Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 04-04-2024

Onbekend bedrijf · KVK 14107782 ·F.03/14/360
Verslagdatum
04-04-2024
Procedure
Faillissement
Status
Actief
Rechtbank
Rechtbank Limburg

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 03_lim_14_360_F_V_25 ·Tekst verwerkt op 28-09-2026 17:22

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

ALLARD SCHMITZ BV 19-09-2018

3

De besloten vennootschap ALLARD SCHMITZ BV 19-09-2018

3

Verrichten van diensten en werken in de bouw, aankoop, verkoop en

exploitatie van onroerend

goed. Feitelijk werden - volgens opgave van de bestuurder van failliet -

merendeels

aannemingswerkzaamheden verricht en daarnaast deels werkzaamheden

bestaande in de

bouwbegeleiding.

19-09-2018

3

Verslagnummer 14

Datum verslag 04-04-2024

Insolventienummer F.03/14/360

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000012789:F001

Datum uitspraak 09-09-2014

R-C mr. G.M. Drenth

Curator mr W.M.J. Saes

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2014 € 344.484,64 - -
2013 € 1.167.456,00 - -
2012 € 755.900,00 - -
2011 € 998.629,00 - -

Toelichting

1 personeelslid, in de persoon van de heer A.H.E. Schmitz, tevens bestuurder

en directeur-grootaandeelhouder.

19-09-2018

3

€ 27.718,14

19-09-2018

3

€ 31.461,61

12-04-2019

4

€ 33.966,40

Toelichting

De toename van het boedelsaldo in vergelijking tot het vorige verslag houdt

verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en de nakoming

daarvan door de bestuurder. Het betreft een maandelijkse bijschrijving van

Euro 416,67.

17-10-2019

5

€ 36.468,15

Toelichting

De toename van het boedelsaldo in vergelijking tot het vorige verslag houdt

verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en de nakoming

daarvan door de bestuurder. Het betreft een maandelijkse bijschrijving van

Euro 416,67.

15-04-2020

6

€ 38.551,50

Toelichting

De toename van het boedelsaldo in vergelijking tot het vorige verslag houdt

verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en de nakoming

daarvan door de bestuurder. Het betreft een maandelijkse bijschrijving van

Euro 416,67. In verband met het faillissement van de werkgever van de

15-10-2020

7

bestuurder kon er over de maand juni 2020 geen betaling plaatsvinden. Voor

en na juni 2020 wordt de overeengekomen betalingsregeling correct

nagekomen.

€ 39.801,51

Toelichting

De toename van het boedelsaldo in vergelijking tot het vorige verslag houdt

verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en de nakoming

daarvan door de bestuurder. Het betreft een maandelijkse bijschrijving van

Euro 416,67. De overeengekomen betalingsregeling werd tot en met december

2020 correct nagekomen. Daarna heeft de bestuurder aangegeven dat het

financieel niet langer mogelijk was € 416,67 per maand te voldoen. Een

verzoek van de bestuurder om in te stemmen met kwijtschelding van het

restant is afgewezen. De bestuurder gaat een nieuwe betalingsregeling

voorstellen. Over de maanden januari 2021 tot en met het schrijven van dit

verslag hebben geen betalingen meer plaatsgehad.

14-04-2021

8

€ 41.001,51

Toelichting

De toename van het boedelsaldo in vergelijking tot het vorige verslag houdt

verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en de nakoming

daarvan door de bestuurder. Het betrof aanvankelijk een maandelijkse

bijschrijving van Euro 416,67. De overeengekomen betalingsregeling werd tot

en met december 2020 correct nagekomen. Daarna heeft de bestuurder

aangegeven dat het financieel niet langer mogelijk was € 416,67 per maand te

voldoen. Een verzoek van de bestuurder om in te stemmen met kwijtschelding

van het restant is afgewezen. De bestuurder heeft vervolgens een nieuwe

betalingsregeling voorgesteld van € 250,00 per mand. Over de maanden

januari 2021 tot en met april 2021 hebben geen betalingen meer plaatsgehad.

op 7 mei 2021 heeft de boedel een betaling ontvangen van € 200,00. Vanaf 7

juni 2021 ontvangt de boedel, met uitzondering van de maand augustus 2021,

een maandelijkse betaling van € 250,00. De laatste ontvangen betaling

dateert van 5 oktober 2021.

12-10-2021

9

€ 42.001,51

Toelichting

De toename van het boedelsaldo in vergelijking tot het vorige verslag houdt

verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en de nakoming

daarvan door de bestuurder. Thans wordt door de bestuurder, niet altijd

maandelijks, € 250,-- betaald. Sedert het laatste verslag heeft de bestuurder

op 3 november en 10 december 2021 en op 3 februari en 9 maart 2022 € 250,-

- betaald.

12-04-2022

10

€ 42.251,51

Toelichting

De met de bestuurder getroffen betalingsregeling wordt onregelmatig

nagekomen. Vergeleken met het vorige verslag heeft de boedel slechts één

betaling ontvangen ter grootte van € 250,--.

11-10-2022

11

Verslagperiode

€ 44.001,51

Toelichting

De met de bestuurder getroffen betalingsregeling wordt na het vorige verslag

nu met grotere regelmaat nagekomen. Vergeleken met het vorige verslag

heeft de boedel 8 betalingen betalingen ontvangen ter grootte van € 250,--.

Vanaf oktober 2022 is sprake van een regelmatige maandelijkse betaling van €

250,--. Per heden dient de bestuurder, exclusief toekomstige rente, nog €

6.718,48 te voldoen.

11-04-2023

12

€ 45.001,51

Toelichting

De bestuurder heeft in deze verslagperiode vier betalingen gedaan van elk €

250,--.

10-10-2023

13

€ 44.996,26

Toelichting

De bestuurder heeft, ondanks maning, in deze verslagperiode geen

betalingen meer gedaan. Wel heeft de bestuurder aangegeven in overleg te

zijn met financiers om het resterende verschuldigde in een keer aan de

boedel te voldoen.

Het boedelsaldo is verminderd met een bedrag van € 5,25 wegens

bankkosten.

04-04-2024

14

van

9-3-2018

t/m

9-9-2018

19-09-2018

3

van

10-9-2018

t/m

12-4-2019

12-04-2019

4

van

12-4-2019

t/m

9-10-2019

17-10-2019

5

van

9-10-2019

t/m

15-04-2020

6

Bestede uren

Toelichting bestede uren

15-4-2020

van

15-4-2021

t/m

15-10-2021

12-10-2021

9

van

12-4-2022

t/m

12-10-2022

11-10-2022

11

van

12-10-2022

t/m

11-4-2023

11-04-2023

12

van

12-4-2023

t/m

11-10-2023

10-10-2023

13

VerslagperiodeBestede uren

3 0 uur 42 min
4 0 uur 18 min
5 1 uur 6 min
6 5 uur 54 min
7 2 uur 12 min
8 3 uur 30 min
9 0 uur 48 min
10 0 uur 12 min
11 0 uur 24 min
12 2 uur 18 min
13 0 uur 24 min
14 0 uur 48 min
Totaal 18 uur 36 min

Toelichting bestede uren

1.1 Directie en organisatie

1.2 Lopende procedures

In deze verslagperiode zijn 72 minuten gewerkt, besteed aan het instellen van

een onderzoek naar de Zwitserse trust, het moniteren van de getroffen

betalingsregeling en het maken van het faillissementsverslag.

17-10-2019

5

In deze verslagperiode zijn 5 uren, besteed aan het monitoren van de met de

bestuurder van failliet getroffen betalingsregeling alsmede correspondentie

met de advocaat van de Zwitserse trust, op welke trust de failliet nog een

vordering heeft.

15-04-2020

6

De werkzaamheden in deze verslagperiode hebben betrekking gehad op het

monitoren van de overeengekomen betalingsregeling, beperkte

correspondentie met een crediteur en het schrijven van het verslag.

15-10-2020

7

De werkzaamheden in deze verslagperiode hebben betrekking gehad op het

monitoren van de overeengekomen betalingsregeling, correspondentie en

overleg met de bestuurder in verband met het achterwege blijven van

betalingen vanaf januari 2021 alsmede overleg met de rechter-commissaris.

14-04-2021

8

De werkzaamheden hebben betrekking gehad op het monitoren van de

betalingen van de bestuurder, correspondentie aan en van de bestuurder en

het schrijven van dit verslag.

12-10-2021

9

De werkzaamheden hebben betrekking op het schrijven van dit

faillissementsverslag.

12-04-2022

10

Rappelleren bestuurder in verband met het niet (tijdig) nakomen van de

getroffen betalingsregeling, schrijven van het faillissementsverslag.

11-10-2022

11

De tijdens deze verslagperiode bestede tijd heeft betrekking gehad op

correspondentie met de bestuurder wegens het niet althans onvoldoende

naleven van de getroffen betalingsregeling, actualiseren van de

restantvordering op de bestuurder met rente, samenstellen van het digitale

financieel verslag, schrijven van het faillissementsverslag.

11-04-2023

12

In deze verslagperiode zijn de betalingen door de bestuurder verwerkt en is

de verschenen rente berekend. Tevens is tijd genoteerd voor het schrijven van

dit verslag.

10-10-2023

13

In deze verslagperiode is overleg gevoerd met de bestuurder over het niet

nakomen van de getroffen betalingsregeling en de berekening van de

omvang van de restant vordering. Tevens is dit verslag geschreven.

04-04-2024

14

1. Inventarisatie

De heer A.H.E. Schmitz 19-09-2018

3

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

Er loopt één gerechtelijke procedure tussen failliet en mevrouw C.C.M. Gubbels

en mevrouw T. Bremmers, eerstgenoemde voorheen en laatstgenoemde thans

handelend onder de naam

"Different". In deze procedure heeft gefailleerde jegens gedaagden aanspraak

gemaakt op

voldoening van facturen ter zake van aannemingswerkzaamheden met

betrekking tot een

nieuwe winkelruimte. De stand van de procedure is aldus dat gedaagden

thans hun conclusie

van dupliek bij de Rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond behoren in te

dienen. De

curator zet de procedure voort na daartoe verkregen toestemming van de

rechter-commissaris. Tussen partijen is onderhandeld omtrent een minnelijke

regeling, hetgeen tot

dusverre niet tot overeenstemming heeft geleid. De mondelinge behandeling in

deze

procedure was aanvankelijk bepaald op 26 mei 2015. Deze heeft niet

plaatsgevonden. Thans

is de mondelinge behandeling bepaald op 8 oktober 2015. De mondelinge

behandeling heeft

plaatsgevonden op 8 oktober 2015. Partijen zijn aldaar een minnelijke regeling

overeengekomen, onder voorbehoud van goedkeuring door de rechter-

commissaris.

Overeengekomen is dat mevrouw Gubbels een bedrag ad € 8.750,-- aan de

boedel zou

voldoen onder algehele en finale kwijting. Betaling diende uiterlijk 4 november

2015 te

geschieden. De rechter-commissaris heeft de gevraagde toestemming

verleend. Betaling is

evenwel uitgebleven op 4 november 2015. Ook nadien heeft, ondanks

herhaaldelijk

aandringen, geen betaling plaatsgevonden. Op 1 december 2015 werd

vervolgens het bericht ontvangen dat de mogelijkheden tot betaling van

mevrouw Gubbels zijn uitgeput, zij bijstand alsmede schuldhulpverlening zou

hebben aangevraagd en dat de winkel zou worden gesloten en de

onderneming gestaakt. De winkel is inmiddels al enige maanden daadwerkelijk

gesloten. Hoewel de mogelijkheden worden verkend om mevrouw Gubbels tot

betaling aan te spreken, is de verwachting dat dit traject niet tot ontvangsten

voor de boedel zal leiden. Van mevrouw Gubbels werd niets meer vernomen,

de curator zal daarom opdracht verstrekken aan een deurwaarder om het

overeengekomen bedrag te incasseren, althans in elk geval de

verhaalsmogelijkheden te verkennen. Mevrouw Gubbels ontvangt thans een

bijstandsuitkering. Middels tussenkomst van de gemeente Roermond tracht zij

een minnelijke regeling met haar schuldeisers te treffen. Slaagt zij hierin niet,

dan ligt een WSNP-aanvraag voor de hand.

Mevrouw Gubbels is inmiddels toegelaten tot de wettelijke

schuldsaneringsregeling, zulks met ingang van 26 juni 2017.

19-09-2018

3

Op 25 juni 2020 heeft de beëindigingszitting plaatsgehad. De wettelijke

schuldsanering van mevrouw Gubbels is met beslissing van 9 juli 2020

beëindigd zonder uitdeling en met schone lei. Aan de boedel is derhalve geen

uitkering gedaan.

15-10-2020

7

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

De verzekeringen bij Meeus zijn inmiddels beëindigd. 19-09-2018

3

Failliet huurde een bedrijfsruimte aan het adres ECI 4 te Roermond. De

huurovereenkomst is

inmiddels na daartoe verkregen toestemming van de rechter-commissaris

opgezegd.

19-09-2018

3

De onderneming is in januari 2009 opgericht. Gaandeweg voornamelijk

werkzaamheden op

het gebied van aanneming van werk gaan verrichten. De omzet nam jaarlijks

toe.

Veel werkzaamheden werken verricht voor het Designer Outlet Center in

Roermond,

gefailleerde was "preferred supplier". Er is een groot financieel probleem

ontstaan in 2014 met betrekking tot project oude rechtbank in Roermond.

Failliet renoveerde een appartement in opdracht en voor rekening van een

trust die is gevestigd in Zwitserland. Oplevering was gepland eind januari

2013. Er is vervolgens een geschil ontstaan over de afrekening. Beide partijen

worden bijgestaan door advocaten. Hoewel overeenstemming over een

akkoord leek te zijn bereikt, bleef betaling toch uit. In de periode januari - juni

zijn door de opdrachtgever slechts enkele deelbetalingen verricht. Ook de

definitieve oplevering bleef van de zijde van de opdrachtgever uit. In het kader

van regeling zou failliet genoegen nemen met slotbetaling van € 55.000

waarbij failliet € 60.000 verlies zou nemen. Omdat de regeling niet werd

afgewikkeld en de discussie voort duurde, ontstond een cashflow-probleem.

Daarbij kwam dan ook nog eens het hiervoor al genoemde geschil met een

andere

opdrachtgever, Different te Roermond en de inmiddels lopende procedure bij

de rechtbank

Roermond. Het betreft hier aannemingswerk in verband met verhuizing naar

een nieuwe

locatie van een kledingzaak. Betalingen ter hoogte van € 18.000 bleven helaas

uit. Ook

daardoor kwam de financiële positie van de onderneming onder druk te staan.

Er is nog getracht een financiering te verkrijgen doch dit nam (te) veel tijd in

beslag.

Beide geschillen vormen volgens de voormalige bestuurder de directe

aanleiding voor het

faillissement.

19-09-2018

3

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

2. Personeel

Personeelsleden

1

Toelichting

In de persoon van de directeur-grootaandeelhouder zelf.

19-09-2018

3

Personeelsleden

1

19-09-2018

3

Datum AantalToelichting

11-9-2014

totaal 0

Afgerond. 12-04-2019

4

3. Activa

BeschrijvingVerkoopopbr.HypotheekBoedelbijdr.

Geen.

totaal € 0,00 € 0,00

N.v.t. 12-04-2019

4

N.v.t. 12-04-2019

4

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

Er is sprake van één bedrijfslocatie op het adres ECI 14 te Roermond. Op deze

locatie bevindt zich een kleine en eenvoudige kantoorinventaris die slechts een

geringe waarde

vertegenwoordigt. Daarnaast bezit failliet nog een aanhangwagen en enig

gereedschappen.

Gelet op de aard van dit actief en de kosten heeft de curator besloten nog

geen taxatie te laten verrichten en zal, indien nodig, de verkoop van deze

activa direct via internetverkoop of onderhandse verkoop laten plaatsvinden.

De kantoorinventaris is met toestemming van de rechter-commissaris verkocht

aan de bestuurder van failliet voor € 150,--. Ter verkoop resteren een

aanhangwagen, mobiele telefoon, laptop, tablet en multifunctionele printer. Er

heeft zich eerder een geïnteresseerde voor de aanhangwagen gemeld, maar

een koopovereenkomst kwam uiteindelijk niet tot stand. Zaken worden op

korte termijn via internet verkocht tezamen met zaken uit ander faillissement.

Deze zaken zijn inmiddels allemaal verkocht en uitgeleverd. De

verkoopopbrengsten zijn ontvangen.

19-09-2018

3

ja 19-09-2018

3

De onderneming is beëindigd. Verkoop van de bedrijfsmiddelen.

Werkzaamheden zijn afgerond.

19-09-2018

3

BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage

€ 754,19

totaal € 754,19 € 0,00

Voorraden en onderhanden werk zijn er volgens opgave van failliet niet. Wel is

er een

opdracht in portefeuille om appartementen te renoveren in de oude recht-bank

Roermond. De

startdatum is nog niet bekend. De betreffende opdracht wordt niet door de

boedel uitgevoerd.

Voorafgaand aan het faillissement zijn twee offertes uitgebracht door failliet.

De bestuurder

van failliet wenste deze projecten alsnog uit te voeren en heeft voorgesteld de

marge in de

verhouding 50/50 met de boedel te delen. De rechter-commissaris heeft

hieraan goedkeuring

gegeven. Dit heeft geleid tot een opbrengst ad € 754,19.

19-09-2018

3

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

Afgerond. 12-04-2019

4

BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage

€ 63.866,89

totaal € 63.866,89 € 0,00

Klantenbestand, goodwill, handelsnaam en dergelijke. De voormalig

bestuurder wenst geen

doorstart te maken. Hij heeft per 23 juni 2014 een nieuwe besloten

vennootschap, Allard B.V., opgericht en zal hiermee activiteiten in de

bouwsector gaan verrichten. Vanuit de markt is tot op heden niet van enige

interesse in de onderneming gebleken. Voor deze activa is geen enkele

interesse getoond. Naar verwachting zal dit aldus niet meer leiden tot een

verkoopopbrengst. Failliet heeft twee vorderingen op de directeur

grootaandeelhouder.

Het betreft op de eerste plaats een geldlening tot een bedrag van € 43.617,--

(saldo per 31

december 2012), te vermeerderen met een rente van 6% per jaar. Deze rente

kan worden

bijgeschreven bij de na te noemen rekening courant overeenkomst. Krachtens

de 17 juli 2012 getekende geldleningovereenkomst is de geldlening verstrekt

tot 21 december 2041. De lening is vervroegd opeisbaar bij verkoop van de

tweede woning van de DGA. Daarvan is tot op heden nog geen sprake.

Het betreft op de tweede plaats een rekening courant vordering ter grootte

van € 60.410,--

(saldo per 31 december 2012). Volgens de DGA klopt dit saldo ook per datum

faillissement.

Over deze vordering wordt een rente berekend van 5% per jaar. De rekening

courant

overeenkomst is schriftelijk aangegaan op 17 juli 2012 met een looptijd van 10

jaar. De

overeenkomst is tussentijds opzegbaar op een termijn van 3 maanden. Deze

overeenkomst is door de curator opgezegd.

Met de DGA is overleg gevoerd over een terugbetalingsregeling. Nu de DGA

nog doende is

met het verwerven van nieuwe inkomsten was deze regeling ten tijde van het

voeren van het overleg nog niet mogelijk. In de loop van de maand september

2015 zal de financiële positie nader worden geactualiseerd.

De curator heeft met de DGA van failliet overleg gehad. Vanwege een

echtscheiding en het

gegeven dat de DGA een reeds lange tijd te koop aangeboden woning

bewoont die

(mede-)eigendom van hem is, is er geen enkele ruimte voor het verrichten van

betalingen.

Daarbij geldt dat de bestuurder ook nog in het (mede)bezit is van een andere

woning. Daarom wordt hij met hoge lasten geconfronteerd. Op korte termijn

zal opnieuw met de bestuurder over zijn situatie worden gesproken. Door de

bestuurder is tot tweemaal toe een voorstel gedaan voor een afkoop van de

vordering, doch dit voorstel is door de curator van de hand gewezen. Er heeft

19-09-2018

3

in december 2016 nog nader overleg met de bestuurder plaatsgevonden

omtrent een regeling. Daartoe is ook een voorstel gedaan, maar de curator

heeft dit van de hand gewezen.

Er heeft in december 2016 nog nader overleg met de bestuurder

plaatsgevonden omtrent een regeling. Daartoe is ook een voorstel gedaan,

maar de curator heeft dit van de hand gewezen.

Voorts is de curator gebleken dat één van de woningen die toebehoren aan de

bestuurder en

zijn ex-echtgenote is verkocht en op korte termijn wordt geleverd. Daarmee

wordt een

substantiële overwaarde van circa € 50.000,00 gerealiseerd. De bestuurder

heeft dit niet aan de curator medegedeeld. De curator zal daarom beslag

leggen op een deel van de koopsom en een procedure starten tegen de

bestuurder. Doel hiervan is betaling te verkrijgen van ten minste een deel van

de vordering uit hoofde van de rekening-courantovereenkomst en

overeenkomst van geldlening.

De procedure is gevoerd en geëindigd met het verstekvonnis van 10 mei 2017.

In het kader

van deze procedure zijn de curator en de bestuurder met elkaar in gesprek

getreden en is er

een minnelijke overeenkomst tot stand gekomen. Op basis daarvan komt de

overwaarde toe

aan de boedel, deze bedraagt € 43.000,--. Voorts voldoet de bestuurder een

bedrag van €

25.000,-- aan 60 maandelijkse termijnen aan de boedel. Over het pro resto

verschuldigde

bedrag is een rente verschuldigd van 3%. Door de notaris is het bedrag van €

43.000,--, zoals overeengekomen, op de boedelrekening betaald. De met de

bestuurder getroffen

betalingsregeling is ingegaan op 1 September 2017 en wordt door de

bestuurder nagekomen.

De curator heeft vernomen dat de bestuurder in dienst zou zijn getreden als

directeur

van een bouwbedrijf. Voorts heeft de curator vernomen dat de woning die nog

in

eigendom was van de bestuurder en zijn ex-echtgenote inmiddels is verkocht.

Naar aanleiding daarvan heeft de curator op 23 februari 2018 bij de

bestuurder geïnformeerd

naar zijn inkomens-en vermogenspositie. Zulks omdat de curator ervan uitgaat

dat deze

ontwikkelingen ruimere aflossingsmogelijkheden in het kader van de

overeengekomen

betalingsregeling tot gevolg hebben. Tot op heden werd niet van de

bestuurder vernomen.

Inmiddels staat vast dat de bestuurder tot directeur van een bekend

bouwbedrijf is benoemd. Verder heeft de bestuurder te kennen gegeven dat er

geen sprake is van ruimere aflossingsmogelijkheden, mede vanwege andere

financiële verplichtingen. De betalingsregeling wordt naar behoren nagekomen.

De betalingsregeling wordt naar behoren nagekomen. 17-10-2019

5

De betalingsregeling wordt naar behoren nagekomen. 15-04-2020

6

3.9 Werkzaamheden andere activa

De overeengekomen betalingsregeling werd tot en met december 2020 correct

nagekomen. Daarna heeft de bestuurder aangegeven dat het financieel niet

langer mogelijk was € 416,67 per maand te voldoen. Een verzoek van de

bestuurder om in te stemmen met kwijtschelding van het restant is afgewezen.

De bestuurder gaat een nieuwe betalingsregeling voorstellen. Over de

maanden januari 2021 tot en met het schrijven van dit verslag hebben geen

betalingen meer plaatsgehad.

14-04-2021

8

De bestuurder heeft op 7 mei 2021 nog een betaling gedaan van € 200,00,

gevolgd door latere betalingen op 7 juni 2021, 12 juli 2021, 1 september 2021

en 5 oktober 2021 van € 250,00.

12-10-2021

9

De bestuurder heeft op 3 november 2021, 10 december 2021, 3 februari 2022

en 9 maart 2022 € 250,-- betaald in het kader van de met de bestuurder nader

getroffen betalingsregeling.

12-04-2022

10

De bestuurder heeft, ondanks rappel, slechts nog eenmaal een bedrag van €

250,-- aan de boedel betaald in het kader van de met de bestuurder getroffen

betalingsregeling.

11-10-2022

11

De met de bestuurder getroffen betalingsregeling wordt na het vorige verslag

nu met grotere regelmaat nagekomen. Vergeleken met het vorige verslag

heeft de boedel 8 betalingen betalingen ontvangen ter grootte van € 250,--.

Vanaf oktober 2022 is sprake van een regelmatige maandelijkse betaling van €

250,--. Per heden dient de bestuurder, exclusief toekomstige rente, nog €

6.718,48 te voldoen.

11-04-2023

12

De met de bestuurder getroffen betalingsregeling wordt grotendeels

nageleefd. In deze verslagperiode hebben vier betalingen van elk € 250,--

plaatsgehad. Per heden dient de bestuurder inclusief rente nog € 5.512,50 te

voldoen. Daarbij is een per abuis in het verleden niet geregistreerde betaling

alsnog meegenomen.

10-10-2023

13

De bestuurder heeft in deze verslagperiode, ondanks maningen, geen

betalingen meer gedaan. Wel heeft de bestuurder aangegeven in overleg te

zijn met financiers om het resterende saldo ineens te voldoen. De bestuurder

heeft nog aangeboden tegen finale kwijting een gedeelte te voldoen van het

verschuldigde. De curator heeft dit aanbod afgewezen. Per 29 maart 2024

was nog € 5.827,32 verschuldigd.

04-04-2024

14

3.9 Werkzaamheden andere activa

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

Geen. Actualiseren van de financiële positie

Geen, behoudens het monitoren van de getroffen betalingsregeling met de

bestuurder.

19-09-2018

3

Moniteren betalingsregeling 17-10-2019

5

Monitoren betalingsregeling 15-04-2020

6

Beoordelen van een nieuw betalingsvoorstel door de bestuurder. 14-04-2021

8

De bestuurder heeft een betalingsregeling voorgesteld van € 250,00 per

maand. De curator heeft hiermee ingestemd.

12-10-2021

9

Monitoren van de te ontvangen betalingen. 12-04-2022

10

Herhaald rappelleren van de bestuurder, monitoren van de te ontvangen

betalingen.

11-10-2022

11

Blijven monitoren van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling. 11-04-2023

12

Blijven monitoren van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling. 10-10-2023

13

Blijven monitoren van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling dan

wel betaling ineens.

04-04-2024

14

4. Debiteuren

Volgens de debiteurenadministratie die tot en met 21 augustus 2014 (in elk

geval deels) is

geboekt, is sprake van een bedrag van € 198.358,96 aan debiteuren.

19-09-2018

3

Nader bekijken of alsnog betaling van vorderingen kan worden verkregen. De

belangrijkste debiteur is de hierboven al genoemde Zwitserse Trust. Deze trust

is niet tot betaling overgegaan van het bedrag ad € 54.000,--. Volgens failliet

is sprake van een tussen

partijen tot stand gekomen regeling in der minne. Failliet stelt dat hij

grotendeels aan zijn

19-09-2018

3

verplichtingen uit hoofde van deze regeling heeft voldaan, behoudens twee

kleine resterende

opleverpunten. De Zwitserse trust betwist dit standpunt en beroept zich op

opschorting, maar volgens failliet wordt hierbij de proportionaliteit niet in acht

genomen. De voormalige advocaat van deze debiteur heeft aangegeven niet

meer in hoedanigheid op te treden. Van de debiteur zelf is niets meer

vernomen. De boedel zal een procedure tegen deze debiteur aanhangig

maken. Correspondentie met de advocaat van de Zwitserse trust heeft ertoe

geleid dat op 29 januari 2016 definitief duidelijk is geworden dat in der minne

niet tot een oplossing zal worden gekomen. De rechter-commissaris zal op

zeer korte termijn schriftelijk worden benaderd om toestemming ex artikel 68

Fw voor een gerechtelijke procedure te verlenen. Partijen hebben diverse

malen getracht om een afspraak te maken voor een gezamenlijke bezichtiging

van het pand aan de Pollaertstraat in Roermond. Mede vanwege de

vakantieperiodes is een bezichtiging nog niet tot stand gekomen. Thans wordt

een laatste

poging ondernemen een bezichtiging te laten plaatsvinden, bij gebreke

waarvan een

procedure wordt opgestart.

Een afspraak is niet tot stand gekomen en evenmin is nog enige betaling

gevolgd. De curator heeft de concept dagvaarding gereed gemaakt. Daarin

wordt betaling gevorderd van primair € 54.000,--, zijnde het eerder

overeengekomen bedrag en subsidiair € 46.500,-- , waarbij door de curator al

rekening is gehouden met eventueel nog door wederpartij betwiste, door

failliet niet meer uitgevoerde, kleinere posten. De dagvaarding zal op korte

termijn worden uitgebracht. Uit nader onderzoek blijkt dat over 2013 nog aan

debiteuren openstaat een bedrag van € 8.084,88, waarvan het deels om nog

restantbedragen na betaling gaat. Over 2014 staat na verwerking van

betalingen nog open € 88.425,02, exclusief de beide vorderingen zoals

hierboven vermeld. Samen met de DGA wordt getracht deze debiteuren te

innen. Op 18 december 2015 is na het voeren van diverse correspondentie een

bedrag ad € 6.599,34 ontvangen in verband met werkzaamheden die door

failliet zijn uitgevoerd in het Designer Outlet Center in Roermond. De

betreffende factuur dateert van 11 augustus 2014. Een ander

aannemersbedrijf meende hier aanspraak op te kunnen maken, doch de

overeenkomst was aangegaan door failliet en deze was gestart met het

uitvoeren hiervan. Failliet heeft vervolgens een onderaannemer in de arm

genomen die als gevolg van het faillissement onbetaald bleef. De debiteur

heeft de vordering aan de boedel voldaan en het andere aannemersbedrijf

heeft zich hier niet nader tegen verzet. Voor het overige geldt dat diverse

vorderingen onder de noemer debiteuren waren geboekt, doch blijkens de

rekeningafschriften reeds waren voldaan. Daardoor nam de omvang van de

post debiteuren reeds sterk af. Voorts hebben verschillende debiteuren

vorderingen betwist en blijken overige vorderingen niet inbaar te zijn.

De curator heeft bij zijn brief van 23 februari 2018 zowel de Zwitserse trust als

haar

advocaat een brief gestuurd. De reden dat de advocaat eveneens is benaderd

heeft te

maken met het feit dat een bedrag dat op de derdenrekening van zijn kantoor

stond

door hem, en in weerwil van de minnelijke overeenkomst tussen de Zwitserse

trust en

failliet, aan de Zwitserse trust is voldaan. Dit stond hem echter niet vrij. De

curator heeft

beide partijen op korte termijn de eerder aangekondigde procedure in het

vooruitzicht

gesteld. Inmiddels is een schriftelijke reactie ontvangen waarin wordt

aangekondigd dat

zo snel mogelijk op de brief wordt gereageerd, door de Zwitserse trust en (de

beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar van) haar advocaat.

De advocaat heeft aangegeven de claim te hebben doorgeleid naar zijn

beroepsaansprakelijkheidsverzekeraar, doch dat hij in afwachting is van een

reactie van deze. Van de Zwitserse trust werd niet meer vernomen.

Uit onderzoek is gebleken dat door het Openbaar Ministerie (reeds) op 25

oktober 2016 conservatoir beslag is gelegd op de onroerende zaak van deze

Zwitserse Trust in Roermond tot een bedrag van Euro 3.124.371,--. Daarvoor

was deze onroerende zaak reeds belast met een hypothecaire inschrijving van

eurp 450.000,--. Verder is gebleken dat deze Zwitserse Trust per 5 februari

2018 is uitgeschreven uit de register van de kamer van koophandel en dat

door de AFM op 28 december 2018 aan de bestuurder van deze Zwitserse

Trust, in zijn hoedanigheid van feitelijk beleidsbepaler van een andere in

Nederland gevestigde vermogensbeheerder, een bestuurlijke boete is

opgelegd van Euro 100.000,--. De curator leidt hieruit af dat naar verwachting

geen verhaal mogelijk is bij deze Zwitserse Trust. Om die reden is de voormalig

advocaat van deze Zwitserse Trust, alsmede diens Stichting Derdengelden,

nogmaals gesommeerd om het al eerder genoemde bedrag van Euro 54.000,--

te voldoen op de boedelrekening.

17-10-2019

5

Uit verdere recherche is gebleken dat op 10 januari 2017 door het Zwitserse

Kantongerecht het faillissement van deze Zwitserse Trust is uitgesproken. Het

bezwaar tegen deze faillissementsverklaring is met beslissing van het

Obergericht van het Kanton Zug op 9 februari 2017 gegrond verklaard en het

faillissement althans de aanvraag daartoe afgewezen. Sedertdien zijn geen

verdere ontwikkelingen aangetroffen.

De kadastrale gegevens, zoals in het eerdere verslag weergegeven, zijn

ongewijzigd.

De voormalig advocaat van de trust heeft aangegeven dat hij de claim van de

boedel heeft neergelegd bij zijn beroep aansprakelijkheidsverzekeraar. In

januari 2020 heeft de voormalige advocaat nog verdere gegevens aan zijn de

verzekeraar aangeleverd. Kort voor het schrijven van dit verslag betwist de

verzekeraar schriftelijk elke aansprakelijkheid van hun verzekerde en betwist

daarnaast dat de boedel schade zou hebben geleden. De curator beraadt zich

thans.

15-04-2020

6

Kern van het standpunt van de verzekeraar van de voormalige advocaat is dat

uit de tekst van de vaststellingsovereenkomst tussen failliet en de debiteur

was gesloten, volgt dat het bedrag van € 54.000,-- pas opeisbaar is wanneer

alle opleverpunten conform de overeenkomst van 9 mei 2014 en de later aan

het licht gekomen gebreken (die mede zijn veroorzaakt door naderhand

uitgevoerde werkzaamheden) zijn hersteld. Betwist wordt de stelling dat al

aanspraken bestonden op (een deel van) van de tweede termijn indien niet

alle punten conform de afspraken waren afgewerkt. Verder wordt gesteld dat

ondeugdelijke (herstel)werkzaamheden van een door failliet ingeschakelde

onderaannemer en nadien het faillissement van failliet zelf duidelijk maakten

dat de in de minnelijke regeling afgesproken werkzaamheden ook niet meer

zouden worden verricht. Tenslotte betwist de verzekeraar dat de debiteur zelf

(die in Zwitserland is gevestigd) geen verhaal zou bieden.

Gelet op de procesrisico's bij een op te starten procedure, de kosten en het

feit dat - vanwege het verweer ook - de in Zwitserland gevestigde - debiteur in

een procedure moet worden betrokken, acht de curator het niet opportuun

verdere rechtsmaatregelen te nemen.

15-10-2020

7

Afgerond. 14-04-2021

5.1 Vordering van bank(en)

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

8

5. Bank / Zekerheden

Toelichting vordering van bank(en)

Vordering van de Rabobank volgens opgave d.d. 11 september 2014 in totaal

groot € 4.826,99

exclusief rente en kosten. Vordering niet gesecureerd middels zekerheidsrecht.

19-09-2018

3

Er is sprake van één leasecontract ter zake van bedrijfsauto Volvo V50. De

betreffende

leasemaatschappij is Santander Consumer Finance. De leaseauto is thans nog

in gebruik bij

de voormalige bestuurder. Hoewel Santander op 24 september 2014 heeft

bericht de

leaseovereenkomst als ontbonden te beschouwen, wordt thans toch door

Santander

beoordeeld wordt of de bestuurder de auto kan overnemen. De curator heeft

bedongen dat de verzekeringspremie gedurende de periode dat de

mogelijkheden tot overname worden

verkend voor rekening van de bestuurder komt. De bestuurder van failliet heeft

de auto niet

gekocht. Deze is inmiddels door de leasemaatschappij verkocht en geleverd

aan een derde

partij.

19-09-2018

3

Failliet heeft geen zekerheidsrechten verstrekt 19-09-2018

3

nree 19-09-2018

3

geen 19-09-2018

3

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

geen 19-09-2018

3

geen 19-09-2018

3

Toelichting

geen

19-09-2018

3

geen 19-09-2018

3

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Vanwege het ontbreken van een orderportefeuille zijn de werkzaamheden niet

voortgezet.

19-09-2018

3

nvt 19-09-2018

3

Door de boedel zullen geen werkzaamheden worden verricht. 19-09-2018

3

Doorstarten onderneming

geen 19-09-2018

3

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

nvt 19-09-2018

3

Toelichting

geen

19-09-2018

3

Toelichting

nvt

19-09-2018

3

geen 19-09-2018

3

7. Rechtmatigheid

ja 19-09-2018

3

De laatste deponering heeft betrekking op het boekjaar 2012 en dateert van

10 september

2013

19-09-2018

3

nee 19-09-2018

3

Voor zover de curator thans kan be-oordelen zijn de aandelen volgestort. De

aandelen zijn

volgestort.

19-09-2018

3

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

8.1 Boedelvorderingen

8.2 Pref. vord. van de fiscus

Toelichting

De curator gaat dit nog nader onderzoeken.

De curator is na onderzoek vooralsnog van oordeel dat niet sprake is van

onbehoorlijk bestuur.

De curator is van oordeel dat niet sprake is van onbehoorlijk bestuur.

19-09-2018

3

Nee

19-09-2018

3

De curator gaat dit nog nader onderzoeken.

De curator is vooralsnog van oordeel dat geen sprake is van paulianeus

handelen.

De curator is van oordeel dat niet sprake is van paulianeus handelen

19-09-2018

3

De bestuurder heeft op 23 juni 2014 een nieuwe besloten vennootschap

opgericht, geheten

Allard B.V. Middels deze BV verricht bestuurder thans dezelfde, althans

vergelijkbare,

activiteiten als met failliet. Naar de gang van zaken omtrent de oprichting van

deze BV in

relatie tot het onderhavige faillissement zal nader onderzoek door de curator

worden gedaan.

De curator heeft, mede ook op basis van gesprekken met de directeur van

failliet, vooralsnog

geconcludeerd dat geen sprake is geweest van handelen waardoor de boedel

is benadeeld.

Verder onderzoek, zoals aangegeven. De werkzaamheden zijn afgerond.

19-09-2018

3

8. Crediteuren

Toelichting

Naast de huurverplichtingen (€ 1.452,--) het salaris van curator

19-09-2018

3

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

€ 30.210,00

19-09-2018

3

Toelichting

geen

19-09-2018

3

Toelichting

geen

19-09-2018

3

47

Toelichting

Bij de curator zijn ten tijde van het schrijven van dit verslag vorderingen

ingediend tot een

bedrag van € 328.420,20. Thans € 332.107,82

19-09-2018

3

48

Toelichting

Bij de curator zijn ten tijde van het schrijven van dit verslag vorderingen

ingediend tot een

bedrag van € 332.391,67.

11-04-2023

12

€ 332.391,67

15-04-2020

6

€ 332.391,67

Toelichting

Ongewijzigd.

14-04-2021

8

Naar verwachting zal in ieder geval sprake zijn van een vereenvoudigde

afwikkeling, waarbij aan preferente crediteuren een uitkering kan worden

gedaan. Mogelijkerwijs zal aan de concurrente crediteuren nog een gedeelte

van hun vordering kunnen worden voldaan.

04-04-2024

14

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

9.2 Aard procedures

Opheffing wegens gebrek aan baten.

Thans wordt een vereenvoudigde afwikkeling verwacht.

Als gevolg van de onder 'Procedures' beschreven vaststellingsovereenkomst

en als gevolg

daarvan gegenereerd boedelactief, wordt verwacht dat het faillissement

vereenvoudigd zal

worden afgewikkeld.

Crediteuren nader inventariseren.

19-09-2018

3

Ongewijzigd. 15-10-2020

7

Ongewijzigd. 14-04-2021

8

Ongewijzigd. 11-04-2023

12

9. Procedures

De heer A.H.E. Schmitz 19-09-2018

3

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

Zoals onder 'Activa', 'andere activa', is gebleken had failliet en nu de boedel

een vordering op de bestuurder uit hoofde van een overeenkomst van

geldlening en een rekeningcourantverhouding. Na verkregen toestemming van

de rechter-commissaris werd op 10 maart 2017 conservatoir derdenbeslag

gelegd onder een notaris. De aanleiding hiervoor vormde het feit dat een

woning die aan de heer Schmitz en zijn ex-echtgenote toebehoorde was

verkocht en werd geleverd aan de betreffende koper. Als gevolg van die

verkoop resteerde een aanzienlijke overwaarde. Gelet op het feit dat de

boedel nog een forse vordering op de heer Schmitz had werd beslag gelegd op

deze overwaarde.

Vervolgens werd op 24 maart 2017 de eis in de hoofdzaak ingesteld. Het

verstekvonnis

dateert van 10 mei 2017. Daarbij is de heer Schmitz - kort gezegd -

veroordeeld tot voldoening van bedragen aan de boedel ter hoogte van €

43.617 en € 60.410. Beide bedragen dienden daarenboven nog te worden

vermeerderd met de contractuele rente ad 6 respectievelijk 5 procent. Voorts is

de heer Schmitz veroordeeld tot voldoening van de beslag- en proceskosten.

Als gevolg van het beslag dan wel de betekening van de dagvaarding is er

overleg tussen de curator en de heer Schmitz tot stand gekomen. Het vonnis

werd vooralsnog niet aan de heer Schmitz betekend. Dit overleg heeft

uiteindelijk, opnieuw met goedkeuring van de rechtercommissaris, geresulteerd

in een vaststellingsovereenkomst. Partijen zijn overeengekomen dat de heer

Schmitz een bedrag van € 68.000 aan de boedel betaalt. Daarvan wordt €

43.000 voldaan uit de overwaarde die werd gerealiseerd bij verkoop van de

woning en de overige € 25.000 door maandelijkse betalingen aan de boedel in

60 termijnen van € 416,67. Over laatstgenoemd bedrag is bovendien een

contractuele rente van 35 per jaar overeengekomen.

De getroffen regeling wordt correct nagekomen.

Rest nog de procedure tegen een laatste debiteur. Verwezen wordt naar

hetgeen hierover

eerder in dit verslag is gemeld.

19-09-2018

3

De getroffen regeling wordt onverminderd naar behoren nagekomen. 12-04-2019

4

Afgerond, behoudens de mogelijkheid van verzet van de heer Schmitz als het

vonnis aan hem

betekend zou worden omdat de verplichtingen uit de

vaststellingsovereenkomst niet zouden

worden nagekomen.

Ten aanzien van de bestuurder is de procedure definitief afgerond.

De procedure tegen de laatste debiteur wordt thans opgestart.

19-09-2018

3

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

Bewaken tijdige betaling van de 60 maandelijkse termijnen.

Opstarten procedure tegen de laatste debiteur

19-09-2018

3

Indien door de voormalig advocaat van de Zwitserse Trust niet aan de

sommatie wordt voldaan, het opstarten van een procedure tegen deze

advocaat en diens Stichting Derdengelden.

17-10-2019

5

Kort voor het schrijven van dit verslag heeft de beroep

aansprakelijkheidsverzekeraar van de voormalige advocaat van de trust laten

weten elke aansprakelijkheid van hun verzekerde af te wijzen en voorts van

mening te zijn dat de boedel geen schade heeft geleden. De curator beraadt

zich thans.

15-04-2020

6

Om redenen zoals vermeld onder punt 4 van dit verslag acht de curator het

niet opportuun een procedure op te starten tegen de Zwitserse debiteur en

diens advocaat.

15-10-2020

7

10. Overig

Zie hierboven onder 4.3: plannen bezichtiging, doch indien dit niet op korte

termijn mogelijk

blijkt het starten van een gerechtelijke procedure tegen de Zwitserse trust.

Procedure tegen Zwitserse trust en beslag onder en procedure tegen de

bestuurder.

Monitoren betalingsregeling en op starten van de procedure tegen de

Zwitserse trust.

19-09-2018

3

Blijven monitoren van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en

nader beraden over de positie tegenover de voormalige advocaat van de trust

en de trust zelf.

15-04-2020

6

Blijven monitoren van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling. Voor

het overige is dit aspect afgedaan.

15-10-2020

7

Beoordelen van een nieuw betalingsvoorstel van de bestuurder. 14-04-2021

8

De werkzaamheden zijn afgerond. 11-10-2022

11

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

In verband met de met de bestuurder getroffen betalingsregeling voor de duur

van 60

maanden en de nu aanhangig te maken procedure tegen de laatste debiteur,

zal de

afwikkeling van dit faillissement nog geruime tijd op zich laten wachten.

19-09-2018

3

De termijn van afwikkeling blijft enerzijds afhankelijk van de resterende duur

van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling en anderzijds van het

antwoord op de vraag of, gelet op de reactie van de beroep

aansprakelijkheidsverzekeraar, alsnog een procedure zal worden opgestart.

15-04-2020

6

De termijn van afwikkeling blijft enerzijds afhankelijk van de resterende duur

van de met de bestuurder getroffen betalingsregeling. Krachtens de met de

bestuurder gesloten vaststellingsovereenkomst eindigt deze termijn in

beginsel op 31 augustus 2022.

15-10-2020

7

Gelet op het feit dat de bestuurder de huidige betalingsregeling niet (meer)

kan nakomen en een nieuwe - lagere - betalingsregeling zal moeten worden

getroffen, komt opheffing van dit faillissement te liggen (ruim) na de eerder

genoemde datum van 31 augustus 2022.

14-04-2021

8

Ongewijzigd. 12-10-2021

9

Ongewijzigd. 11-10-2022

11

Ongewijzigd. 11-04-2023

12

Ongewijzigd. 10-10-2023

13

Indien de bestuurder erin slaagt om met hulp van financiers het resterende

openstaande bedrag ineens te voldoen, kan afwikkeling van het faillissement

relatief snel plaatsvinden. Mocht de lopende betalingsregeling van € 250,--

per maand moeten worden hervat, dan zal afwikkeling op zijn vroegst in

2025 kunnen plaatsvinden.

04-04-2024

14

4-3-2024 04-04-2024

14

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

zie hierboven 19-09-2018

3

Zie hierboven 15-04-2020

6

Ongewijzigd. 14-04-2021

8

Ongewijzigd. 12-10-2021

9

Ongewijzigd. 11-10-2022

11

Ongewijzigd. 11-04-2023

12

Ongewijzigd. 10-10-2023

13

Ongewijzigd. 04-04-2024

14

Bijlagen