvan mededeling worden
gedaan op de websites van de advocatenkantoren van curatoren.
29-05-2019
4
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019:
De rechtbank Midden Nederland heeft op 3 juli 2019 uitspraak gedaan. Daarbij
heeft de rechtbank (kort gezegd) aan de Stichting Administratiekantoor OAD
Groep Holding (STAK) opgedragen te bewijzen:
a) dat de toezegging die de heer van Nieuwenhuizen van Rabobank op 20
september 2013 aan mevrouw Bijleveld (toenmalig commissaris van de koning)
deed om "OAD voldoende tijd te gunnen om de transactie met de Twentse
Investeerders rond te krijgen" niet alleen zag op het daarop volgende
weekend maar ook op de tijd om de transactie feitelijk uit te voeren;
b) dat die dag (20 september 2013) een soortgelijke uitspraak is gedaan door
de heer Schat van Rabobank in de richting van OAD;
c) dat een paar dagen later, op 24 september 2013, een telefoongesprek heeft
plaatsgevonden tussen Rabobank en OAD waarin OAD om twee weken uitstel
heeft gevraagd om de transactie te voltooien hetgeen Rabobank heeft
geweigerd;
STAK heeft de rechtbank laten weten dit bewijs te willen leveren door middel
van het horen van een aantal direct betrokkenen, waaronder mevrouw
Bijleveld, als getuigen. De rechtbank heeft vervolgens bepaald dat de
getuigenverhoren op 16 en 19 december 2019 zullen plaatsvinden.
Hoewel curatoren niet ontevreden zijn met het verloop van de procedure tot
dusverre, waartoe gerekend het tussenvonnis van 3 juli 2019 (het feit dat de
rechtbank het relevant acht nader geïnformeerd te worden over hetgeen dat is
voorgevallen in de laatste dagen voorafgaande aan het faillissement en in het
28-11-2019
5
bijzonder het optreden van Rabobank in die periode), is het nog te vroeg om
te speculeren over het vervolg (in het bijzonder: de uitspraak van de
rechtbank die volgt mocht STAK in haar bewijsopdracht slagen).
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020:
In de voorbije verslagperiode zijn in de procedure tussen STAK en Rabobank
van de zijde van de STAK diverse getuigen gehoord. Rabobank heeft te kennen
gegeven dat ook zij getuigen wenst te horen. Zover is het nog niet gekomen
doordat de procedure, als gevolg van de corona crisis, stil is komen te liggen.
Onduidelijk is op welke termijn de procedure zal worden vervolgd.
02-06-2020
6
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021:
In de voorbije verslagperiode zijn in de procedure tussen STAK en Rabobank,
nadat deze procedure weer was opgestart, van de zijde van Rabobank diverse
getuigen gehoord. Nadat de verhoren waren afgerond heeft de rechtbank
STAK en Rabobank in de gelegenheid gesteld om, naar aanleiding van de
verhoren, schriftelijk te reageren. Dit is inmiddels gebeurd. Over het vervolg
van de procedure is op dit moment nog niets bekend. Curatoren verwachten
dat de rechtbank, desgevraagd, opnieuw vonnis zal gaan wijzen.
31-05-2021
7
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022:
In de voorbije verslagperiode heeft de rechtbank vonnis gewezen in de
procedure tussen STAK en Rabobank. Daarbij zijn de vorderingen van STAK
afgewezen. STAK is inmiddels in hoger beroep gekomen van het vonnis van de
rechtbank. Dit hoger beroep loopt. Binnen afzienbare tijd zal STAK bij het hof
een memorie van grieven indienen waarbij STAK een aantal klachten richt
tegen het vonnis van de rechtbank.
31-05-2022
8
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023:
Zoals gemeld in het vorige verslag is STAK in hoger beroep gekomen van het
vonnis van de rechtbank Midden Nederland waarbij de vorderingen van STAK
tegen Rabobank zijn afgewezen. De stand van zaken in dit hoger beroep is als
volgt: STAK heeft in de voorbije verslagperiode een memorie van grieven
tevens eiswijziging genomen; Rabobank heeft daarop middels een memorie
van antwoord tevens memorie van grieven in incidenteel appel schriftelijk
gereageerd. STAK heeft vervolgens middels een memorie van antwoord in
incidenteel appel gereageerd op de grieven die Rabobank heeft aangevoerd
tegen het vonnis van de rechtbank Midden Nederland. Het hof Arnhem-
Leeuwarden heeft vervolgens bij tussenarrest van 21 februari 2023 bepaald
dat er een mondelinge behandeling komt waarbij partijen dienen te
verschijnen voor de meervoudige kamer van genoemd hof. De mondelinge
behandeling staat gepland voor 13 september 2023.
30-05-2023
9
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024:
Het hof Arnhem-Leeuwarden heeft in het door STAK tegen Rabobank
aangespannen hoger beroep tegen de het vonnis van de rechtbank Midden
Nederland bij eindarrest d.d. 20 februari 2024 de vorderingen van STAK
afgewezen met veroordeling van STAK in de kosten van de procedure. Het hof
heeft ook het door Rabobank ingestelde incidenteel appel tegen het vonnis
van de rechtbank Midden-Nederland afgewezen waarbij Rabobank door het
hof veroordeeld is in de kosten van het incidenteel appel. STAK beraadt zich op
de vraag of men in cassatie gaat. Omdat het arrest van het hof dateert van
vlak voor het moment van het leggen van dit verslag is de uitkomst van deze
beraadslaging ten tijde leggen van het verslag nog niet bekend.
01-03-2024
10
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
Verslagperiode 19 - d.d. 1 oktober 2024:
STAK heeft de voorbije verslagperiode, na het verkrijgen van een positief
cassatieadvies, besloten om cassatie in te stellen tegen de uitspraak van het
gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 20 februari 2024. De cassatieprocedure
loopt inmiddels. Het zal naar verwachting nog zeker een jaar duren voordat
de Hoge Raad uitspraak doet.
01-10-2024
11
2. Personeel
Personeelsleden
228
31-07-2018
3
Personeelsleden
228
31-07-2018
3
Datum AantalToelichting
26-9-2013228
totaal 228
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
Aan alle (voormalige) werknemers zijn in opdracht van de curatoren
jaaropgaven verstrekt.
Curatoren hebben geconstateerd dat een aantal (voormalig) werknemers, die
woonachtig zijn in het buitenland, en een aantal (voormalig) stagiaires niet
onder het (Nederlandse) sociaal verzekeringsstelsel / de loongarantieregeling
vallen en om die reden geen aanspraken geldend kunnen maken in de richting
van het UWV. Een enkeling heeft zich inmiddels tot curatoren gewend met het
verzoek de aanspraak in behandeling te nemen. Curatoren onderzoeken
momenteel hoe omgegaan dient te worden met dergelijke vorderingen, onder
meer wat betreft de vraag welke status aan deze vorderingen dient te worden
toegekend. Een en ander is van belang, aangezien er, afhankelijk van de
status, geen of een (kleine) kans op uitkering bestaat.
Na onderzoek in verslagperiode 4 te hebben gedaan, zijn de curatoren tot de
conclusie gekomen dat de vorderingen van deze crediteuren, die betrekking
hebben op de periode na datum faillissement (grotendeels), moeten worden
bestempeld als zogenaamde "bijzondere faillissementskosten", althans als
kosten die (indirect) in opdracht van de curatoren zijn gemaakt. Gedurende dit
onderzoek hebben de curatoren overleg gevoerd met de rechter-commissaris
en (beslissers bij) het UWV. Beiden hebben te kennen gegeven zich (in de
onderhavige situatie) te kunnen vinden in deze conclusie van de curatoren. De
betreffende crediteuren zullen, mits er sprake is van een rechtsgeldige
vordering en deze betrekking heeft op de periode na datum faillissement, bij
voorrang (op onder andere het UWV) worden betaald.
Het gros van voormelde crediteuren heeft inmiddels aan de hand van stukken
aangetoond en onderbouwd dat zij een rechtsgeldige vordering (betrekking
hebbende op de periode na datum faillissement) hebben. Deze crediteuren zijn
inmiddels betaald. Er zijn nog enkele crediteuren (van deze groep) die nog
stukken dienen aan te leveren (alvorens tot uitbetaling kan worden
overgegaan). Aan de hand van door hen ontvangen opgaven hebben
curatoren vastgesteld dat de hiervoor beschreven problematiek, naar het zich
laat aanzien, in het faillissement van Touringcarbedrijf B.V. niet speelt (geen
van de werknemers die een vordering bij curatoren heeft ingediend, was bij
Oad Touringcarbedrijf B.V. in dienst).
31-07-2018
3
3. Activa
Er zijn geen onroerende zaken aangetroffen in deze vennootschap. 31-07-2018
3
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Zie onderstaande toelichting en vorige
verslagen.
-touringcars
-(kleinere) bussen en personenauto's
-een Volkswagen Transporter
Overige bedrijfsmiddelen Oad c.s.
In verslagperiode 2 hebben curatoren onderzoek gedaan naar de
verkoopmogelijkheden voor de bedrijfsmiddelen die zich in het pand van Oad
c.s. te Holten bevinden. De zaken betroffen met name: kantoormeubilair,
computer-apparatuur, travelcards, domeinnamen, vreemde valuta en
(klassieke) voertuigen. Besloten is om toe te werken naar een onlineveiling.
Daartoe is inmiddels opdracht verstrekt aan Troostwijk Veilingen B.V. (hierna:
Troostwijk). De veiling staat gepland voor eind april/begin mei en wordt op dit
moment voorbereid.
In verslagperiode 3 heeft de veiling plaatsgevonden. Op de 676 kavels in deze
veiling werden in totaal 7.039 biedingen uitgebracht door 820 internationale
bieders.
Van de 271 kopers komen de meesten uit Nederland (250). Andere kopers zijn
afkomstig uit België 8), Duitsland (7) Roemenië (3), Spanje (1), Frankrijk (1) en
Luxemburg (1). De opbrengst van de veiling bedraagt, zonder rekening te
houden met de veilingkosten, € 353.672,00. Dit bedrag dient nog op de
boedelrekening te worden ontvangen. Daarnaast heeft nagenoeg gelijktijdig
een veiling plaatsgevonden van domeinnamen en een (na)veiling van
travelcards en vreemde valuta, voor zover deze niet tijdens de eerdere
veilingen waren verkocht. Op de 336 kavels in deze veilingen werden 459
biedingen uitgebracht door 51 internationale bieders. De opbrengst van deze
veilingen bedraagt, zonder rekening te houden met de veilingkosten, €
22.200,00, resp. € 22.316,00. Ook deze bedragen dienen nog op de
boedelrekening te worden ontvangen.
In verslagperiode 4 is op de boedelrekening van Oad Groep B.V. een bedrag
van € 433.378,99 ontvangen. Het gaat daarbij om de opbrengst van de
diverse veilingen.
De afrekening van deze veilingen luidt aldus: € 400.613,00 (opbrengst) -/- €
(subtotaal), te vermeerderen met BTW (21% over een deel gedeelte van de
koopsom, te weten: € 344.629,75), zijnde € 72.372,25, waardoor de
opbrengst, incl. BTW uitkomt op: € 433.378,99.
Curatoren merken op dat de totale (bruto) opbrengst van de diverse veilingen
ad € 400.613,00 iets hoger is dan het totaal van de bedragen die in het derde
faillissementsverslag zijn genoemd. Het totaal van die bedragen sloot op een
bedrag van € 397.988,00. Het verschil tussen beide bedragen betreft de
opbrengst van een aantal roerende zaken die zijn nageveild.
De curatoren merken verder op dat over een opbrengst van € 16.377,00 geen
BTW berekend is, daar deze opbrengst ziet op de verkoop van vreemde valuta.
31-07-2018
3
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
Curatoren merken op dat de opbrengst van de veilingen, waar nodig, nog
toegerekend dient te worden aan de diverse boedels van Oad.
Parallel aan de voorbereiding van de veiling van de roerende zaken hebben
curatoren zich in verslagperiode 2 beziggehouden met het veiligstellen van de
digitale en fysieke administratie. Hierover wordt onder punt 7.1 van dit verslag
nader bericht.
Met Troostwijk is overeengekomen dat zij ervoor zorg draagt dat alle digitale
systemen, alvorens zij ter veiling worden aangeboden, gecertificeerd worden
gewist. Troostwijk heeft alle digitale systemen, alvorens zij ter veiling zijn
aangeboden, in opdracht van curatoren gewist.
Curatoren hebben daarvan een bewijs ontvangen.
Toelichting opbrengsten:
Touringcars, € 8.850.000,00.
Bussen en personenauto's, € 267.650,00.
Volkswagen Transporter, nog niet bekend: voor deze auto heeft Oad Bus
B.V., zijnde de
partij die de bus gerelateerde activiteiten is doorgestart, belangstelling.
Oad Bus B.V. heeft
een bod uitgebracht op de auto, tezamen met een bod op een aantal
andere roerende zaken.
In verslagperiode 4 hebben curatoren met Oad Bus B.V. overeenstemming
bereikt over de
verkoop van een aantal roerende zaken, waartoe gerekend de Volkswagen
Transporter. Deze
auto heeft € 4.950,00 opgebracht.
Opbrengst veilingen: € 400.613,00. Curatoren merken op dat genoemde
opbrengsten nog verdeeld dienen te worden over de diverse boedels van Oad.
Onduidelijk is of dit voorrecht van toepassing is (zie de discussie als vermeld in
5.1). Afhankelijk van de vraag of de vordering van de fiscus kan worden
voldaan uit het vrij boedelactief, geldt het voorrecht van de fiscus ten aanzien
van bodemzaken.
31-07-2018
3
Zie vorige verslagen. 31-07-2018
3
Er zijn geen voorraden/onderhanden werk aangetroffen in deze vennootschap.31-07-2018
3
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
3.8 Andere activa
Toelichting andere activa
3.9 Werkzaamheden andere activa
4.1 Debiteuren
Toelichting debiteuren
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
In verslagperiode 3 is een bedrag van € 76.241,42 ontvangen. Het betreft hier
een uitkering van een WAM verzekeraar betreffende schade aan één van de
voertuigen.
31-07-2018
3
Zie vorige verslagen. 31-07-2018
3
4. Debiteuren
Beschrijving OmvangOpbrengstBoedelbijdr.
Zie onderstaande toelichting en vorige
verslagen.
Nominaal: € 3.800.000,00 (tezamen met de vorderingen die Oad Busbedrijf
B.V. heeft op derden). Hierin zijn ook begrepen debiteuren die tevens crediteur
zijn (en dus kunnen verrekenen) en intercompany vorderingen. De hiervan
geschoonde portefeuille zal aanzienlijk lager zijn.
Met de doorstarter Oad Bus B.V. zijn afspraken gemaakt over de incasso van
de debiteuren door Oad Bus B.V. De opbrengst van de debiteuren zal in de
boedel vloeien.
In verslagperiode 2 is door Oad Bus B.V. begonnen met de incasso van de
openstaande debiteuren. Uit dien hoofde is inmiddels een bedrag van ruim €
1.100.000,00 ontvangen, deels op de boedelrekening, deels op de oude
Rabobankrekeningen van gefailleerden. De aankomende verslagperiode zal
Oad Bus B.V. de incassowerkzaamheden voortzetten.
31-07-2018
3
Curatoren hebben in verslagperiode 4 aan hen bekende zakenpartners een
brief gezonden waarin curatoren, in voorkomend geval, betrokkenen te kennen
hebben gegeven aanspraak te maken op een klantvergoeding (voor zover er
sprake is van agentuur) en voor het overige alle aanspraken/vorderingen
hebben gestuit. Dit alles is gedaan vanuit het oogpunt van het behoud van
rechten.
De incassowerkzaamheden zijn in verslagperiode 5 voortgezet. Een afgerond
beeld van de betalingen op de vorderingen is er nog niet.
In verslagperiode 6 zijn de werkzaamheden verband houdende met de incasso
van debiteuren voortgezet. In deze periode is een aantal vliegmaatschappijen
gedagvaard. Het is niet uitgesloten dat een of meer van de Oad
vennootschappen een vordering heeft c.q. hebben op één of meer
vliegmaatschappijen in verband met de reservering van stoelen. Deze
vordering zou betrekking kunnen hebben op een bonus, commissie, marketing-
bijdrage, cumulatieve bezetting of segmentenvergoeding.
De dagvaardingen zijn uitgebracht ter voorkoming van verval van rechten; er is
op langere termijn gedagvaard.
In verslagperiode 7 zijn de werkzaamheden verband houdende met de incasso
van debiteuren voortgezet.
In verslagperiode 7 hebben verder diverse besprekingen met
vliegmaatschappijen plaatsgevonden teneinde duidelijkheid te verkrijgen of
een of meer van de boedels (per saldo) een vordering heeft op een of meer
vliegmaatschappijen.
In verslagperiode 8 is ten aanzien van enkele vliegmaatschappijen gebleken
dat de boedels geen vordering hebben op deze vliegmaatschappijen. De
verhouding met de resterende vliegmaatschappijen wordt onderzocht.
Ook in verslagperiode 8 zijn de werkzaamheden die verband houden met de
incasso van debiteuren voortgezet.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
De aanspraken op de overige vliegmaatschappijen zijn onderzocht. Het
onderzoek heeft plaatsgevonden in overleg met een van de bestuurders en
aan de hand van de gegevens uit de dataroom. Gebleken is dat er geen
vorderingen op de overige vliegmaatschappijen zijn.
Voor het overige hebben curatoren in samenspraak met Oad Bus B.V., die tot
nu toe grotendeels de incasso van de debiteuren verzorgde, besloten om zelf
de incasso van de vorderingen, voor zover nog niet voldaan, ter hand te
nemen. De reden hiertoe is gelegen in het feit dat in een aantal gevallen, de
pogingen van Oad Bus B.V. om tot buitengerechtelijke incasso van genoemde
vorderingen te komen, geen effect hebben gehad.
Curatoren verwachten, door thans zelf de incasso ter hand te nemen, meer
resultaat te bereiken, omdat zij (in tegenstelling tot Oad Bus B.V.) wel in staat
zijn om weigerachtige debiteuren voor het gerecht te dagen. Daarnaast heeft
een aantal debiteuren juridische weren opgeworpen, die slechts door
curatoren, zijnde advocaten, kunnen worden beoordeeld. Reden temeer om de
incasso van de nog niet geïncasseerde debiteuren zelf ter hand te nemen. Met
Oad Bus B.V. dient nog een financiële (eind)afrekening plaats te vinden,
betreffende de door Oad Bus B.V. verrichte werkzaamheden, in het kader van
de buitengerechtelijke incasso van vorderingen, zulks op basis van indertijd
tussen curatoren en Oad Bus B.V. gemaakte fee afspraken. Deze afrekening
zal in verslagperiode 10 plaatsvinden.
4.2 Werkzaamheden debiteuren
5.1 Vordering van bank(en)
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
In verslagperiode 10 hebben de curatoren de incassowerkzaamheden
voortgezet. Gebleken is dat een aantal debiteuren niet bereid lijkt te betalen.
Curatoren hebben deze debiteuren recent, onder toezending van een concept-
dagvaarding, voor de laatste keer in de gelegenheid gesteld om tot betaling
over te gaan. Mocht dit niet tot betaling leiden, zullen via een gerechtelijke
procedure de weigerachtige debiteuren tot betaling worden gedwongen. De
afrekening met Oad Bus B.V., waar het betreft de door Oad Bus B.V. ten
behoeve van curatoren in het verleden verrichte incassowerkzaamheden, zal
binnen afzienbare tijd plaatsvinden.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
De afrekening met Oad Bus B.V. heeft in de voorbije verslagperiode
plaatsgevonden. Curatoren zijn er in geslaagd om zelf de nodige vorderingen
te incasseren. Het gaat daarbij in totaal om een bedrag van € 65.276,09. Ten
aanzien van een paar debiteuren, die weigeren te betalen, zijn procedures
gestart. Een enkeling heeft zich, onder druk van de procedure, alsnog bereid
getoond om te betalen, zij het dat deze debiteur niet alles in één keer kan
betalen. Curatoren hebben met deze debiteur een betalingsregeling getroffen.
Tegen een enkele debiteur wordt geprocedeerd.
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Curatoren hebben kans gezien om in verslagperiode 12 de incasso van
ontvangen. Daarmee is de kwestie afgewikkeld.
29-05-2019
4
Verslag 1- 8: zie vorige verslagen.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Correspondentie en besprekingen met Oad Bus B.V. over de (overname van
de) debiteurenincasso; besprekingen met vliegmaatschappijen, overleg met
een van de bestuurders en raadplegen van de dataroom alsmede
correspondentie en overleg met de betreffende vliegmaatschappijen.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Correspondentie met Oad Bus B.V. over de afrekening van de incasso
werkzaamheden; correspondentie met debiteuren, opstellen van concept-
dagvaardingen.
Toelichting werkzaamheden debiteuren:
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Correspondentie met Oad Bus B.V. over de afrekening; correspondentie met
debiteuren; opstellen van processtukken.
31-07-2018
3
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Correspondentie met debiteuren.
29-05-2019
4
5. Bank / Zekerheden
€ 11.912.089,00
Toelichting vordering van bank(en)
Rabobank (concernfinanciering), € 11.912.089,00 per datum faillissement. De
vordering bestaat met name uit getrokken bankgaranties. Er was per datum
uitspraak faillissement een positief banksaldo van ruim € 4.000.000,00.
De curatoren hebben uit de opbrengst van de doorgestarte onderdelen van de
gehele Oad Groep de bank gelost. De verdere opbrengsten vallen vrij. In een
later stadium zal worden gekeken naar draagplicht van afzonderlijke Oad
vennootschappen en mogelijke regresrechten.
De rechtsgeldigheid van de vorderingen en de zekerheden van de Rabobank
worden nog onderzocht. Laatstgenoemd onderzoek loopt nog. Er zijn nog
diverse punten c.q. onduidelijkheden met betrekking tot de zekerheden. Dit
brengt met zich mee dat de curatoren tot op heden de zekerheden nog niet
hebben kunnen erkennen. De Rabobank en de curatoren dienen nog te
overleggen over de wijze waarop en of deze punten en onduidelijkheden
kunnen worden opgelost respectievelijk weggenomen.
In verslagperiode 3 is uitvoerig met de Rabobank gesproken. Gebleken is dat
de door de bank ingediende vordering geheel bestaat uit door de bank ten
behoeve van schuldeisers van de OAD vennootschappen gestelde
bankgaranties en een verlies op een rentederivaat. Twee bankgaranties met
aanzienlijke bedragen zijn getrokken. Nog niet alle bankgaranties zijn door de
betreffende schuldeisers getrokken. De vordering van de bank zou door het
niet trekken van de bankgaranties uiteindelijk iets lager kunnen zijn. Na
onderzoek is gebleken dat de bank veel meer onder zich heeft dan nodig is
voor de betaling van de vordering van € 11.912.089,00. Er is, mede door de
ontvangst van een groot aantal debiteurenbetalingen, inmiddels een surplus
gekweekt van minstens € 5.319.628,06. De Rabobank is verder verzocht om €
2.000.000,00 over te boeken naar de boedelrekening van OAD B.V. Dit is de
opbrengst van de onroerende zaak te Goor, die OAD B.V. in eigendom
toebehoorde en die de bank, als hypotheekhouder betreffende genoemde
onroerende zaak, in eerste instantie had opgeëist.
De bank heeft de € 2.000.000,00 in verslagperiode 3 daadwerkelijk gestort op
de aangegeven boedelrekening. De resterende € 5.319.628,06 is desgevraagd
door de bank gestort op de boedelrekening van OAD Touringcar Bedrijf B.V. De
opbrengst van de OAD Touringcar Bedrijf B.V. in eigendom toebehorende
bussen ad € 8.060.000,00 is na verkoop onder voorbehoud van alle rechten
afgedragen aan de Rabobank. Door overboeking van voormelde bedragen
worden eventuele regresvorderingen geringer. Uitdrukkelijk zij vermeld dat de
toedeling van opbrengsten nog plaats dient te vinden.
Vooruitlopend op de definitieve toedeling van opbrengsten aan de diverse
overgemaakt van de boedelrekening van OAD Touringcar Bedrijf B.V. naar de
boedelrekening van Oad Busbedrijf B.V. De reden hiertoe is gelegen in het feit
dat naast OAD Touringcar Bedrijf B.V. ook Oad Busbedrijf B.V. door de
Rabobank was aangesproken tot inlossing van de schulden aan de bank.
Naast het bedrag dat OAD Touringcar Bedrijf B.V. in dat kader aan de bank
heeft betaald (zijnde het eerder genoemde bedrag van € 8.060.000,00), heeft
Oad Busbedrijf B.V. een bedrag van € 440.000,00 aan de bank betaald,
waardoor het totaalbedrag dat aan de bank is betaald uitkomt op €
8.500.000,00. Uiteindelijk heeft de bank, op aandringen van de curatoren,
zoals eerder gemeld, een bedrag van € 5.319.628,06 terugbetaald. Dit bedrag
is ontvangen op de boedelrekening van OAD Touringcar Bedrijf B.V. Omdat in
dit bedrag ook een bedrag zit, dat geacht wordt aan Oad Busbedrijf B.V. toe te
31-07-2018
3
komen, hebben curatoren, naar rato van een ieders bijdrage in hetgeen aan
de bank is betaald, berekend dat van het bedrag dat is terugbetaald Oad
Busbedrijf B.V. recht heeft op een bedrag van € 275.368,94. Aan saldi van de
diverse boedelrekeningen kan door geen enkele schuldeiser enig recht worden
ontleend. De door curatoren ingeschakelde externe advocaat die de
handelwijze van de bank in het kader van de kredietopzegging zal
onderzoeken, zal curatoren ook adviseren aangaande de rechtsgeldigheid van
de door de bank gepretendeerde zekerheden. In verslagperiode 3 is daartoe
door curatoren opdracht gegeven.
Dit onderzoek is nog gaande. De Rabobank is op de hoogte van het feit dat dit
onderzoek de nodige tijd in beslag neemt en dat er eventueel nog claims en/of
klachten (kunnen) volgen. De reden van het feit dat dit onderzoek nog niet is
afgerond, houdt (onder andere) verband met hetgeen daarover is opgemerkt
in de algemene toelichting, die als bijlage 1 bij het verslag is gevoegd.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
In deze verslagperiode is het onderzoek naar het optreden van de Rabobank
afgerond. Curatoren hebben naar aanleiding daarvan besloten om hun claim
op Rabobank over te dragen aan de Stichting Administratiekantoor OAD Groep
Holding. Voor wat betreft de achtergronden waaronder en de voorwaarden
waartegen deze overdracht heeft plaatsgevonden, verwijzen curatoren naar
de algemene toelichting die op de websites van de advocatenkantoren van
curatoren staat gepubliceerd.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Er zijn, waar het de claim op de bank betreft, geen nieuwe ontwikkelingen te
melden.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Er zijn, waar het de claim op de bank betreft, nagenoeg geen ontwikkelingen
te melden. De procedure tegen de bank loopt nog. De bank heeft schriftelijk
gereageerd op het gestelde in de dagvaarding. Het is nu aan de
procesadvocaat van de Stichting Administratiekantoor OAD Groep Holding om
daarop schriftelijk te reageren. Als het goed is, gebeurt dit begin augustus a.s.
Aansluitend krijgt de bank weer een termijn om te reageren.
Toelichting vordering van bank(en)
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
In de procedure van de Stichting Administratiekantoor OAD Groep Holding
tegen de Rabobank zijn de conclusies van repliek en dupliek genomen. Op 20
mei 2019 hebben de pleidooien plaatsgevonden. Na afloop van de pleidooien
heeft de rechtbank partijen laten weten er naar te streven om op 3 juli a.s.
uitspraak te doen. Zodra uitspraak is gedaan, zal daarvan mededeling worden
gedaan op de websites van de advocatenkantoren van curatoren.
29-05-2019
4
Toelichting vordering van bank(en)
Verslagperiode 13 - 28 november 2019:
Voor de ontwikkelingen in de procedure tegen de Rabobank wordt verwezen
naar 1.5.
28-11-2019
5
Toelichting vordering van bank(en)
Verslagperiode 14 – 2 juni 2020:
Voor nadere informatie over de procedure tegen de Rabobank wordt verwezen
naar 1.5.
02-06-2020
6
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
Op bij de Rabobank door meerdere OAD vennootschappen aangehouden
bankrekeningen zijn na faillissementsdatum de nodige betalingen (door
derden) ontvangen. Deze betalingen zijn grotendeels ontvangen na het
moment dat door de Rabobank de bedragen van € 5.319.625,06 en €
2.000.000,- zijn overgeboekt naar de betreffende OAD vennootschappen (zie
hiervoor). De door de betalingen door derden ontstane creditsaldi bij de
betreffende OAD vennootschappen bedragen samen afgerond € 415.000,-. De
Rabobank heeft voormeld bedrag op een zogenaamde tussenrekening op haar
eigen naam geplaatst. De Rabobank wenst dit totaalbedrag onder zich te
houden om daaruit de kosten van de door haar ingeschakelde advocaten in de
procedure tegen Stichting Administratiekantoor OAD Holding te voldoen. De
Rabobank baseert haar standpunt op een tweetal argumenten. Curatoren
menen dat de Rabobank zich niet kan verhalen op genoemd bedrag van €
415.000,- omdat de door de Rabobank aangedragen argumenten volgens hen
niet valide zijn. Curatoren wensen dat de Rabobank voormeld bedrag aan de
boedels van de betreffende OAD vennootschappen betaalt. In de afgelopen
verslagperiode heeft overleg plaatsgevonden met de Rabobank met als doel
een oplossing voor dit verschil van mening te vinden.
Toelichting vordering van bank(en)
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021:
In de voorbije verslagperiode heeft Rabobank een bedrag van EUR 414.455,38
op de boedelrekening overgemaakt. Deze betaling ziet op diverse creditsaldi
die ontstaan zijn na datum faillissement. In eerste instantie wilde Rabobank
deze saldi niet aan curatoren overmaken omdat zij daaruit de kosten van de
door haar ingeschakelde advocaten in de procedure tegen STAK wilde voldoen.
Uiteindelijk hebben curatoren met Rabobank een regeling getroffen,
inhoudende dat Rabobank het totaal aan creditsaldi aan curatoren overmaakt,
in ruil waarvoor curatoren - onder strikte voorwaarden - voor maximaal een
bedrag van EUR 15.000 instaan voor de proceskosten, mocht STAK de
procedure tegen Rabobank verliezen (zie 1.5) en STAK de proceskosten
(gedeeltelijk) niet mocht voldoen. De tussen curatoren en Rabobank getroffen
regeling, die is goedgekeurd door de rechter-commissaris, is vastgelegd in een
vaststellingsovereenkomst. Daarmee is de kwestie creditsaldi, op genoemde
(beperkte) proceskostengarantie na, afgerond.
31-05-2021
7
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
Let op: de hierna genoemde zekerheden zijn alle zekerheden die de Rabobank
ten tijde van de uitspraak van het faillissement had op vennootschappen in de
Oad Groep. Niet alle zekerheden hebben betrekking op het onderhavige
faillissement.
De zekerheden van de Rabobank bestaan uit:
het pandrecht op:
-alle huidige en toekomstige inventaris;
-alle huidige en toekomstige voorraden;
-alle huidige en toekomstige rechten van intellectueel eigendom;
-alle huidige en toekomstige rechten/vorderingen op de Stichting Internet
Domein Registratie Nederland (SIDN) uit hoofde van de bij SIDN geregistreerde
31-07-2018
3
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
domeinnamen;
-alle ten tijde van de registratie van de pandakte bestaande
rechten/vorderingen op derden en alle rechten/vorderingen die worden
verkregen uit ten tijde van de registratie van de pandakte bestaande
rechtsverhoudingen;
een recht van hypotheek op:
-het opstalrecht, inhoudende de bevoegdheid tot het hebben van een
overkapping ten behoeve van een overdekte opstapplaats voor passagiers en
autobussen op het perceel, gelegen aan de Sint Jansgildestraat te Beek
(gemeente Montferland), kadastraal bekend gemeente Bergh, sectie L nummer
813;
-het woonhuis met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 7671 HA Neede, Borculoseweg 36a en 38, kadastraal bekend
gemeente Neede, sectie C nummer 8474;
-het woonhuis met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 6881 SM Velp, Emmastraat 7, kadastraal bekend gemeente Velp,
sectie H nummer 2131;
-een perceel grond, gelegen aan de Enterseweg te Goor, kadastraal bekend
gemeente Goor, sectie A nummer 2463;
-het bedrijfspand met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 7471 ST Goor, Breukersweg 2, kadastraal bekend gemeente Goor,
sectie A nummer 3171;
-het woonhuis met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 7471 BR Goor, Grotestraat 72 en 72b, kadastraal bekend gemeente
Goor, sectie C nummer 3431;
-het woonhuis met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 7451 CM Holten, Oude Deventerweg 5, kadastraal bekend
gemeente Holten, sectie E nummer 3374;
-een perceel grond, gelegen aan de Burgemeester van der Borchstraat te
Holten, kadastraal bekend gemeente Holten, sectie E nummer 3575;
-het woonhuis met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 7451 CM Holten, Oude Deventerweg 1, kadastraal bekend
gemeente Holten, sectie E nummer 3476;
-het bedrijfspand met woning, ondergrond en verdere aanhorigheden, staande
en gelegen te 7451 CH Holten, Burgemeester van der Borchstraat 2, 4 en 6,
kadastraal bekend gemeente Holten, sectie E nummer 3492;
-een perceel grond, gelegen aan de Oude Deventerweg te Holten, kadastraal
bekend gemeente Holten, sectie F nummer 5748;
-het opstalrecht, inhoudende de bevoegdheid tot hebben en houden van
gebouwen en opstallen (bedrijfspand met bedrijfswoning) op het perceel
gelegen te 7462 BA Rijssen, Walstraat 1, 5 en 9, kadastraal bekend gemeente
Rijssen, sectie F nummer 3799;
-het bedrijfspand met ondergrond en verdere aanhorigheden, staande en
gelegen te 1381 BA Weesp, Slijkstraat 20, kadastraal bekend gemeente
Weesp, sectie A nummer 5359.
Zie hiervoor ("vordering van de bank"). 31-07-2018
3
Geen meldingen. 31-07-2018
3
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
Geen meldingen. 31-07-2018
3
Geen meldingen. 31-07-2018
3
Toelichting
Afhankelijk van de uitkomst van de kwestie zoals bedoeld hierboven onder
'toelichting vordering bank' zullen er wel of geen (nadere) afspraken worden
gemaakt over een boedelbijdrage.
31-07-2018
3
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
6.1 Exploitatie / zekerheden
Verslag 1 - 8:
Zie vorige verslagen.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Correspondentie en besprekingen met door curatoren ingeschakelde advocaat,
correspondentie met extern bureau, correspondentie met rechter-commissaris,
correspondentie en besprekingen met vertegenwoordigers Stichting
Administratiekantoor OAD Groep Holding en de advocaten van genoemde
Stichting. Opstellen/beoordelen diverse contractstukken verband houdende
met de overdracht van de claim van curatoren op de Rabobank.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Correspondentie met procesadvocaat waar het betreft de introductie van de
procedure tegen Rabobank bij de rechtbank en de overname van deze
procedure door de procesadvocaat van de Stichting Administratiekantoor OAD
Groep Holding.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Correspondentie met de procesadvocaat van de Stichting Administratiekantoor
OAD Groep Holding.
31-07-2018
3
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Correspondentie en overleg met de procesadvocaat van de Stichting
Administratiekantoor OAD Groep Holding. Bestudering/beoordeling van de
processtukken en het bijwonen van de pleidooien in de procedure tussen
Stichting Administratiekantoor OAD Groep Holding en Rabobank.
29-05-2019
4
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019:
Correspondentie en overleg met de procesadvocaat van Stichting
Administratiekantoor OAD Groep Holding (STAK) over het tussenvonnis van de
rechtbank Midden Nederland, op 3 juli 2019 gewezen in de procedure tussen
STAK en Rabobank, in het bijzonder over de invulling van de door de rechtbank
aan STAK gegeven bewijsopdracht (zie hiervoor, punt 1.5.)
28-11-2019
5
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020:
Correspondentie en overleg met de procesadvocaat van Stichting
Administratiekantoor OAD Groep Holding (STAK) over het (verloop van het)
getuigenverhoor; het bijwonen van de diverse verhoren.
Overleg en uitvoerige correspondentie met de Rabobank over de creditsaldi op
de bankrekeningen van de betreffende OAD vennootschappen (zie 5.1).
02-06-2020
6
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021:
Overleg en correspondentie met Rabobank en rechter-commissaris over de
creditsaldi op de bankrekeningen van de betreffende OAD vennootschappen
(zie 5.1).
31-05-2021
7
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
Oad Bus B.V. (een nieuwe vennootschap opgericht door de kopende
investeringsmaatschappij dus niet behorend tot de vennootschappen binnen
het concern) heeft de activiteiten van OAD Touringcarbedrijf B.V. uit het
faillissement doorgestart.
Ten aanzien van de wijze van verkoop van de bus gerelateerde activiteiten en
de door Oad Bus B.V. in dat kader betaalde koopsommen merken curatoren, in
navolging op hetgeen in de eerdere algemene toelichting op de eerste
verslagen Oad Groep B.V. c.s. staat vermeld, het volgende op. In acht
genomen de omstandigheden die genoemd staan in voormelde toelichting
hebben curatoren naar bevind van zaken gehandeld en er daarbij voor
gekozen om met een beperkt aantal partijen in onderhandeling te treden over
de verkoop van de bus-gerelateerde activiteiten. Uiteindelijk zijn curatoren er
in geslaagd om met Oad Bus B.V. tot overeenstemming te komen ten aanzien
van de verkoop van een aantal met naam en toenaam genoemde
activa/activiteiten, met als doel de bus gerelateerde activiteiten voort te
zetten. Ten aanzien van de prijsvorming merken curatoren op dat bij
acceptatie van het (eind)bod van Oad Bus B.V., waarvan de waarden lagen
boven de getaxeerde waarden, zekerheid werd verkregen, zowel ten aanzien
van de opbrengst als ten aanzien van het behoud van een groot deel van de
daarmee gemoeide werkgelegenheid, welke zekerheid er niet zou zijn
geweest, indien het voorliggende (eind)bod van Oad Bus B.V. niet zou zijn
geaccepteerd en curatoren met andere partijen verder onderhandeld zouden
hebben. Daarbij speelt op de achtergrond mee dat voormeld (eind)bod van
Oad Bus B.V. niet alleen lag boven de getaxeerde waarden maar daarenboven
ook lag boven bedragen die voor faillissement op dezelfde activa/activiteiten
waren geboden, terwijl men normaliter er rekening mee moet houden dat een
faillissement juist een waardedrukkend effect heeft. Tot slot speelde bij de
acceptatie van het (eind)bod van Oad Bus B.V. mee dat een regionaal
vervoerder, met wie Oad Busbedrijf B.V. een overeenkomst had voor de
onderhoud van bussen, curatoren te kennen had gegeven dat ingeval niet op
korte termijn zekerheid zou worden verkregen ten aanzien van de voortzetting
van deze overeenkomst, het onderhoud elders zou worden ondergebracht,
welke beslissing in negatieve zin effect zou hebben op de te realiseren
verkoopopbrengst.
Los van dit alles merken curatoren op in verslagperioden 2 en 3 met Oad Bus
B.V. gesproken te hebben over een aantal kwesties die verband houden met
de doorstart. Onder meer gaat het daarbij om de voorwaarden van het
voortgezet tijdelijk gebruik van ruimten in het hoofdkantoor van Oad in Holten
door Oad Bus B.V., vooruitlopende op een verhuizing naar het pand in Goor.
Daarnaast heeft Oad Bus B.V. curatoren te kennen gegeven een aantal zaken,
die -in eerste instantie- nog niet bij de doorstart waren betrokken (o.a. ski's,
hardware, kantoorinventaris en een voertuig) alsnog van curatoren te willen
kopen. Ten tijde van het uitbrengen van dit verslag waren de
onderhandelingen daarover deels reeds afgerond/deels nog gaande. In het
volgende verslag zullen curatoren op dit punt nader verslag doen.
De onderhandelingen over voorgaande onderdelen verkeren ten tijde van het
leggen van het derde verslag in een eindfase; de verwachting is dat in het
volgende verslag de laatste obstakels geslecht zullen zijn en zal een eind-
resultaat gepresenteerd kunnen worden.
In de vierde verslagperiode is met Oad Bus B.V. overeenstemming bereikt over
de bijdrage van Oad Bus B.V., gemoeid met het voortgezet tijdelijk gebruik van
ruimten van het hoofdkantoor én over de verkoop van een aantal roerende
zaken. Tevens is er tussen partijen overeenstemming bereikt over de
afrekening van diverse out of pocket-kosten, welke kosten zien op de periode
van de faillietverklaring tot aan het moment van de overname van de
31-07-2018
3
6.2 Financiële verslaglegging
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
activiteiten van Oad Bus B.V. Het gaat daarbij om kosten die door derden bij
Oad Bus B.V. in rekening zijn gebracht, terwijl die kosten betrekking hebben op
genoemde periode en waarvan de omzet aan de boedel ten goede is
gekomen. Het gaat daarbij onder meer om brandstofkosten, tol en
incl. BTW, waar het gaat om de brandstofkosten, en € 16.189,00 incl. BTW,
waar het gaat om overige out of pocketkosten. Overeengekomen is dat
curatoren genoemde bedragen aan Oad Bus B.V. zullen betalen.
Daartegenover staat dat curatoren aanspraak hebben op vergoeding van
kosten, gemoeid met het voortgezet tijdelijk gebruik van de ruimten van het
hoofdkantoor door Oad Bus B.V. Daarmee is een bedrag van € 15.815,46 incl.
BTW gemoeid. Het betreft hier de bijdrage van Oad Bus B.V. in de kosten van
gas, water en licht.
Curatoren hebben genoemde verkopen en onderlinge afrekeningen financieel
verantwoord in het faillissementsverslag van Oad Busbedrijf B.V. onder punt 3.
Daarin staan ook de koopsommen van de diverse roerende zaken vermeld.
Opgemerkt wordt dat genoemde opbrengsten en kosten nog toegerekend
moeten worden aan de diverse boedels.
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
Doorstarten onderneming
Zie hiervoor. 31-07-2018
3
Zie hiervoor. 31-07-2018
3
Toelichting
Zie hiervoor.
31-07-2018
3
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
Zie vorige verslagen. 31-07-2018
3
7. Rechtmatigheid
Art 2:10 Burgerlijk Wetboek. Het bestuur dient een administratie te voeren
zodanig dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de rechtspersoon
kunnen worden gekend. Of aan de boekhoudplicht is voldaan zal worden
onderzocht door de curatoren.
In verslagperiode 2 is aan een internationaal opererend kantoor met
forensisch accountants opdracht gegeven om een "quick scan" uit te voeren
naar de wijze waarop de administratie werd gevoerd. Voordat deze "quick
scan" kan worden uitgevoerd dient de fysieke en digitale administratie te
worden zekergesteld.
In verslagperiode 3 is de fysieke en digitale administratie veilig gesteld (zie
hierna). Dit maakt het mogelijk om de aankomende verslagperiode de "quick
scan" te starten. Gezien het feit dat er verschillende onderzoeken naast elkaar
lopen, menen curatoren er verstandig aan te doen om met de verschillende
onderzoekers afspraken te maken omtrent de coördinatie van diverse
onderzoeken, zulks met het doel te voorkomen dat op onderdelen dubbel werk
wordt gedaan. Daarnaast dient tussen de diverse onderzoekers afstemming
plaats te vinden ten aanzien van het (gelijktijdig) gebruik van diverse bronnen,
waaruit geput moet worden (waartoe te rekenen: de (fysieke en digitale)
administratie). Het onderzoek ten aanzien van de wijze waarop afstemming
het best kan plaatsvinden loopt nog. Ten aanzien van de ontwikkelingen op dit
punt verwijzen curatoren naar de algemene toelichting.
Fysieke administratie.
Op diverse plaatsen in het pand te Holten is een behoorlijke hoeveelheid
administratie aangetroffen. Het betreft onder meer financiële administratie,
managementinformatie, jaarverslagen, notulen, maar ook gedetailleerde
(project)administratie van bepaalde afdelingen van Oad c.s., zoals
Groepsreizen, Sports & Incentives, Disney, etc.
Daarnaast is sprake van een grote hoeveelheid archief, dat tot nu toe in het
pand te Holten ligt opgeslagen (onder meer "Oad Archief" en directiearchief).
Omdat curatoren op dit moment niet goed kunnen inschatten welke
administratie bij de afwikkeling van het faillissement relevant is c.q. kan
worden, is besloten om de administratie grotendeels te bewaren. Daarbij dient
ook te worden zeker gesteld dat de betreffende administratie goed, snel en
gemakkelijk terug te vinden is. Geconstateerd is dat het om een grote
hoeveelheid te archiveren materiaal gaat, zodat de opslag en indexering
daarvan complex is en forse kosten met zich mee zal brengen.
Curatoren hebben een drietal partijen gevraagd een offerte te maken voor het
zekerstellen, indexeren en opslaan van de administratie. Uiteindelijk is aan
Vada Archieven B.V. te Nijverdal opdracht gegeven deze werkzaamheden uit te
voeren. Ten aanzien van de indexering zullen curatoren een lijst ontvangen
waarop de administratie (ordnerruggen/dossiernaam) en een
31-07-2018
3
locatieaanduiding worden vermeld. Tevens worden foto's genomen van de
administratie en de opstelling zoals deze was, zodat aan de hand daarvan kan
worden gereconstrueerd welke administratie waar stond (welke kamer / plek
in de kamer / kast). Curatoren proberen op deze wijze zeker te stellen dat op
zoveel mogelijk manieren relevante administratie kan worden teruggevonden.
Voorts hebben curatoren met Vada Archieven B.V. afspraken gemaakt over het
raadplegen van de gearchiveerde informatie, bij Vada dan wel middels het
toezenden (digitaal/fysiek) van de betreffende stukken.
Op het moment van verslaglegging betreffende het derde verslag heeft Vada
Archieven B.V. tweederde van de totale administratie geïnventariseerd en
gerubriceerd, zodat die op elk gewenst moment door curatoren en
onderzoekers die in opdracht van curatoren werkzaamheden verrichten,
opvraagbaar is. Het gaat daarbij om meer dan 15.000 items (mappen c.q.
ordners). Het streven is om de aankomende weken het geheel af te ronden.
Aan het eind van de rit zullen uiteindelijk ruim 22.000 items zijn gerubriceerd
en geïnventariseerd.
In verslagperiode 4 heeft Vada Archieven B.V. de aan haar opgedragen
werkzaamheden afgerond. De totale administratie is geïnventariseerd en
gerubriceerd. Aan de hand van door Vada opgestelde inventarislijsten kunnen
diverse items behorende tot de administratie op eenvoudige wijze worden
opgevraagd.
In verslagperiode 5 zijn uit de administratie de relevante delen geselecteerd
aan de hand van selectiecriteria. Ongeveer 1.600 ordners zijn aldus als zijnde
relevant gesepareerd. De inhoud van deze ordners diende gescand te worden
opdat deze aan de dataroom toegevoegd kunnen worden. Het proces van het
scannen is recent voltooid. Op het moment van opmaken van dit verslag wordt
de digitale inhoud van de ongeveer 1.600 ordners in de dataroom gebracht
(zie algemene toelichting als bijlage 1 bij dit verslag).
In verslagperiode 6 is het inrichten en vullen van de dataroom afgerond. In de
dataroom is onder andere een grote hoeveelheid scans van de relevante
stukken uit de fysieke administratie opgenomen. Het is voor curatoren en door
hen ingeschakelde derden mogelijk om via een beveiligde verbinding de
informatie die zich in de dataroom bevindt (waartoe gerekend scans van
stukken uit de fysieke administratie) op afstand te raadplegen.
Digitale administratie.
Curatoren zijn tijdens verslagperiode 2 bezig geweest met het zeker stellen
van de digitale administratie van Oad. Dit is onder meer van belang voor het
incasseren van debiteuren, voor het uitfactureren van onderhanden werk (voor
zover nog niet gebeurd) en voor het reguliere onderzoek naar de
administratie.
Teneinde de ICT-infrastructuur in kaart te brengen, is een sessie belegd met
als deelnemers (1) een vertegenwoordiging namens curatoren, (2) 3 oud-ICT-
medewerkers van Oad en (3) forensisch accountants, die voor curatoren van
de digitale administratie een backup zullen maken. Tijdens die bespreking is
gebleken dat de ICT-structuur en infrastructuur zeer omvangrijk en complex is,
onder meer omdat een veeltal aan verschillende systemen (deels zelfbouw,
deels op de markt beschikbare pakketten) gebruikt werden/worden en aan
elkaar gekoppeld zijn. Daarbij is bovendien van belang dat het serverpark
(fysiek) deels in het pand te Holten en deels bij een externe partij te Enschede
aanwezig is.
Omdat op het moment van het leggen van het tweede verslag nog niet geheel
duidelijk was welke data in het kader van de afwikkeling van het faillissement
relevant zal zijn, is besloten om het traject in meerdere fasen op te knippen. In
7.2 Depot jaarrekeningen
fase 1 worden de data "sec" zekergesteld. In fase 2 wordt essentiële
bedrijfsinformatie, zoals de financiële administratie, toegankelijk en
raadpleegbaar gemaakt. In de daarop volgende fasen kunnen de betreffende
data vervolgens, voor zover dit nodig mocht blijken te zijn, worden ontsloten
en geraadpleegd. Met het zekerstellen van de data (en, in de volgende fase,
ook met het raadplegen daarvan), zijn, vanwege de complexiteit en de omvang
van het systeem en de daarin vervatte data, forse kosten gemoeid. Het belang
van een behoorlijke afwikkeling van de faillissementen brengt met zich dat
deze investering niettemin noodzakelijk is.
In verslagperiode 3 is de eerste fase (het veilig stellen van de digitale
administratie) afgerond en is het bedrijf dat in opdracht van curatoren de
administratie heeft veilig gesteld begonnen met de tweede fase: het ontsluiten
van een deel van de veilig gestelde gegevens (met name: de administratie),
door deze gegevens in bruikbare vorm te exporteren. Tevens wordt door dit
bedrijf, in opdracht van curatoren, onderzoek gedaan naar het live brengen
van de oude systemen, zodat via die weg de veilig gestelde gegevens kunnen
worden benaderd (de derde fase).
Ten tijde van het leggen van het derde verslag liep dat onderzoek nog.
In verslagperiode 4 zijn de belangrijkste digitale systemen live gebracht en is
(mede daardoor) een groot deel van de digitale administratie ontsloten. Een
en ander is van groot belang voor de verdere onderzoeken en discussie met
bepaalde partijen. (debiteuren én zakenpartners) over de gehoudenheid tot
betaling.
In verslagperiode 5 zijn de voor de onderzoeken relevante delen uit de digitale
administratie geselecteerd. Dit proces is op het moment van opmaken van dit
verslag nagenoeg voltooid. Na voltooiing zullen de onderzoeken gestart
kunnen worden.
In verslagperiode 6 is het inrichten en vullen van de dataroom afgerond. Het is
voor curatoren en door hen ingeschakelde derden mogelijk via een beveiligde
verbinding op afstand informatie uit de dataroom te raadplegen, zulks ten
behoeve van door hen te verrichten onderzoek.
In verslagperiode 7 is veelvuldig gebruik gemaakt van de dataroom.
Ook in verslagperiode 8 is gebruik gemaakt van de dataroom.
Ook in verslagperiode 9 is gebruik gemaakt van de dataroom.
Het boekjaar van Oad loopt van 1 november tot 31 oktober. Uit het online
handelsregister van de Kamer van Koophandel blijkt dat de
groepsjaarrekening over het boekjaar 2010-2011 op 6 december 2012 door
OAD Groep Holding B.V. is gedeponeerd. Dat is een overschrijding van de
wettelijke termijn met 6 dagen.
In de rechtspraak wordt een dergelijke overschrijding niet aangemerkt als
onbehoorlijk bestuur dat geacht wordt een belangrijke oorzaak van het
faillissement te zijn. De jaarrekening over het boekjaar 2011-2012 was ten
tijde van de uitspraak van het faillissement nog niet gepubliceerd.
De curatoren onderzoeken of de wettelijke publicatietermijn voor de
jaarrekening over het boekjaar 2011-2012 is overschreden en zo ja, wat
daarvan de gevolgen zijn.
31-07-2018
3
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
Voor de jaarrekening over het boekjaar 2010-2011 is een controleverklaring
afgegeven door een onafhankelijk accountant.
Voor de jaarrekening over het boekjaar 2011-2012 was ten tijde van de
uitspraak van het faillissement nog geen controleverklaring afgegeven door
een onafhankelijk accountant.
31-07-2018
3
Door de curatoren zal worden onderzocht of is voldaan aan de verplichting tot
volstorting van de aandelen.
31-07-2018
3
Toelichting
Door de curatoren zal worden onderzocht of bestuurders hun taak kennelijk
onbehoorlijk hebben vervuld en zo ja, of aannemelijk is dat dit een belangrijke
oorzaak is van het faillissement (als bedoeld in art 2:248 Burgerlijk Wetboek),
dan wel of bestuurders anderszins aansprakelijk zijn te achten. In het kader
van het faillissement zullen de curatoren de gebruikelijke onderzoeken doen.
Gelet op de omvang van de onderneming en de met het faillissement gemoeide
belangen, zullen de curatoren bij het doen van onderzoek gebruik maken van
forensisch accountants en externe advocaten. De verwachting is dat het
onderzoek geruime tijd in beslag zal nemen. Zoals hiervoor onder 7.1 al
gemeld is aan een extern kantoor opdracht geven om een "quick scan" uit te
voeren naar de wijze waarop de administratie werd gevoerd. Tevens wordt
met een extern advocatenkantoor gewerkt aan een opzet voor een onderzoek
naar de oorzaken van de faillissementen.
Met het in 7.1 vermelde internationaal opererende kantoor is in de derde
verslagperiode een eerste opzet voor een onderzoek naar de oorzaken van de
faillissementen en het optreden van het bestuur en toezichthouders, in de
periode voorafgaande aan het faillissement, gemaakt. De verwachting is dat in
het volgende verslag meer hieromtrent te melden zal zijn.
Voor wat betreft de ontwikkelingen in verslagperiode 5 ten aanzien van het
onderzoek naar de oorzaken van de faillissementen en het optreden van het
bestuur en toezichthouders in de periode voorafgaande aan het faillissement,
wordt verwezen naar de algemene toelichting.
Voor wat betreft de ontwikkelingen in verslagperiode 6 ten aanzien van het
onderzoek naar de oorzaken van het faillissement en het optreden van het
bestuur en toezichthouders in de
periode voorafgaande aan het faillissement, wordt verwezen naar de
algemene toelichting.
Voor wat betreft de ontwikkelingen in verslagperiode 7 ten aanzien van het
onderzoek naar de oorzaken van het faillissement en het optreden van het
bestuur en toezichthouders in de periode voorafgaande aan het faillissement,
wordt verwezen naar de algemene toelichting.
Voor wat betreft de ontwikkelingen in verslagperiode 8 ten aanzien van het
onderzoek naar de oorzaken van het faillissement en het optreden van het
bestuur en toezichthouders in de periode voorafgaande aan het faillissement,
wordt verwezen naar de algemene toelichting.
31-07-2018
3
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het gaat om het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting die op de websites van de advocatenkantoren
van curatoren staat gepubliceerd.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het gaat om het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting, die op de websites van de advocatenkantoren
van curatoren staat gepubliceerd.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het gaat om het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting, die op de websites van de advocatenkantoren
van curatoren staat gepubliceerd.
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het gaat om het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting, die op de websites van de advocatenkantoren
van curatoren staat gepubliceerd.
29-05-2019
4
Toelichting
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting die op de websites van de advocatenkantoren
van curatoren staat gepubliceerd.
28-11-2019
5
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting die op de websites van de advocatenkantoren
van curatoren staat gepubliceerd.
02-06-2020
6
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting die op de website van het kantoor van één van
de curatoren, te weten: Benthem Gratama, staat gepubliceerd.
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
31-05-2022
8
7.6 Paulianeus handelen
naar de algemene toelichting die op de website van het kantoor van één van
de curatoren, te weten: Benthem Gratama, staat gepubliceerd.
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting behorende bij het vorige verslag (verslagnummer
16) die op de website van het kantoor van één van de curatoren, te weten:
Benthem Gratama, staat gepubliceerd. Hangende het hoger beroep in de
procedure tussen STAK en Rabobank zijn er, om redenen als gemeld in
genoemde toelichting, geen zaken te melden. Zie voor een nadere toelichting
van de stand van zaken ten aanzien van de hoger beroepsprocedure hetgeen
daarover vermeld staat aan het slot van het hoofdstuk "inventarisatie".
30-05-2023
9
Toelichting
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt verwezen
naar de algemene toelichting behorende bij verslagnummer 16 dat op de
website van het kantoor van één van de curatoren, te weten: Benthem
Gratama, staat gepubliceerd. In die toelichting hebben curatoren- kort gezegd
- aangegeven dat zolang de procedure tussen STAK en Rabobank nog loopt er,
om redenen als gemeld in genoemde toelichting, geen zaken worden gemeld.
Hoewel in de afgelopen verslagperiode het hoger beroep voor STAK verloren is
gegaan betekent dit niet automatisch dat daarmee de procedure is geëindigd.
STAK kan immers besluiten om in cassatie te gaan. Zolang niet bekend is of en
in hoeverre de procedure wordt gevolgd houden curatoren vast aan de in het
verleden gekozen lijn. Zie voor een nadere toelichting over de uitkomst van de
hoger beroepsprocedure en het vervolg hetgeen daarover vermeld staat aan
het slot van het hoofdstuk "inventarisatie".
01-03-2024
10
Toelichting
Verslagperiode 19 - d.d. 1 oktober 2024:
Voor wat betreft de ontwikkelingen die in de voorbije verslagperiode hebben
plaatsgevonden, waar het betreft het oorzakenonderzoek, wordt
teruggegrepen op de algemene toelichting behorende bij verslagnummer 16
dat op de website van het kantoor van één van de curatoren, te weten:
Benthem Gratama, staat gepubliceerd. In die toelichting hebben curatoren -
kort gezegd - aangegeven dat zolang de procedure tussen STAK en
Rabobank nog loopt er, om redenen als gemeld in genoemde toelichting,
geen zaken worden gemeld. Hoewel begin dit jaar het hoger beroep voor
STAK verloren is gegaan betekent dit niet dat daarmee de procedure is
geëindigd. STAK heeft immers, zoals eerder in dit verslag gemeld (zie hiervoor
hoofdstuk 1.5), besloten om cassatie in te stellen. Zolang de uitkomst van de
procedure tussen STAK en Rabobank nog niet definitief bekend is, houden
curatoren vast aan de in het verleden gekozen insteek.
01-10-2024
11
7.6 Paulianeus handelen
7.7 Toelichting rechtmatigheid
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
Toelichting
Door de curatoren zal onderzoek worden gedaan naar rechtshandelingen die
mogelijk een of meerdere schuldeisers benadeeld hebben, zo nodig worden
deze rechtshandelingen door een buitengerechtelijke verklaring vernietigd. Dit
onderdeel zal mede betrokken worden in het boekenonderzoek.
31-07-2018
3
Verslag 1 - 8: zie vorige verslagen.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Geen. Voor wat betreft de redenen waarom wordt verwezen naar de
algemene toelichting, die op de websites van de advocatenkantoren van
curatoren staat gepubliceerd.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Correspondentie met de rechter-commissaris over de nadere opzet en
inrichting van het oorzakenonderzoek; opstellen en invullen van een matrix,
waarin de feiten, opgetekend in een groot aantal interviews, op systematische
wijze worden geordend/gerubriceerd.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Invullen van een matrix, waarin de feiten, opgetekend in een groot aantal
interviews, op systematische wijze worden geordend/gerubriceerd;
Correspondentie met de rechter-commissaris over de uitkomst van het
onderzoek en het vervolg.
31-07-2018
3
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Overleg met de rechter-commissaris over de voortgang van het
oorzakenonderzoek. Correspondentie/overleg met de door curatoren
ingeschakelde forensisch accountant.
29-05-2019
4
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019:
Overleg met de rechter-commissaris over de voortgang van het
oorzakenonderzoek; correspondentie/overleg met de door curatoren
ingeschakelde forensisch accountant.
28-11-2019
5
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020:
Correspondentie/overleg met de door curatoren ingeschakelde forensisch
accountant.
02-06-2020
6
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021:
Correspondentie/overleg met de door curatoren ingeschakelde forensisch
accountant.
31-05-2021
7
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022:
Correspondentie/overleg met de door curatoren ingeschakelde forensisch
accountant.
31-05-2022
8
8.1 Boedelvorderingen
8. Crediteuren
€ 915.343,01
Toelichting
Door het UWV zijn tot en met verslagperiode 9 boedelvorderingen ingediend
wegens overgenomen loonverplichtingen ter hoogte van in totaal €
915.343,01. De hoogte van diverse overige boedelvorderingen met betrekking
tot huur, energielasten, kosten verzekeringen, brandstofkosten etc. is nog niet
exact bekend.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Er hebben zich in verslagperiode 10 geen wijzigingen voorgedaan, waar het
betreft de boedelvorderingen.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Er hebben zich in verslagperiode 11 geen wijzigingen voorgedaan, waar het
betreft de boedelvorderingen.
31-07-2018
3
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Er hebben zich in verslagperiode 12 geen wijzigingen voorgedaan waar het
betreft de boedelvorderingen.
29-05-2019
4
Toelichting
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november: Er hebben zich in verslagperiode 13
geen wijzigingen voorgedaan waar het betreft de boedelvorderingen.
28-11-2019
5
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020: Er hebben zich in verslagperiode 14 geen
wijzigingen voorgedaan waar het betreft de boedelvorderingen.
02-06-2020
6
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021: Er hebben zich in verslagperiode 15
geen wijzigingen voorgedaan waar het betreft de boedelvorderingen.
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022: Er hebben zich in verslagperiode 16
geen wijzigingen voorgedaan waar het betreft de boedelvorderingen.
31-05-2022
8
€ 915.343,01
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023: Er hebben zich in verslagperiode 17
geen wijzigingen voorgedaan waar het betreft de boedelvorderingen.
30-05-2023
9
8.2 Pref. vord. van de fiscus
€ 915.343,01
Toelichting
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024: Er hebben zich in verslagperiode 18
geen wijzigingen voorgedaan waar het betreft de boedelvorderingen.
01-03-2024
10
€ 589.651,00
Toelichting
Een fiscalist die kantoor houdt in het kantoor van een van de curatoren, mr.
G.W. Luesink, is doende de fiscale positie van de vennootschappen in beeld te
brengen. Hij voert daartoe overleg met de belastingdienst. Onder meer is er
een geschil over de vraag of een of meer van de gefailleerde vennootschappen
terecht scholingsaftrek genoten hebben.
In verslagperiode 4 hebben curatoren, na verkregen toestemming van de
rechter-commissaris, KPMG Meijburg & Co ingeschakeld om hen bij te staan in
de discussie met de belastingdienst betreffende door Oad genoten fiscale
voordelen, verband houdende met scholingsaftrek. De belastingdienst stelt
zich op het standpunt dat deze aftrek ten onrechte is genomen en heeft om
die reden aan diverse vennootschappen, behorende tot het Oad concern een
aanslag loonbelasting van in totaal ruim € 2.400.000,00 opgelegd. Deze
aanslagen loonheffing zijn vooralsnog aan andere gefailleerde
vennootschappen opgelegd, te weten: Globe Reisburo B.V. (€ 2.118.000,00),
Brooks Reisburo B.V. (€ 230.000,00), Reisburo Van Staalduinen B.V. (€
91.659,00) en OAD Reizen B.V. (€ 3.104,00).
In verslagperiode 5 heeft er overleg plaatsgevonden tussen de functionaris
van Meijburg & Co en de belastingdienst. Dit overleg heeft nog niet tot een
uitkomst geleid. Curatoren hebben in verslagperiode 5 tevens degenen die
indertijd een (advies)rol hebben vervuld terzake van de scholingsaftrek
aansprakelijk gesteld voor de schade die de diverse boedels zullen lijden,
mocht blijken dat ten onrechte scholingsaftrek is genoten. Het betreffen hier
partijen die zelf ook in staat van faillissement verkeren. Curatoren hebben
niets anders gekund dan hun vordering ter verificatie aan te melden.
In verslagperiode 6 heeft KPMG Meijburg & Co diverse informatie aan de
belastingdienst gezonden, die de wijze staven waarop Oad haar opleidingen
had ingericht en de manier waarop Oad is omgegaan met de fiscale
regelgeving op dit punt. De documenten bevestigen naar het oordeel van
KPMG Meijburg & Co dat Oad serieus is omgegaan met het onderwijs en de
daaraan verbonden voorwaarden, dat de opleidingen dan ook realiteitswaarde
hebben gehad en dat de belastingdienst dus ten onrechte stelt dat een en
ander niet voldoet aan de daaraan te stellen eisen om in aanmerking te komen
voor scholingsaftrek. Afgewacht dient te worden of en in hoeverre de
belastingdienst de namens curatoren gegeven uitleg accepteert.
In verslagperiode 7 is de discussie met de belastingdienst over de
scholingsaftrek voortgezet. Tot een oplossing heeft dit niet geleid. Op basis
van de huidige stand van zaken, verwachten curatoren dat over deze kwestie
geprocedeerd gaat worden.
Ook in verslagperiode 8 is de discussie met de belastingdienst over de
scholingsaftrek voortgezet, tot op heden zonder resultaat. De aankomende
verslagperiode zal genoemde discussie worden vervolgd. Voorts moet de
verschuldigdheid van buitenlandse omzetbelasting gecontroleerd worden. Ook
31-07-2018
3
aspecten ter zake de vennootschapsbelasting worden bezien. Dit fiscaal
onderzoek loopt nog.
Door de fiscus zijn tot en met de 8e verslagperiode preferente vorderingen
ingediend ter hoogte van € 594.105,00. Dit bedrag bevat een vordering op de
fiscale eenheid OAD Groep B.V. c.s. ter hoogte van € 452.706,00.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Ook in verslagperiode 9 is de discussie met de belastingdienst over de
scholingsaftrek, tot op heden zonder resultaat, voortgezet. Tijdens de 9e
verslagperiode is de eerder door de fiscus ingediende preferente vordering op
de fiscale eenheid OAD Groep B.V. van € 452.706,00 verminderd tot €
441.230,00. De totale vordering van de fiscus komt hiermee op € 582.629,00.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Ook in verslagperiode 10 is de discussie met de belastingdienst over de
scholingsaftrek, tot op heden zonder resultaat, voortgezet.
De totale preferente vordering van de fiscus bedraagt thans € 589.651,00.
Verslag 11 - d.d. 31 juli 2018:
Ook in verslagperiode 11 is de discussie met de belastingdienst over de
scholingsaftrek, tot op heden zonder resultaat, voortgezet.
De totale vordering van de fiscus is ongewijzigd ten opzichte van het vorige
verslag.
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
De discussie met de belastingdienst over de scholingsaftrek is nagenoeg
afgerond. De verwachting is dat een compromis met de belastingdienst
getroffen zal kunnen worden. In het volgende verslag zal daar nader op
ingegaan worden.
De totale preferente vordering van de fiscus is ongewijzigd ten opzichte van
het vorige verslag.
29-05-2019
4
Toelichting
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019:
In de voorbije verslagperiode hebben curatoren, na verkregen goedkeuring
van de rechter-commissaris, met de belastingdienst een regeling getroffen (en
als uitvloeisel daarvan met de belastingdienst een vaststellingsovereenkomst
gesloten), op grond waarvan een groot aantal opgelegde naheffingsaanslagen
is verminderd.
Concreet betekent dit dat de aan Globe Reisburo B.V. opgelegde aanslagen ad
€ 2.118.000 zijn verminderd tot een totaalbedrag € 963.173; de aan Brooks
Reisburo B.V. opgelegde aanslagen ad € 230.000 zijn verminderd tot een
totaalbedrag van € 104.327; de aan Reisburo Van Staalduinen B.V. opgelegde
aanslagen ad € 91.659 zijn verminderd tot een totaalbedrag van € 41.648; de
aan OAD Reizen B.V. opgelegde aanslagen ad € 3.104 zijn verminderd tot een
totaalbedrag van € 1.400.
Dit betekent dat van het totaalbedrag aan aanslagen dat indertijd, in het
kader van de scholingsaftrek discussie, door de belastingdienst aan diverse
vennootschappen behorende tot de OAD groep is opgelegd (zijnde een bedrag
28-11-2019
5
8.3 Pref. vord. UWV
van € ruim 2.400.000), thans nog een bedrag van € 1.110.548 resteert
(exclusief heffingsrente, invorderingsrente en kosten).
Kort en goed: de inspanningen van curatoren én de door hen ingeschakelde
adviseur (KPMG Meiburg) hebben geleid tot een vermindering van de
opgelegde aanlagen met meer dan de helft.
Als uitvloeisel van de getroffen regeling hebben curatoren recent een groot
aantal berichten "vermindering loonheffing" van de belastingdienst ontvangen.
Die moeten nog gecontroleerd worden, voordat in de verschillende
faillissementen de uiteindelijke vordering van de belastingdienst, verband
houdende met de scholingsaftrek, genoteerd kan worden.
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020:
In de voorbije verslagperiode zijn de berichten "vermindering loonheffing",
welke berichten verband houden met en volgen op de met de belastingdienst
getroffen regeling omtrent de scholingsaftrek gecontroleerd en akkoord
bevonden.
02-06-2020
6
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021:De totale preferente vordering van de
fiscus is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022:De totale preferente vordering van de
fiscus is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
31-05-2022
8
€ 589.651,00
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023:De totale preferente vordering van de
fiscus is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
30-05-2023
9
€ 589.651,00
Toelichting
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024:De totale preferente vordering van de
fiscus is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
01-03-2024
10
€ 488.449,46
Toelichting
Door het UWV zijn tot en met de 8e verslagperiode preferente vorderingen
ingediend wegens overgenomen loonverplichtingen ter hoogte van in totaal €
488.449,46.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
De totale preferente vordering van het UWV is ongewijzigd ten opzichte van
31-07-2018
3
8.4 Andere pref. crediteuren
het vorige verslag.
Verslag 11 - d.d. 31 juli 2018:
De totale preferente vordering van het UWV is ongewijzigd ten opzichte van
het vorige verslag.
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
De totale preferente vordering van het UWV is ongewijzigd ten opzichte van
het vorige verslag.
29-05-2019
4
Toelichting
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november: De totale preferente vordering van het
UWV is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
28-11-2019
5
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020: De totale preferente vordering van het
UWV is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
02-06-2020
6
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021: De totale preferente vordering van het
UWV is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022: De totale preferente vordering van het
UWV is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
31-05-2022
8
€ 488.449,46
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023: De totale preferente vordering van het
UWV is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
30-05-2023
9
€ 488.449,46
Toelichting
Verslagperiode 18 - d.d.1 maart 2024: De totale preferente vordering van het
UWV is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
01-03-2024
10
€ 251.570,63
Toelichting
Door een vijftal andere crediteuren is een preferente vordering ingediend. Ten
aanzien van de ontwikkelingen met betrekking tot aanspraken van voormalige
personeelsleden en stagiaires verwijzen curatoren naar hetgeen hiervoor,
31-07-2018
3
onder punt 2, staat gemeld.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Door overige crediteuren is tot en met de 9e verslagperiode een 7-tal
preferente vorderingen ingediend.
Verslag 11 - d.d. 31 juli 2018:
Ter zake de vorderingen ingediend door overige preferente schuldeisers is
niets gewijzigd ten opzichte van de vorige verslagen.
€ 36.909,70
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Eén van de vorderingen van de overige crediteuren is tijdens de twaalfde
verslag periode komen te vervallen. Een andere vordering is verminderd. Het
totaalbedrag van door overige crediteuren ingediende preferente vorderingen
is thans € 36.909,71.
29-05-2019
4
Toelichting
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november: Het totaalbedrag van door overige
crediteuren ingediende preferente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
28-11-2019
5
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020: Het totaalbedrag van door overige
crediteuren ingediende preferente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
02-06-2020
6
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021: Het totaalbedrag van door overige
crediteuren ingediende preferente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022: Het totaalbedrag van door overige
crediteuren ingediende preferente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
31-05-2022
8
€ 36.909,70
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023: Het totaalbedrag van door overige
crediteuren ingediende preferente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
30-05-2023
9
€ 36.909,70
Toelichting
01-03-2024
10
8.5 Aantal concurrente crediteuren
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024: Het totaalbedrag van door overige
crediteuren ingediende preferente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
261
Toelichting
Er bestaat nog geen overzicht van eventueel ingediende vorderingen door
schuldeisers in deze vennootschap. De ingediende vorderingen in alle OAD-
vennootschappen, meer dan 10.000 in totaal, worden gesorteerd en
genoteerd. Bovendien worden de vorderingen summierlijk gecontroleerd als
het vorderingen betreffen op een vennootschap waarin een uitkering te
verwachten is. Curatoren verwachten in het volgende verslag een voorlopige
opstelling te kunnen geven van het totaal aan ingediende vorderingen en de
daarmee gemoeide bedragen. Curatoren achten het voor dit moment te vroeg
om een tussentijdse opgave te doen, aangezien dit, gegeven het feit dat nog
een grote hoeveelheid vorderingen moet worden beoordeeld, een onvolledig
en dientengevolge onjuist beeld geeft van het aantal en de omvang van de
ingediende vorderingen.
Voor de werkzaamheden, verband houdende met de crediteuren, zijn twee
medewerkers aangetrokken voor de duur van 6 maanden.
Tot en met de 8e verslagperiode zijn door crediteuren 259 concurrente
vorderingen ingediend ten bedrage van in totaal € 835.607,50.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Tot en met de 9e verslagperiode zijn door crediteuren 260 concurrente
vorderingen ingediend ten bedrage van in totaal € 841.442,52.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Tot en met de 10de verslagperiode zijn door 261 crediteuren concurrente
vorderingen ingediend.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Tot en met de 11de verslagperiode zijn door 261 crediteuren concurrente
vorderingen ingediend.
31-07-2018
3
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Het aantal concurrente schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het
vorige verslag.
29-05-2019
4
Toelichting
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019: Het aantal concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
28-11-2019
5
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020: Het aantal concurrente schuldvorderingen
is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
02-06-2020
6
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021: Het aantal concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (261).
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022: Het aantal concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (261).
31-05-2022
8
261
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023: Het aantal concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (261).
30-05-2023
9
261
Toelichting
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024: Het aantal concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (261).
01-03-2024
10
€ 897.622,52
Toelichting
Volgens de crediteurenlijst, afkomstig uit de administratie van gefailleerden,
bedraagt het openstaande saldo zo'n € 465.000,00. De crediteuren zijn
aangeschreven en verzocht de vorderingen in te dienen in het faillissement.
Tot en met de 8e verslagperiode is voor een bedrag ad € 835.607,50 aan
concurrente vorderingen ingediend (zie 8.5).
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Tot en met de 9e verslagperiode is voor een bedrag ad € 841.442,52 aan
concurrente vorderingen ingediend (zie 8.5).
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Tot en met de 10e verslagperiode is voor een bedrag ad € 897.622,52 aan
concurrente vorderingen ingediend (zie 8.5).
Verslag 11 - d.d. 31 juli 2018:
Het totaalbedrag aan ingediende concurrente schuldvorderingen is
ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
31-07-2018
3
Toelichting
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Het totaalbedrag aan concurrente schuldvorderingen is ongewijzigd ten
opzichte van het vorige verslag.
29-05-2019
4
Toelichting
28-11-2019
5
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
8.8 Werkzaamheden crediteuren
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019: Het totaalbedrag aan concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
Toelichting
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020: Het totaalbedrag aan concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag.
02-06-2020
6
Toelichting
Verslagperiode 15 - d.d. 31 mei 2021: Het totaalbedrag aan concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (€
897.622,52).
31-05-2021
7
Toelichting
Verslagperiode 16 - d.d. 31 mei 2022: Het totaalbedrag aan concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (€
897.622,52).
31-05-2022
8
€ 897.622,52
Toelichting
Verslagperiode 17 - d.d. 30 mei 2023: Het totaalbedrag aan concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (€
897.622,52).
30-05-2023
9
€ 897.622,52
Toelichting
Verslagperiode 18 - d.d. 1 maart 2024: Het totaalbedrag aan concurrente
schuldvorderingen is ongewijzigd ten opzichte van het vorige verslag (€
897.622,52).
01-03-2024
10
Het is in dit stadium van het faillissement nog niet bekend of er een uitdeling
aan concurrente crediteuren gedaan kan worden. Op basis van de thans
bekende informatie komen de curatoren tot de conclusie dat een uitkering aan
de concurrente crediteuren niet uitgesloten is.
31-07-2018
3
8.8 Werkzaamheden crediteuren
Verslag 1 - 8: zie vorige verslagen.
Verslagperiode 9 - d.d. 30 juni 2017:
Correspondentie met de belastingdienst. Er is veel gecorrespondeerd en
getelefoneerd met schuldeisers. Er heeft een bespreking met de functionaris
van KPMG Meijburg & Co plaatsgevonden, die curatoren bijstaat in de discussie
met de belastingdienst over de scholingsaftrek.
Verslagperiode 10 - d.d. 31 januari 2018:
Correspondentie met de belastingdienst en de functionaris van KPMG
aangaande de
scholingsaftrek. Er is gecorrespondeerd en getelefoneerd met schuldeisers.
Verslagperiode 11 - d.d. 31 juli 2018:
Correspondentie en bespreking met de belastingdienst en de functionaris van
KPMG aangaande de scho-lingsaftrek. Bespreking met de rechter-commissaris
over standpunt belastingdienst ten aanzien van de scholingsaftrek; Er is
gecorrespondeerd en getelefoneerd met schuldeisers.
31-07-2018
3
Verslagperiode 12 - d.d. 31 mei 2019:
Correspondentie met de belastingdienst en schuldeisers.
29-05-2019
4
Verslagperiode 13 - d.d. 28 november 2019:
Correspondentie met de belastingdienst, de rechter-commissaris en de door
curatoren ingeschakelde belastingadviseur, waar het betreft de
scholingsaftrek, en met schuldeisers.
28-11-2019
5
Verslagperiode 14 - d.d. 2 juni 2020:
Controle diverse berichten "vermindering loonheffing".
02-06-2020
6
9.1 Naam wederpartijen
9.2 Aard procedures
9.3 Stand procedures
9.4 Werkzaamheden procedures
9. Procedures
Geen. 31-07-2018
3
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
Niet van toepassing. 31-07-2018
3
10.1 Plan van aanpak
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
Bijlagen
10. Overig
Incasso debiteuren, uitvoeren van de in faillissementen te doen gebruikelijke
onderzoeken.
31-07-2018
3
Waar het betreft de aankomende verslagperioden:
Het uitvoeren van de in faillissementen te doen gebruikelijke onderzoeken.
29-05-2019
4
De verwachting is dat de afwikkeling van de OAD-faillissementen enkele jaren
in beslag zal nemen.
31-07-2018
3
1-4-2025 01-10-2024
11
Opstellen van een faillissementsverslag + tussentijds financieel verslag. 31-07-2018
3
Bijlagen