Platte tekst van het verslag
Openbaar faillissementsverslag
rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)
Naam onderneming
Gegevens onderneming
Activiteiten onderneming
Financiële gegevens
Toelichting financiële gegevens
Betreft
Algemene gegevens
Lyempf B.V. 05-07-2018
8
Lyempf B.V. (hierna: Lyempf) is statutair gevestigd te Kampen en feitelijk
aldaar gevestigd aan
de IJsseldijk 42 (8261 LK). Lyempf is opgericht op 21 maart 1903 en op 26
augustus 1921 in
het handelsregister ingeschreven.
05-07-2018
8
Productie en verkoop/export van halffabrikaten voor kindervoeding en het loon
drogen van
producten voor derden.
05-07-2018
8
Toelichting financiële gegevens
Gemiddeld aantal personeelsleden
Boedelsaldo
Omzetgegevens
in 2008: € 81.714.159,-
in 2009: € 77.557.155,-
in 2010: € 76.638.255,-
Winst en verlies
Volgens de jaarrekening 2009 is in 2009 een verlies na belastingen geleden
van
€ 3.681.131,- en in 2008 een verlies van € 6.229.798,-. In 2010 is volgens
interne cijfers een verlies geleden van € 4.453.250,-.
Balanstotaal
Volgens de geconsolideerde jaarrekening 2009 was het balanstotaal per
ultimo 2008
€ 24.333.230,- en per ultimo 2009 € 17.191.205,-. Volgens interne, niet
gecontroleerde, cijfers bedroeg het balanstotaal per ultimo 2010 €
44.474.765,-. Dit wordt veroorzaakt door het activeren van een licentie ten
bedrage van € 25.000.000,- (zie 7.6).
05-07-2018
8
95
05-07-2018
8
Boedelsaldo
€ 6.936.816,65
05-07-2018
8
€ 6.923.619,80
04-10-2018
9
€ 6.866.092,40
07-01-2019
10
€ 6.856.446,36
08-04-2019
11
€ 6.855.425,41
08-07-2019
12
€ 7.303.844,25
03-10-2019
13
€ 7.222.686,40
02-01-2020
14
€ 7.220.234,50
02-07-2020
16
€ 7.220.234,50
01-10-2020
17
€ 7.154.289,50
29-12-2020
18
€ 5.563.242,46
29-06-2021
19
€ 5.443.587,66
28-12-2021
20
€ 5.414.478,18
28-06-2022
21
€ 4.548.412,87
22-12-2022
22
€ 4.548.412,87
21-06-2023
23
€ 4.540.372,72
22-12-2023
24
Verslagperiode
van
6-4-2018
t/m
5-7-2018
05-07-2018
8
van
6-7-2018
t/m
5-10-2018
04-10-2018
9
van
6-10-2018
t/m
5-1-2019
07-01-2019
10
van
6-1-2019
t/m
5-4-2019
08-04-2019
11
van
6-4-2019
t/m
5-7-2019
08-07-2019
12
van
6-7-2019
t/m
5-10-2019
03-10-2019
13
van
6-10-2019
t/m
5-1-2020
02-01-2020
14
van
6-1-2020
t/m
2-4-2020
02-04-2020
15
van
3-4-2020
t/m
2-7-2020
02-07-2020
16
van
3-7-2020
t/m
1-10-2020
01-10-2020
17
van
2-10-2020
t/m
29-12-2020
29-12-2020
18
van
30-12-2020
t/m
29-6-2021
29-06-2021
19
van
30-6-2021
t/m
28-12-2021
28-12-2021
20
van
29-12-2021
t/m
28-6-2022
28-06-2022
21
van
29-6-2022
t/m
22-12-2022
22-12-2022
22
van
23-12-2022
t/m
21-6-2023
21-06-2023
23
van 22-12-2023
Bestede uren
Toelichting bestede uren
22-6-2023
t/m
22-12-2023
24
VerslagperiodeBestede uren
11 1.833 uur 30 min
totaal 2.658 uur 8 min
Toelichting bestede uren
1.1 Directie en organisatie
Bestede uren verslagperiode:
Verslag 27 - 5 april 2018: 46:55 uur
Verslag 28 - 5 juli 2018: 27:30 uur
Bestede uren totaal:
Verslag 27 - 5 april 2018: 1.686:23 uur
Verslag 28 - 5 juli 2018: 1.713:53
05-07-2018
8
Bestede uren verslagperiode:
Verslag 27 - 5 april 2018: 46:55 uur
Verslag 28 - 5 juli 2018: 27:30 uur
Verslag 29 - 5 oktober 2018: 19:45 uur
Bestede uren totaal:
Verslag 27 - 5 april 2018: 1.686:23 uur
Verslag 28 - 5 juli 2018: 1.713:53
Verslag 29 - 5 oktober 2018: 1733:38 uur
04-10-2018
9
Bestede uren verslagperiode:
Verslag 30 - 5 januari 2019: 23:45 uur (in decimalen 23,75 uur)
Bestede uren totaal:
Verslag 30 - 5 januari 2019: 1.757:23 uur (in decimalen 1.757,38 uur)
07-01-2019
10
Bestede uren verslagperiode:
Verslag 31 - 5 april 2019: 103:25 uur (in decimalen 103,42 uur)
Bestede uren totaal:
Verslag 31 - 5 april 2019: 1.860:48 uur (in decimalen 1.860,80 uur)
Bij de Bestede uren hierboven is voor onderhavige verslagperiode 1.833,50
uur ingevuld om op het juiste totaal aantal uren (1.860,80 uur) te komen
waarmee in het volgende verslag kan worden doorgerekend.
08-04-2019
11
1. Inventarisatie
Lyempf B.V. (verder: Lyempf of gefailleerde) is door de rechtbank Zwolle-
Lelystad (thans
rechtbank Overijssel) op 7 april 2011 in staat van faillissement verklaard met
benoeming van mw. mr. E.B.E.M. Rikaart-Gerard tot rechter-commissaris en
ondergetekende tot curator. Bij beschikking van 4 januari 2012 is mr. A.A.A.M.
Schreuder tot rechter-commissaris benoemd. Bij beschikking van 1 juli 2013 is
mr. M.M. Verhoeven tot rechter-commissaris benoemd.
Gefailleerde is statutair gevestigd te Kampen en feitelijk aldaar gevestigd aan
de IJsseldijk 42 (8261 LK). Lyempf is opgericht op 21 maart 1903 en op 26
augustus 1921 in het
handelsregister ingeschreven.
05-07-2018
8
1.2 Lopende procedures
1.3 Verzekeringen
1.4 Huur
Bestuurder is Carnell Development Inc., een rechtspersoon die gevestigd is in
Monrovia in
Liberia. Wie bestuurder is van deze rechtspersoon kon tot heden niet
nagegaan worden,
omdat het Nederlandse handelsregister geen gegevens bevat van deze
rechtspersoon.
Aandeelhouders van Lyempf zijn thans voor zover na te gaan Avan Milk Holland
B.V., Gramen Shipping & Trading Inc. (verder: Gramen) en Alsi Beheer B.V..
Eerstgenoemde houdt waarschijnlijk de meerderheid der aandelen in
gefailleerde.
Gefailleerde heeft geen raad van commissarissen.
De hiervoor vermelde gegevens zijn ontleend aan openbare bronnen. Deze
gegevens zijn niet gecontroleerd. Ook de hierna te vermelden feiten en
omstandigheden zijn tot heden niet
gecontroleerd. Nader onderzoek zou derhalve tot andere feiten en conclusies
kunnen leiden.
Verslag 31 - 5 april 2019:
In tegenstelling tot de eerdere vermelding is het de vraag of Carnell
Development Inc. bestuurder van gefailleerde is. Een benoemingsbesluit
ontbreekt voor zover de curator heeft kunnen nagaan. De voorgaande
bestuurder - de heer Karageorgis - heeft nimmer aangegeven aan Lyempf dat
hij als bestuurder aftreedt. Het wordt er voorshands voor gehouden dat de
heer Karageorgis nog bestuurder van Lyempf is.
08-04-2019
11
Volgens opgave van de heer Bannink -die de dagelijkse leiding had over de
onderneming van
gefailleerde- loopt er één procedure. Deze is op grond van artikel 29
Faillissementswet van rechtswege geschorst.
05-07-2018
8
Er liepen de nodige verzekeringen. De curator heeft de verzekeringen voor
zover nodig
opgezegd dan wel informatie bij de verzekeraar opgevraagd en verzocht
eventuele
premierestitutie uit te keren. Dit onderdeel wordt als afgehandeld beschouwd.
05-07-2018
8
1.4 Huur
1.5 Oorzaak faillissement
2.1 Aantal ten tijde van faillissement
Gefailleerde was huurder van de kantoor- en bedrijfsruimte te Kampen aan de
IJsseldijk 38,
40, 42, 44 en 46 almede de Thomas Berentzstraat 2 (verder: de Onroerende
Zaken). De
huurovereenkomst is door de verhuurder opgezegd tegen 1 juni althans tegen
7 juli 2011.
Daarnaast liepen er vijf huurovereenkomsten met betrekking tot roerende
zaken, waaronder
een koffie apparaat. Vier van de vijf overeenkomsten zijn geregeld in die zin
dat Hyproca als
koper van de activa van gefailleerde deze voortzet althans een nieuwe
huurovereenkomst
heeft gesloten. Later is de vijfde overeenkomst geregeld, in die zin dat het
contract is beëindigd en de betreffende goederen zijn opgehaald door de
verhuurder.
Voorts waren er twee bruikleenovereenkomsten. Ook deze overeenkomsten
zijn afgewikkeld.
Dit onderdeel wordt als afgehandeld beschouwd.
05-07-2018
8
Er zijn volgens de heer Bannink van gefailleerde twee oorzaken voor het
faillissement aan te
wijzen. Op de eerste plaats zou een melkcontract met leveranciers zijn
afgesproken voor de
levering van 178 miljoen liter per jaar terwijl slechts 60 miljoen liter nodig was
voor de
bedrijfsvoering. De overtollige melk moest op de zogenaamde spotmarkt
verkocht worden voor lagere prijzen, hetgeen een aanmerkelijk verlies
opleverde. Op de tweede plaats zijn de
vorderingen van gefailleerde uit hoofde van een overeenkomst met een
opdrachtgever (DSM
Food Specialties B.V.) ten bedrage van € 500.000,- per maand verkocht en
overgedragen aan Deutsche Bank A.G. voor een koopprijs van € 14.000.000,-.
Van dit bedrag zou € 12.500.000,- besteed zijn aan de aankoop van een
licentie van € 25.000.000,-. Uit een boekenonderzoek is gebleken dat dit niet
het geval is. De € 12.500.000,- is opgegaan aan de financiering van het verlies
in 2010, € 2.282.000,- aan investeringen in Griekenland (zie 3.5) en een
betaling van € 6.000.000,- aan Gramen op een door Gramen (beweerdelijk)
verstrekte lening. Het resultaat was aldus dat de kasstroom van € 500.000,-
per maand niet meer beschikbaar was voor de bedrijfsvoering te Kampen.
Daardoor kwam Lyempf in liquiditeitsproblemen.
05-07-2018
8
2. Personeel
Personeelsleden
95
05-07-2018
8
2.2 Aantal in jaar voor faillissement
2.3 Ontslagaanzegging
2.4 Werkzaamheden personeel
Toelichting
Ten tijde van het uitspreken van het faillissement had Lyempf 95 werknemers
in dienst.
Personeelsleden
95
Toelichting
In het jaar voor faillissement waren er ongeveer 95 mensen bij Lyempf
werkzaam.
De werknemers van Lyempf is op 8 april 2011 ontslag aangezegd. Enkele
werknemers waren
niet aanwezig bij de ontslagaanzegging. De curator heeft deze werknemers
per brief het
ontslag aangezegd. Ten aanzien van een aantal personen was niet duidelijk of
deze nog in
dienst van gefailleerde waren; deze zijn voor zover vereist ontslagen.
05-07-2018
8
Datum AantalToelichting
8-4-201195
totaal 95
2.4 Werkzaamheden personeel
3.1 Onroerende zaken
Toelichting onroerende zaken
Er heeft op 8 april 2011 een bijeenkomst plaatsgevonden waarin de
medewerkers van
gefailleerde door de curator zijn toegesproken. Alle aldaar aanwezige
werknemers is
mondeling ontslag aangezegd. Dat ontslag is per brief bevestigd aan alle
werknemers. Deze
brieven zijn aan het eind van de bijeenkomst aan de aanwezige werknemers
uitgereikt nadat
zij voor ontvangst getekend hadden. Medewerkers van het UWV Werkbedrijf
hebben de
bijeenkomst bijgewoond en de nodige toelichting gegeven aangaande de
rechten van de
werknemers opgrond van artikel 61 en volgende Werkloosheidswet. Aan de
niet aanwezige
werknemers is de ontslagbrief per post verzonden.
Enkele dagen later hebben de nodige bijeenkomsten met het UWV Werkbedrijf
plaatsgehad.
Daarin is voorlichting gegeven over en assistentie geboden bij het invullen van
de nodige
formulieren teneinde de rechten van de werknemers veilig te stellen.
De rechter-commissaris heeft de curator toestemming verleend voor het
ontslag. De
werknemers zijn gewezen op de mogelijkheid om beroep in te stellen tegen de
beslissing van de rechter-commissaris en de termijn waarbinnen dat dient te
geschieden.
Omdat het gaat om een ontslag in de zin van de Wet Melding Collectief
Ontslag, is het
voornemen tot ontslag van de werknemers gemeld bij de relevante
vakbonden. Tevens heeft
later overleg met de bonden plaatsgehad.
Na verkoop en overdracht van de activa zijn de werknemers in een
bijeenkomst daarvan op de hoogte gesteld.
05-07-2018
8
3. Activa
Toelichting onroerende zaken
3.2 Werkzaamheden onroerende zaken
3.3 Bedrijfsmiddelen
Toelichting bedrijfsmiddelen
Gefailleerde had ten tijde van het faillissement geen onroerende zaken in
eigendom. Zoals
gezegd werden de kantoor- en bedrijfsgebouwen (de Onroerende Zaken)
gehuurd, te weten
van Romeva Vastgoed B.V. (verder: Romeva), een door de heer Van der Valk
gecontroleerde vennootschap. De heer Van der Valk hield middels één of meer
van zijn vennootschappen tot
mei 2010 alle aandelen in Lyempf.
Romeva heeft de Onroerende Zaken (waarin de bedrijfsactiviteiten te Kampen
werden
uitgeoefend) bij overeenkomst van 20 mei 2010 verkocht aan Lyempf. De
overdracht zou
plaatsvinden binnen 30 dagen nadat Lyempf dit schriftelijk zou hebben
aangegeven, doch
uiterlijk 30 juni 2011. Gefailleerde heeft vóór het faillissement middels een kort
geding getracht de levering af te dwingen. Deze vordering is om diverse
redenen afgewezen.
05-07-2018
8
Geen. 05-07-2018
8
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Kantoor- en laboratoriuminventaris,
bedrijfsinventaris en voertuigen
€ 5.550.000,00
De bedrijfsmiddelen bestaan uit de kantoor- en laboratoriuminventaris, de
bedrijfsinventaris en rollend materieel te Kampen. De bedrijfsinventaris bestaat
hoofdzakelijk uit twee zogenaamde torens (met aanverwante apparatuur)
waarin melk werd gedroogd tot melkpoeder en gist in opdracht van derden
werd gedroogd tot gistextract.
Uit de administratie van gefailleerde bleek dat er grote bedragen waren
overgeboekt naar
Griekenland aan Griekse leveranciers van bedrijfsmiddelen. Aanvankelijk leek
sprake te zijn
van een bedrag van ongeveer € 4.000.000,00. Uit het boekenonderzoek is
gebleken dat het
naar Griekenland overgehevelde bedrag ongeveer € 2.282.000,- is. Het
grootste deel van
voormeld bedrag heeft betrekking op betalingen aan een leverancier van
machines en
inventaris.
Met de betreffende leverancier en diens onderaannemers heeft een
uitgebreide bespreking
plaatsgevonden in Griekenland in het kader van de reis van de curator naar
05-07-2018
8
3.4 Bodemvoorrecht fiscus
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
Griekenland.
Daarbij bleek dat er drie fabrieken zijn gebouwd in Griekenland met het doel
om uit olijven
eiwitten voor de voedingsindustrie te winnen. Twee van de drie fabrieken zijn
bezocht. Deze
bevinden zich in de buurt van Sparta en zuidelijker op het eiland Peleponesis.
Een derde
fabriek bevindt zich op Kreta. De bedoeling was om te onderzoeken hoeveel de
machines
waard zijn. De onroerende zaken waarin de bedrijfsmiddelen zich bevinden,
worden gehuurd.
De verhuurders van deze onroerende zaken waren aanvankelijk niet bekend,
ook niet bij de
vroegere medewerkers van gefailleerde in Kampen. De vroegere bestuurder
van gefailleerde, de heer Karageorgis, gaf en geeft geen informatie
hieromtrent. Inmiddels zijn de verhuurders bekend, zulks door middel van
inschakeling van een Griekse advocaat. Onderzocht is of en in hoeverre de
machines te verkopen zijn, mede gelet op eventuele rechten van derden
(waaronder de verhuurders). De gedachte was om de machines te doen veilen.
Voorwaarde daarvoor is dat de machines vrij van rechten van derden aan
kopers geleverd kunnen worden. Daarom is een Griekse advocaat gevraagd
om te verklaren dat dit mogelijk is. De Griekse advocaat zag echter geen
mogelijkheden om de machines vrij van rechten van derden te leveren na
veiling. Er is dan ook afgezien van het veilen van de machines.
Verkoopopbrengst
De curator heeft de kantoor- en laboratoriuminventaris, de bedrijfsinventaris te
Kampen en de voertuigen verkocht voor € 5.550.000,-. De zich in Griekenland
op drie locaties bevindende inventarissen konden zoals gezegd niet verkocht
worden. Deze inventarissen hebben aldus niets opgebracht.
Boedelbijdrage
Omdat de vordering van de pandhouder geheel kon worden afgelost uit de
opbrengst van de
verpande zaken, is geen boedelbijdrage afgesproken. Deze zou immers als
uitwinningskosten bij de vordering van de pandhouder opgeteld zijn, waardoor
deze ten laste van de overwaarde der zekerheden zou gaan en dus toch ten
laste van de boedel zou zijn gekomen.
De fiscus heeft een voorrecht aangaande de opbrengst van de bodemzaken,
zijnde de
kantoor-, laboratorium- en bedrijfsinventaris. De opbrengst van de verkoop
van deze zaken
heeft de curator op grond van art. 57 lid 3 Faillissementswet gereserveerd
voor de fiscus.
05-07-2018
8
3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen
3.6 Voorraden / onderhanden werk
Toelichting voorraden / onderhanden werk
3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk
3.8 Andere activa
De curator heeft onder andere onderzoek gedaan naar de aanwezige
bedrijfsmiddelen,
onderhandelingen gevoerd met diverse gegadigden en de koopovereenkomst
met de
uiteindelijke koper opgesteld. Voorts heeft uitgebreid onderzoek
plaatsgevonden naar de zich
in Griekenland bevindende inventarissen en de verkoopbaarheid daarvan.
05-07-2018
8
BeschrijvingVerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Gefailleerde heeft voorraden grondstoffen en eindproduct. Deze lagen
grotendeels opgeslagen
bij derden. Een deel van de voorraden eindproduct was afgekeurd.
Gefailleerde had geen
onder handen werk in die zin dat orders half af waren op de
faillissementsdatum. De fabriek
was namelijk reeds anderhalve week voor het faillissement stilgelegd. Wel
waren er
doorlopende opdrachten tot het drogen van producten op loonwerk basis op
grond van
duurovereenkomsten.
Boedelbijdrage
Omdat de vorderingen van de pandhouder volledig betaald konden worden, is
geen
boedelbijdrage bedongen (zie 3.3 (slot) hiervoor).
05-07-2018
8
De curator heeft onder andere onderzoek gedaan naar de voorraden en deze
laten taxeren en
de rechten van derden zoveel mogelijk geschat en in kaart gebracht, samen
met het door hem
ingeschakelde bureau Troostwijk.
05-07-2018
8
Beschrijving VerkoopopbrengstBoedelbijdrage
Toelichting andere activa
3.9 Werkzaamheden andere activa
4.1 Debiteuren
De andere activa bestaan uit de goodwill, daaronder te verstaan onder meer
de website, de
domeinnaam, handelsnaam en klanten- en relatiebestanden. De goodwill heeft
€ 250.000,- opgebracht.
Daarnaast is in het kader van een schikking met Koninklijke DSM NV en haar
dochtervennootschap DSM Food Specialties B.V. € 250.000,- ontvangen.
Vóór het faillissement is opdracht gegeven aan een derde tot het verrichten
van werkzaamheden aan de installaties van gefailleerde. De overeenkomst
was nog niet geheel
nagekomen door partijen op de faillissementsdatum. Gebleken is dat
gefailleerde teveel
betaald heeft aan de opdrachtnemer gelet op de tot faillissementsdatum
verrichte
werkzaamheden. De opdrachtnemer stelde daartegenover dat zij een
vordering heeft tot
schadevergoeding wegens gederfde winst door het niet kunnen voltooien van
het project.
Uiteindelijk is een regeling getroffen aldus dat de opdrachtnemer € 50.000,-
aan de boedel
betaalt. Dit bedrag is op de boedelrekening ontvangen.
05-07-2018
8
Verslag 33 - 5 oktober 2019:
In het kader van de procedure tegen Karageorgis is een betaling van
Karageorgis ontvangen van € 450.000,- (zie 7.5).
03-10-2019
13
De curator heeft onderzoek gedaan naar de voormelde activa,
onderhandelingen gevoerd met
diverse gegadigden en de koopovereenkomst met de uiteindelijke koper
opgesteld. Er zijn
uitgebreide onderhandelingen gevoerd met DSM en haar genoemde
dochtervennootschap.
Tevens zijn er uitvoerige onderhandelingen geweest met de betreffende
opdrachtnemer.
05-07-2018
8
4. Debiteuren
Beschrijving Omvang Opbrengst Boedelbijdr.
Vorderingen op debiteuren (buiten de
vorderingen ad € 500.000,-, €
208.750,- en € 200.000,- zoals
hieronder vermeld) zijn verkocht voor
€ 3.700.000,-.
€ 5.500.000,00€ 3.700.000,00
Toelichting debiteuren
Per faillissementsdatum waren er vorderingen op handelsdebiteuren voor een
bedrag van
ongeveer € 5.500.000,-. Voor een deel konden debiteuren zich beroepen op
verrekening.
Uit verder onderzoek van de boeken is gebleken dat er nog een vordering van
de boedel uit
hoofde van rekening courant is van ongeveer € 870.000,- op een gelieerde
partij. De debiteur meent een tegenvordering te hebben en verrekent deze
met haar schuld aan gefailleerde. De tegenvordering wordt evenwel betwist
door de boedel. Omdat de betreffende partij niet betaalde, is in rechte betaling
gevorderd. In de procedure is de vordering verminderd tot betaling van €
500.000,- omdat een deel van de € 870.000,- betaald bleek te zijn. Er hebben
pleidooien plaatsgevonden op 14 oktober 2013 bij de rechtbank Overijssel,
locatie Zwolle. Inmiddels is eindvonnis gewezen. De door de boedel ingestelde
vorderingen zijn toegewezen. De wederpartij is in de kosten veroordeeld. Door
de wederpartij is in totaal € 591.063,- op de boedelrekening gestort. De
wederpartij heeft hoger beroep aangetekend. Door de wederpartij is de
memorie van grieven genomen. Door de boedel is de memorie van antwoord
ingediend. De wederpartij heeft pleidooi gevraagd. De pleidooien hebben op 7
oktober 2015 plaatsgevonden. De beslissing van het Hof wordt afgewacht.
Een andere debiteur van gefailleerde is € 208.750,- verschuldigd aan de
boedel. Deze
debiteur -een besloten vennootschap- heeft kort voor het faillissement van
Lyempf een
vordering op Lyempf overgenomen van een aan haar (de debiteur) gelieerde
vennootschap.
Vervolgens heeft de debiteur de overgenomen vordering verrekend met haar
schuld aan
Lyempf. Omdat de betreffende debiteur bij het overnemen niet te goeder
trouw was, was en is zij niet bevoegd tot verrekening. Daarom heeft de
curator in rechte betaling gevorderd van € 208.750,- vermeerderd rente en
kosten. Tevens is conservatoir beslag gelegd. De vorderingen van de boedel
zijn door de rechtbank afgewezen. Door de boedel is hoger beroep ingesteld.
De memorie van grieven van de zijde van de boedel is ingediend. Er wordt
schriftelijk pleidooi aangevraagd.
Uit het faillissement van een gefailleerde debiteur is een uitkering ontvangen
van ongeveer
€ 200.000,-. Er is lang onderhandeld met een partij die meende recht op deze
vordering te
hebben in het kader van een overname van de aandelen van gefailleerde,
zulks lang geleden.
Door het Hof is een tussenarrest gewezen in de procedure tot betaling van €
500.000,-. Aan
de wederpartij is een bewijsopdracht gegeven. Op korte termijn zullen de
getuigenverhoren
plaatsvinden.
In de procedure met betrekking tot de € 208.750,- zullen op 5 juli 2016 de
schriftelijke
pleidooien plaatsvinden.
In de procedure tot betaling van € 500.000,- hebben op 19 april 2016
getuigenverhoren
plaatsgevonden. Op 8 november 2016 zullen de getuigenverhoren aan de
05-07-2018
8
zijde van de boedel, de contra-enquetes, plaatsvinden.
In de procedure tot betaling van € 500.000,- zullen, zoals aangegeven in het
vorige verslag, op 8 november 2016 de contra-enquetes plaatsvinden.
In de procedure met betrekking tot de € 208.750,- hebben op 5 juli 2016 de
schriftelijke
pleidooien plaatsgevonden. De procedure staat thans op de rol van 22
november 2016 voor
arrest.
De procedure tot betaling van € 500.000,- staat op de rol van 27 december
2016 voor antwoordakte na enquete.
De procedure met betrekking tot de € 208.750,- staat thans op de rol van 31
januari 2017 voor arrest.
De procedure tot betaling van € 500.000,- staat op de rol van 5 april 2017 voor
dagbepaling
arrest.
De procedure met betrekking tot de € 208.750,- staat thans op de rol van 1
augustus 2017
voor arrest.
Verslag 24 - 5 juli 2017:
De procedure tot betaling van € 500.000,- staat op thans de rol van 12
december 2017 voor
arrest.
De procedure met betrekking tot de € 208.750,- staat thans op de rol van 1
augustus 2017
voor arrest.
Verslag 25 - 5 oktober 2017:
De procedure tot betaling van € 500.000,- staat, zoals vermeld in verslag 24,
op de rol van 12 december 2017 voor arrest.
De procedure met betrekking tot de € 208.750,- staat thans op de rol van 30
januari 2018 voor arrest.
Verslag 26 - 5 januari 2018:
In de procedure tot betaling van € 500.000,- is op 24 oktober 2017 bij
vervroeging arrest
gewezen. Het gerechtshof heeft het vonnis van de rechtbank vernietigd. De
wederpartij eist
terugbetaling van het bedrag dat door haar betaald is op grond van het vonnis
in eerste
aanleg. Er is cassatieadvies ingewonnen. Dit advies is dermate positief over de
kansen in
cassatie dat besloten is om beroep in cassatie aan te tekenen bij de Hoge
Raad (de hoogste
rechter in Nederland).
In de procedure met betrekking tot de € 208.750,- is op 14 november 2017 bij
vervroeging
arrest gewezen. Het gerechtshof heeft het vonnis van de rechtbank in deze
procedure
bekrachtigd. Na ingewonnen advies is besloten geen beroep in cassatie in te
stellen.
Verslag 27 - 5 april 2018:
In de procedure tot betaling van € 500.000,- is tijdens de afgelopen
verslagperiode
beroep in cassatie aangetekend bij de Hoge Raad.
De wederpartij heeft in kort geding terugbetaling geëist van het bedrag dat
door haar
betaald is op grond van het vonnis in eerste aanleg. Door de curator is
verweer
gevoerd. Deze vordering is afgewezen. In datzelfde kort geding heeft de
curator een
tegenvordering ingesteld strekkende tot een verbod voor de wederpartij om
het arrest
van het hof te executeren voor zover de kostenveroordeling betreffende. De
voorzieningenrechter heeft deze tegenvordering toegewezen. De wederpartij
heeft
hoger beroep aangetekend tegen het vonnis van de voorzieningenrechter.
Opbrengst.
Vorderingen op debiteuren (buiten de vorderingen ad € 500.000,-, € 208.750,-
en € 200.000,- zoals hiervoor vermeld) zijn verkocht voor € 3.700.000,-.
Verslag 28 - 5 juli 2018: In de procedure bij de Hoge Raad zijn de
cassatiemiddelen ingediend alsmede de schriftelijke toelichting. De wederpartij
heeft harerzijds een schriftelijke toelichting ingediend. Thans is het wachten op
de conclusie van Procureur-Generaal.
Verslag 29 - 5 oktober 2018:
In de procedure in cassatie tegen Alsi Beheer B.V. wordt gewacht op de
conclusie van de procureur-Generaal. De procedure staat op de rol van 16
november 2018 voor dag bepaling voor de conclusie van de Procureur-
Generaal.
De procedure in hoger beroep (tegen het kort geding vonnis) tegen Alsi Beheer
B.V. staat voor arrest op 6 november 2018.
04-10-2018
9
Verslag 30 - 5 januari 2019:
In de procedure in cassatie tegen Alsi Beheer B.V. heeft de curator de conclusie
van de Procureur-Generaal ontvangen. Hierop is middels het indienen van een
Borgersbrief gereageerd. De procedure staat thans voor arrest op 15 februari
2019.
In het door Alsi Beheer B.V. ingestelde hoger beroep (tegen het kort geding
vonnis) is op 18 december 2018 arrest gewezen. Alsi heeft in kort geding
(terug) betaling gevorderd van het bedrag dat zij op grond van het vonnis van
de rechtbank aan de boedel heeft betaald. Alsi baseert deze vordering op het
feit dat het vonnis van de rechtbank in hoger beroep vernietigd is en dus zij
(Alsi) ten onrechte aan de boedel heeft betaald. De vordering van Alsi in kort
geding is door de voorzieningenrechter van de rechtbank Overijssel
afgewezen. Deze vordering is evenwel in hoger beroep van het kort geding
alsnog toegewezen. Onderzocht wordt momenteel of het instellen van beroep
in cassatie tegen het arrest van het hof in het kort geding zinvol is.
07-01-2019
10
Verslag 31 - 5 april 2019:
In de procedure in cassatie tegen Alsi Beheer B.V. heeft de Hoge Raad op 15
februari 2019 arrest gewezen. Het arrest van het gerechtshof Arnhem-
Leeuwarden is vernietigd. Het geding is door de Hoge Raad verwezen naar het
gerechtshof 's-Hertogenbosch ter verdere behandeling en beslissing. Alsi
Beheer B.V. is in de kosten van de procedure veroordeeld.
Tegen het door het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden gewezen arrest in het
kort geding is beroep in cassatie ingesteld. Op 9 januari 2019 is de
08-04-2019
11
procesinleiding ingediend bij de Hoge Raad. De schriftelijke toelichting van Alsi
Beheer B.V. wordt afgewacht.
Verslag 32 - 5 juli 2019:
De advocaat van Alsi Beheer B.V. heeft aangegeven dat de hoofdprocedure bij
het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig gemaakt zal worden ter verdere
behandeling en beslissing na verwijzing door de Hoge Raad.
In de procedure in cassatie tegen Alsi Beheer B.V. naar aanleiding van het
arrest in kort geding is namens de curator ter rolle van 17 mei 2019 de
schriftelijke toelichting ingediend en zijn alle stukken overgelegd. De zaak
staat thans op rol van 15 november 2019 voor conclusie van de Procureur-
Generaal.
08-07-2019
12
Verslag 33 - 5 oktober 2019:
Alsi Beheer B.V. heeft tot heden de hoofdprocedure bij het gerechtshof 's-
Hertogenbosch niet aanhangig gemaakt.
03-10-2019
13
Verslag 34 - 5 januari 2020: Inmiddels heeft de Alsi Beheer B.V. de
hoofdprocedure bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch aanhangig gemaakt. De
procedure staat thans op de rol van 21 januari 2020 voor memorie na
verwijzing door Alsi Beheer B.V.
In de kort geding procedure in cassatie tegen Alsi Beheer B.V. is de conclusie
van de Procureur-Generaal ontvangen. De P-G concludeert tot vernietiging van
het arrest van het hof Arnhem-Leeuwarden van 18 december 2018 en tot
verwijzing. Dat is niet ongunstig. Van de zijde van de boedel is op de inhoud
van de conclusie kort gereageerd door middel van een zogenaamde
borgersbrief.
02-01-2020
14
Verslag 35 - 2 april 2020:
Alsi Beheer B.V. (Alsi) heeft de memorie na verwijzing ingediend bij het
gerechtshof te 's-Hertogenbosch. Van de zijde van de boedel van Lyempf is de
memorie van antwoord na verwijzing ingediend. Alsi heeft pleidooi gevraagd.
Daar is van de zijde van de boedel bezwaar tegen gemaakt, dit om verdere
vertraging te voorkomen. Het bezwaar is echter door het gerechtshof
afgewezen.
In de kort geding procedure in cassatie tegen Alsi is bericht ontvangen dat de
zaak op 24 april 2020 voor arrest staat.
02-04-2020
15
Verslag 36 - 2 juli 2020: In de hoger beroep procedure na verwijzing door de
Hoge Raad tegen Alsi Beheer B.V. zal een datum worden bepaald voor pleidooi.
Hierover volgt eind september nader bericht.
In de kort geding procedure in cassatie tegen Alsi Beheer B.V. is op 24 april
2020 arrest gewezen door de Hoge Raad. Het beroep in cassatie zijdens de
boedel is verworpen.
02-07-2020
16
Verslag 37 - 1 oktober 2020:
In de hoger beroep procedure na verwijzing door de Hoge Raad tegen Alsi
Beheer B.V. is de curator in afwachting van een datum voor het pleidooi.
01-10-2020
17
Verslag 38 - 29 december 2020:
In de procedure tegen Alsi Beheer B.V. in hoger beroep na verwijzing door de
Hoge Raad zal op 12 januari 2021 een datum bepaald worden voor pleidooi.
29-12-2020
18
Verslag 39 - 29 juni 2021: 29-06-2021
4.2 Werkzaamheden debiteuren
Op 28 april 2021 hebben de pleidooien plaatsgevonden bij het hof 's-
Hertogenbosch. Het hof heeft op 15 juni 2021 arrest gewezen. Het vonnis van
de rechtbank Zwolle d.d. 11 december 2013 is vernietigd. Dit betekent dat het
op grond van dit vonnis door de boedel geïnde bedrag ad € 591.063,-
terugbetaald moet worden, vermeerderd met de wettelijke rente en kosten.
Onderzocht wordt of het zinvol is beroep in cassatie aan te tekenen.
19
Verslag 40 - 28 december 2021:
Cassatieadvies is ingewonnen. Uit dat advies volgt dat het niet zinvol is
beroep in cassatie in te stellen. Daarmee is de procedure tegen Alsi Beheer
B.V. definitief tot een einde gekomen.
28-12-2021
20
Er is uitvoerig onderzoek gedaan naar de vorderingen op debiteuren. Onder
meer is
onderzocht welke vorderingen dubieus zijn en welke vorderingen voor
verrekening in
aanmerking zouden kunnen komen.
05-07-2018
8
Verslag 30 - 5 januari 2019:
Er is uitgebreid overleg geweest met de cassatie advocaat in verband met het
in de hoofdzaak ingestelde hoger beroep.
07-01-2019
10
Verslag 31 - 5 april 2019:
De afgelopen verslagperiode heeft het nodige overleg plaatsgevonden over de
vraag of beroep in cassatie ingesteld moet worden tegen het arrest van het
gerechtshof Arnhem-Leeuwarden in het kort geding.
08-04-2019
11
Verslag 32 - 5 juli 2019:
Er heeft overleg plaatsgevonden met de cassatieadvocaat in de kort
gedingprocedure en voorts overleg met de advocaat van Alsi Beheer B.V. over
voortzetting van de hoofdprocedure na verwijzing.
08-07-2019
12
Verslag 34 - 5 januari 2020:
Er heeft overleg plaatsgehad met de cassatie advocaat.
02-01-2020
14
Verslag 35 - 2 april 2020:
De memorie van antwoord na verwijzing is opgesteld en ingediend. De door
Alsi ingediende memorie na verwijzing was zeer uitgebreid, waardoor het
antwoord van de zijde van de boedel ook uitgebreid moest zijn om te
voorkomen dat stellingen van Alsi onweersproken zouden blijven.
02-04-2020
15
Verslag 36 - 2 juni 2020:
Contacten met het gerechtshof 's-Hertogenbosch over de datum voor pleidooi
in de procedure na verwijzing.
02-07-2020
16
Verslag 39 - 29 juni 2021:
Voorbereiden van de pleidooien. Inwinnen van cassatieadvies.
29-06-2021
19
Verslag 40 - 28 december 2021:
Beoordelen cassatieadvies en diverse correspondentie en overleg.
28-12-2021
20
5.1 Vordering van bank(en)
5.2 Leasecontracten
5.3 Beschrijving zekerheden
5.4 Separatistenpositie
5. Bank / Zekerheden
€ 4.200.000,00
Toelichting vordering van bank(en)
Deutsche Bank Nederland N.V. heeft haar vordering op gefailleerde op 2 april
2011 verkocht
en overgedragen aan Hyproca Dairy Investments B.V. (verder: Hyproca). Deze
vordering
bedroeg per faillissementsdatum ongeveer € 4.200.000,-. Met de vorderingen
gingen ook alle
zekerheden die aan de vordering verbonden waren over naar Hyproca,
waaronder
pandrechten op de kantoor-, laboratorium- en bedrijfsinventaris, voorraden, en
vorderingen op
debiteuren.
05-07-2018
8
Tot heden is gebleken dat er 3 leaseovereenkomsten lopen, onder andere met
betrekking tot
vorkheftrucks en een automobiel. Met een tweetal leasemaatschappijen is kort
na de
overname van de activa door Hyproca een regeling getroffen. Later is de derde
leaseovereenkomst afgewikkeld, in die zin dat het contract is beëindigd en de
auto is opgehaald door de leasemaatschappij.
05-07-2018
8
Ten behoeve van Deutsche Bank Nederland N.V. waren de volgende
zekerheden gevestigd:
-Pandrecht op voorraden
-Pandrecht op de vorderingen op derden
-Pandrecht op bedrijfsuitrusting
-Achterstelling vorderingen van Gramen Shipping and Trading Inc. (€
6.000.000,-) en Alsi
Beheer B.V. (€ 500.000,-)
-Borgtocht Romeva Vastgoed B.V. tot een bedrag van € 1.000.000,- verzekerd
met een
hypothecaire inschrijving op de Onroerende Zaken
Zoals gezegd heeft Deutsche Bank haar vordering op Lyempf overgedragen
aan Hyproca,
zodat Hyproca de voormelde pandrechten kon uitoefenen.
05-07-2018
8
5.4 Separatistenpositie
5.5 Eigendomsvoorbehoud
5.6 Retentierechten
5.7 Reclamerechten
5.8 Boedelbijdragen
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
Hyproca was separatist voor zover de verpande goederen betreffende. De
vordering van
Hyproca is geheel voldaan uit de opbrengst van de vorderingen op debiteuren
(€ 3.700.000,-) en de voorraden (€ 500.000,-). De pandrechten van Hyproca
zijn daarmee
vervallen. De vordering van Hyproca bleek na controle geen € 4.200.000,- te
bedragen maar €
4.075.118,70 (per datum aflossing).
05-07-2018
8
Er zijn door 86 schuldeisers eigendomsvoorbehouden ingeroepen. Een collega
van de curator
is een aantal volle dagen doende geweest om te inventariseren welke zaken
die onder
eigendomsvoorbehoud zouden kunnen vallen, nog aanwezig waren en voorts
om te
beoordelen of rechten terecht werden ingeroepen. Alle schuldeisers die
rechten hebben
ingeroepen zijn in de gelegenheid gesteld om in de bedrijfsgebouwen aan te
wijzen welke
zaken onder het gepretendeerde voorbehoud zouden kunnen vallen.
Er zijn 40 eigendomsvoorbehouden afgewikkeld, in die zin dat de koper
Hyproca een regeling heeft getroffen met de betreffende schuldeisers. In de
koopovereenkomst is namelijk afgesproken dat eigendomsvoorbehouden en
andere rechten ten aanzien van de verkochte zaken door Hyproca dienen te
worden gerespecteerd en de gevolgen daarvan voor haar rekening komen. Er
zijn 19 beroepen op eigendomsvoorbehouden afgewezen. De curator
beschouwt dit punt als afgehandeld.
05-07-2018
8
Door twee schuldeisers is een beroep gedaan op het retentierecht. Beide
retentierechten zijn
erkend door de curator. Hyproca heeft deze verder geregeld rechtstreeks met
de betreffende
schuldeisers. Voor zover de curator bekend is dit tot tevredenheid van de
schuldeisers
geschied. Ook dit onderdeel wordt als afgehandeld beschouwd.
05-07-2018
8
Er is niemand die het recht van reclame heeft ingeroepen. Dit punt wordt als
afgehandeld
beschouwd.
05-07-2018
8
Toelichting
Boedelbijdragen zijn niet gevraagd gelet op het in 3.3 (slot) vermelde.
05-07-2018
8
5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden
6.1 Exploitatie / zekerheden
6.2 Financiële verslaglegging
6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming
6.4 Beschrijving
De door Hyproca gepretendeerde pandrechten zijn onderzocht; voorts is
onderzocht of
Hyproca inderdaad gerechtigd was tot de vordering die Deutsche Bank
aanvankelijk had op
gefailleerde. Zoals gezegd heeft een kantoorgenoot van de curator veel tijd
besteed aan het
onderzoek van eigendomsvoorbehouden, reclame- en retentierechten.
05-07-2018
8
6. Voortzetten / doorstart onderneming
Voortzetten onderneming
De onderneming van gefailleerde was reeds anderhalve week voor de
faillissementsdatum
stilgelegd. De onderneming is niet door de curator herstart. Wel zijn de nodige
werkzaamheden verricht om de machines en installaties te conserveren.
05-07-2018
8
Omdat de exploitatie van de onderneming van gefailleerde niet gecontinueerd
is, is dit niet van
toepassing.
05-07-2018
8
Niet van toepassing. 05-07-2018
8
Doorstarten onderneming
6.4 Beschrijving
6.5 Verantwoording
Direct na het uitspreken van het faillissement is samen met het management
van gefailleerde een informatiememorandum opgesteld. Synchroon zijn de
voorwaarden waarop met de curator kon worden onderhandeld naar diverse
geïnteresseerde partijen gezonden met het verzoek deze te ondertekenen.
Deze voorwaarden bevatten een geheimhoudingsverklaring. Na ondertekening
van bedoelde voorwaarden annex geheimhoudingsverklaring is het
informatiememorandum aan de gegadigden gezonden, vergezeld van een brief
zijdens de curator waarin is aangegeven hoe het bod diende te worden
ingericht. In de brief was tevens een termijn vermeld waarbinnen de
schriftelijke bieding bij de curator moest worden ingediend. Deze termijn had
overigens geen juridische status maar was slechts om de voortgang te
bevorderen.
Op vrijdag 15 april 2011 zijn vier biedingen ontvangen. In die week zijn vele
gegadigden
rondgeleid op het bedrijf van gefailleerde door kantoorgenoten van de curator.
05-07-2018
8
Reeds aanstonds werd duidelijk dat één van de geïnteresseerden, te weten
Hyproca, een onvoorwaardelijke huurovereenkomst gesloten had met Romeva
met betrekking tot de
Onroerende Zaken. In een bespreking met de heer Van der Valk, die alle
aandelen houdt in
Romeva, bleek dat hij slechts wenste te verhuren aan Hyproca. Andere
gegadigden dan
Hyproca stuitten aldus op het probleem dat overeenstemming zou moeten
kunnen worden
bereikt met verhuurder Romeva; het had immers niet veel zin om de
bedrijfsinventaris te
kopen als men geen toegang zou hebben tot de gebouwen waarin deze zich
bevond.
Daarnaast had Hyproca door overname van de vordering van Deutsche Bank
pandrechten op de voorraden, inventaris en vorderingen op derden. Hyproca
zou deze pandrechten kunnen
uitoefenen door de zaken te executeren en de vorderingen op debiteuren te
innen.
De speelruimte voor de curator was aldus beperkt.
Hyproca trachtte voor een laag bedrag de activa van de curator te verkrijgen.
De curator heeft daartegen ingebracht dat gefailleerde een recht van koop
heeft aangaande de Onroerende Zaken (zie 3.1 tweede alinea) en dat levering
in kort geding zou worden afgedwongen teneinde de Onroerende Zaken
samen met de andere activa aan een andere gegadigde dan Hyproca te
kunnen verkopen.
Op zondag 17 april 2011 deed Hyproca een aantrekkelijk bod, te weten €
10.000.000,- voor de betrokken activa. Dat bod deed zij evenwel op de
voorwaarde dat dit meteen door de curator geaccepteerd moest worden. De
curator heeft op dat moment overwogen om te wachten op mogelijk hogere
biedingen van de andere geïnteresseerden. Hyproca wenste echter zoals
gezegd niet langer te wachten en stelde als eis dat het bod van €
10.000.000,- meteen geaccepteerd zou worden bij gebreke waarvan het zou
vervallen. Het bod van Hyproca was onvoorwaardelijk, zulks in tegenstelling
tot de biedingen van andere partijen. Er kon aldus op dat moment gekozen
worden voor (1) zekerheid door het (op dat moment veel hogere) bod van
05-07-2018
8
Hyproca te accepteren of (2) het onzekere pad op te gaan door biedingen van
andere gegadigden af te wachten. Die onzekerheid was van tweeërlei aard.
Op de eerste plaats was het maar de vraag of een andere gegadigde een
gelijk of een hoger bod zou doen dan Hyproca. Op de tweede plaats was het
de vraag of het in kort geding zou lukken om levering van de Onroerende
Zaken te bewerkstelligen. Daarnaast waren er nog de andere voorwaarden
die gegadigden mogelijk zouden kunnen stellen. Gelet op (1) de hoogte van
het bod van Hyproca en (2) het onvoorwaardelijk karakter daarvan (in
tegenstelling tot de biedingen van anderen die noodzakelijkerwijs met
betrekking tot de Onroerende Zaken
voorwaarden moesten bevatten) is besloten de andere biedingen niet af te
wachten.
Bovendien zou het ingaan op een bod van een van de andere gegadigden
zoals gezegd
risicovol geweest zijn. Als het niet zou lukken om de Onroerende Zaken te
verwerven om deze vervolgens door te verkopen aan de betreffende
gegadigde, zou alsnog met Hyproca
onderhandeld moeten worden. De onderhandelingspositie voor de boedel zou
alsdan een
slechte zijn geweest met alle gevolgen van dien voor de koopprijzen en de
opbrengst der
activa.
Er kwam na de overeenstemming met Hyproca nog een bod van een andere
gegadigde van
€ 10.700.000,-. Deze bieding was echter onder meer onder de voorwaarden
dat (1) de
Onroerende Zaken door de curator zouden kunnen worden geleverd, (2) de
huurovereenkomst tussen Romeva en Hyproca moest zijn beëindigd, (3) uit
een nog uit te voeren bodemonderzoek zou blijken dat er geen materiële
bodemverontreiniging is en (4) een huurovereenkomst tussen deze gegadigde
en het Waterschap Groot Salland ten aanzien van een perceel te Kampen zou
worden getekend. Deze bieding is gelijktijdig met de
overeenstemming met Hyproca aan de rechter-commissaris voorgelegd. De
rechter-commissaris vond het verschil tussen beide biedingen te gering om het
risico te nemen op het bod van de hogere bieder in te gaan gelet op de aan
dat bod verbonden voorwaarden. De rechter-commissaris heeft toestemming
verleend voor de verkoop aan Hyproca.
De liquidatiewaarde van de kantoor-, laboratorium-, bedrijfsinventaris en de
voertuigen is
getaxeerd op € 2.116.500,-, de onderhandse verkoopwaarde bij gelijkblijvende
locatie en
gebruik op € 7.113.500,-. De koopprijs van € 5.550.000,- ligt aldus ruim boven
de
liquidatiewaarde en is verantwoord.
De liquidatiewaarde van de voorraden grondstoffen en eindproduct is
getaxeerd op
€ 116.555,-, de onderhandse verkoopwaarde op € 501.555,-. Bij deze taxaties
is rekening
gehouden met retentierechten van bewaarders waar de voorraden zich
grotendeels bevonden.
De koopprijs van de voorraden ad € 500.000,- is nagenoeg gelijk aan de
getaxeerde
onderhandse verkoopwaarde, zodat deze koopprijs alleszins verdedigbaar is.
6.6 Opbrengst
6.7 Boedelbijdrage
6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming
7.1 Boekhoudplicht
De liquidatiewaarde van de vorderingen op debiteuren is getaxeerd op €
2.000.000,-, de
onderhandse verkoopwaarde op € 3.000.000,-. De koopprijs van € 3.700.000,-
ligt ruim boven de onderhandse verkoopwaarde en is derhalve zeer
verantwoord.
De koopprijs van de goodwill is een resultante van onderhandelingen.
€ 10.000.000,00
Toelichting
De opbrengst van alle verkochte activa bedraagt € 10.000.000,-. Met dit
bedrag is de vordering
van Hyproca (de van de Deutsche Bank overgenomen vordering, verzekerd met
pandrechten
op de verkochte activa) afgelost. Zoals gezegd bedroeg de vordering op het
moment van
aflossing € 4.075.118,70. De resterende € 5.924.881,30 is op de
boedelrekening
bijgeschreven.
05-07-2018
8
Toelichting
Omdat de opbrengsten hoger waren dan de door zekerheden gedekte
vordering van Hyproca,
is geen boedelbijdrage bedongen (zie 3.3 slot).
05-07-2018
8
De curator heeft onder andere de activa geïnventariseerd, voorwaarden voor
onderhandelingen opgesteld en laten tekenen, een informatiememorandum
opgesteld, een
biedingsbrief opgesteld en verzonden, informatie gegeven aan diverse
gegadigden,
onderhandelingen met diverse partijen gevoerd en de koopovereenkomst met
Hyproca
opgesteld.
05-07-2018
8
7. Rechtmatigheid
Er is opdracht gegeven tot een boekenonderzoek. De bevindingen zijn bekend.
Er zijn nadere
bevindingen gekomen. Deze hebben geleid tot de procedures als verwoord
onder 4.1 tot
betaling van € 500.000,- en € 208.750,-. Het boekenonderzoek is tevens de
05-07-2018
8
7.2 Depot jaarrekeningen
7.3 Goedkeuringsverklaring accountant
7.4 Stortingsverplichting aandelen
7.5 Onbehoorlijk bestuur
basis voor het
dagvaarden van de bestuurder Karageorgis tot betaling van het tekort in het
faillissement (zie
7.5).
Uit onderzoek bij het handelsregister blijkt dat de jaarrekeningen tijdig zijn
gedeponeerd. De
curator beschouwt dit onderdeel als afgesloten.
05-07-2018
8
De accountant heeft ten aanzien van de jaarrekening 2009 verklaard dat deze
een getrouw
beeld geeft van de grootte en de samenstelling van het vermogen van Lyempf
per 31
december 2009 en het resultaat over 2009.
De accountant heeft bij de verklaring benadrukt dat sprake is van een
onzekerheid van
materieel belang op grond waarvan gerede twijfel zou kunnen bestaan over
de continuïteitsveronderstelling van de vennootschap Lyempf B.V.. Dit onder
andere gelet op het feit dat de kortlopende schulden en voorzieningen de
totale activa overstijgen met
€ 4.593.000,-. Er is geen jaarrekening over 2010 beschikbaar.
05-07-2018
8
Gelet op het feit dat indien de volstorting niet heeft plaatsgevonden de
vordering om alsnog vol
te storten zou zijn verjaard, zal de curator geen onderzoek doen op dit punt.
De curator
beschouwt dit onderdeel als afgesloten.
05-07-2018
8
Toelichting
Dit onderdeel wordt onderzocht. In dat kader heeft een eerste bespreking
plaatsgevonden met de heer Karageorgis te Athene (Griekenland) als
onderdeel van de onder 3.3 van dit verslag vermelde reis. De heer Karageorgis
was tot kort voor het faillissement bestuurder van gefailleerde en is
waarschijnlijk thans nog steeds indirect bestuurder. In de bespreking zijn
afspraken gemaakt over het verschaffen van de nodige informatie. Tot heden
is deze
informatie niet ontvangen. De informatieverschaffing verloopt uiterst
moeizaam. De heer
Karageorgis is nog steeds niet bereikbaar.
Karageorgis is gedagvaard tot onder meer betaling van het tekort in het
faillissement, zulks op grond van artikel 2:248 Burgerlijk Wetboek. De rechter
heeft op 1 oktober 2014 (verstek)
vonnis gewezen. Karageorgis is veroordeeld tot betaling van het tekort van de
boedel; bij wijze van voorschot op deze betalingsverplichting is Karageorgis
veroordeeld tot betaling van € 15.000.000,-. Daarnaast is Karageorgis
05-07-2018
8
veroordeeld tot betaling van de (proces)kosten.
Getracht wordt voormeld bedrag te incasseren.
Los van deze civielrechtelijke kwestie wordt de heer Karageorgis strafrechtelijk
vervolgd.
verslag 28 - 5 juli 2018: de heer Karageorgis heeft verzet aangetekend tegen
het tegen hem gewezen verstekvonnis. Voorts heeft hij een incidentele
vordering ingesteld tot afgifte van de dagvaarding en het verstekvonnis. Beide
laatstgenoemde bescheiden zijn nadien aan de advocaat ter hand gesteld. In
het incident is verweer gevoerd tegen de vordering om de boedel in de kosten
te veroordelen omdat de curator bereid was voormelde stukken af te geven op
redelijke voorwaarden maar Karageorgis niet bereid was die voorwaarden te
accepteren.
Toelichting
Verslag 29 - 5 oktober 2018:
De verzet procedure tegen Karageorgis staat op de rol van 10 oktober 2018
voor beraad comparitie. De rechtbank zal op die datum beslissen of partijen
opgeroepen zullen worden om ter zitting te verschijnen.
04-10-2018
9
Toelichting
Verslag 30 - 5 januari 2019: In de verzetprocedure tegen Karageorgis is
bepaald dat er een comparitie van partijen plaats dient te vinden. Deze is
gepland op 25 maart 2019.
07-01-2019
10
Toelichting
Verslag 31 - 5 april 2019: Op 25 maart 2019 heeft de comparitie in de
verzetprocedure tegen Karageorgis plaatsgevonden. De heer Karageorgis
verzocht bij monde van zijn advocaat om inzage in de administratie van Lyempf
teneinde zich op bepaalde onderdelen te kunnen verweren. De rechtbank
heeft dit verzoek ingewilligd. De procedure is voor onbepaalde tijd
aangehouden.
08-04-2019
11
Toelichting
Verslag 32 - 5 juli 2019:
Karageorgis heeft tot heden geen pogingen ondernomen tot inzage in de
administratie van Lyempf. De rechtbank zal gevraagd worden vonnis te wijzen.
08-07-2019
12
Toelichting
Verslag 33 - 5 oktober 2019:
Voordat vonnis gevraagd is, heeft Karageorgis gevraagd om uitstel in de
verzet procedure tot 1 december 2019. Dit uitstel wil hij gebruiken om de
curator van informatie en bescheiden te voorzien. Voorts wenst hij in de tijd tot
1 december 2019 de mogelijkheid van een schikking met de curator bespreken.
De curator heeft daarmee ingestemd onder voorwaarden, onder meer op de
voorwaarde dat Karageorgis € 450.000,- aan de boedel zal betalen zonder dat
de curator enig recht prijsgeeft. Karageorgis heeft recent € 450.000,- aan de
boedel betaald. Genoemd bedrag is door Karageorgis destijds uit Lyempf
overgeheveld naar Avan Milk Holland B.V., een door Karageorgis
gecontroleerde vennootschap, en is niet ten behoeve van Lyempf besteed.
03-10-2019
13
Toelichting
Verslag 34 - 5 januari 2020: De rechtbank heeft op 27 november 2019 vonnis
(in verzet) gewezen. De rechtbank heeft het vonnis van 1 oktober 2014
vernietigd en Karageorgis veroordeeld tot betaling van het tekort van de
boedel. De heer Karageorgis is veroordeeld bij wijze van voorschot aan de
curator te betalen een bedrag van € 15.000.000,-. Daarnaast is de heer
Karageorgis veroordeeld tot betaling van de proceskosten. De vraag is of
Karageorgis hoger beroep zal aantekenen tegen het vonnis.
02-01-2020
14
Toelichting
Verslag 35 - 2 april 2020:
Karageorgis heeft hoger beroep aangetekend tegen het vonnis van de
rechtbank waarbij hij is veroordeeld tot betaling van het tekort in het
faillissement. De zaak dient voor het eerst in hoger beroep op 30 juni 2020.
02-04-2020
15
Toelichting
Verslag 36 - 2 juli 2020:
In onderhavige procedure is namens de curator een anticipatieexploot
uitgebracht. De procedure staat thans voor grieven aan de zijde van de heer
Karageorgis op 7 juli 2020.
02-07-2020
16
Toelichting
Verslag 37 - 1 oktober 2020:
In onderhavige procedure is aan de zijde van de heer Karageorgis de memorie
van grieven ingediend. Door de curator is de memorie van antwoord ingediend.
De beslissing van het Gerechtshof over de voortgang van de procedure wordt
afgewacht.
01-10-2020
17
Toelichting
Verslag 38 - 29 december 2020:
In de procedure tegen Karageorgis heeft het hof Arnhem-Leeuwarden bepaald
dat de mondelinge behandeling zal plaatsvinden op 5 oktober 2021.
29-12-2020
18
Ja
Toelichting
Verslag 40 - 28 december 2021:
De mondelinge behandeling heeft inmiddels plaatsgevonden en het hof
Arnhem-Leeuwarden heeft op 19 oktober 2021 al arrest gewezen. Het hof
heeft het vonnis van de rechtbank bekrachtigd. Het is thans wachten of
cassatieberoep wordt ingesteld.
Met betrekking tot de tenuitvoerlegging van het arrest is de curator thans de
mogelijkheden aan het onderzoeken.
28-12-2021
20
Ja
Toelichting
28-06-2022
21
7.6 Paulianeus handelen
Verslag 41 - 28 juni 2022:
Er is geen cassatieberoep ingesteld. Daarmee is de uitspraak in de procedure
tegen Karageorgis onherroepelijk geworden.
In de afgelopen periode is verhaalsonderzoek uitgevoerd. De curator is nog in
afwachting van de laatste uitkomsten van dat onderzoek. Na ontvangst van
die informatie kan worden bezien op welke wijze het arrest ten uitvoer kan
worden gelegd.
Ja
Toelichting
Verslag 42 - 22 december 2022:
Het verhaalsonderzoek is nog niet definitief afgerond.
22-12-2022
22
Ja
Toelichting
Verslag 43 - 21 juni 2023:
Het verhaalsonderzoek is afgerond. Het onderzoek en de resultaten ervan is
aanleiding geweest contact te zoeken met partijen om de incasso van de
vordering op de heer Karageorgis te incasseren. Verschillende partijen zijn
benaderd, maar tot overeenstemming (over de voorwaarden) heeft dat niet
geleid.
De curator heeft vervolgens een vijftal partijen benaderd met de vraag of zij
bereid waren de vordering op de heer Karageorgis te kopen. Geen van deze
vijf partijen is hiertoe (onder voor de boedel acceptabele voorwaarden) bereid
gebleken. De curator heeft daarna aanleiding gezien nogmaals onderzoek te
doen naar mogelijke incasso van de vordering op de heer Karageorgis door
derden. Inmiddels is een derde bereid gevonden die incasso en bijbehorend
(nader) verhaalsonderzoek uit te voeren. Voor het inschakelen van deze derde
is inmiddels toestemming van de rechter-commissaris verkregen. Na 6
maanden zal de stand van zaken worden geëvalueerd. Op basis van deze
evaluatie en de resultaten zal worden bezien of verdere samenwerking
opportuun is. Aan het verhaalsonderzoek zijn geen directe kosten voor de
boedel verbonden. Alleen als er daadwerkelijk een opbrengst wordt
gerealiseerd, zal voor het verhaalsonderzoek en de incasso worden betaald.
21-06-2023
23
Ja
Toelichting
Verslag 44 - 22 december 2023:
De curator heeft geen definitieve overeenstemming kunnen bereiken met een
derde ten aanzien van de incasso en verhaalsonderzoek met betrekking tot
de vordering op de heer Karageorgis. De voorwaarden die aan deze opdracht
zijn verbonden, zijn voor de curator niet acceptabel gebleken. De curator
bezint zich thans over het vervolg. Mogelijk dat ook de behandeling in de
strafzaak tegen de heer Karageorgis, die staat gepland voor 12 juni 2024,
nog handvaten geeft voor verdere incasso en/of verhaalsonderzoek.
22-12-2023
24
7.6 Paulianeus handelen
7.7 Toelichting rechtmatigheid
7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid
Toelichting
Jegens de debiteur van de vordering ad € 208.750,- die zijn schuld verrekende
met een
overgenomen vordering (zie 4.1) is voor zover nodig de actio pauliana
ingeroepen.
Gefailleerde heeft middels haar bestuurder Karageorgis een
licentieovereenkomst gesloten met betrekking tot een bepaald procedé
waarmee eiwitten uit olijven zouden kunnen worden gewonnen. Het procedé
werkte niet. Karageorgis heeft gefailleerde ter zake wel een
verplichting tot betaling van € 25.000.000,- aan laten gaan. De
rechtshandeling middels welke de licentie overeenkomst gesloten werd, is
vernietigd; jegens de licentiegever Aces High Marketing Ltd. is de actio
pauliana ingeroepen. Tot heden is van deze partij niets vernomen.
05-07-2018
8
Het entameren, begeleiden en evalueren van het boekenonderzoek en de
daaruit
voortvloeiende zaken heeft de nodige tijd gekost.
05-07-2018
8
Verslag 33 - 5 oktober 2019:
Het overleg met Karageorgis en de voorbereiding daarvan heeft de nodige tijd
gekost.
03-10-2019
13
Verslag 37 - 2 juni 2020:
Er is erg veel tijd besteed aan het opstellen van de memorie van antwoord
omdat de namens Karageorgis ingediende memorie van grieven zeer
uitgebreid was.
01-10-2020
17
Verslag 41 - 28 juni 2022:
Er is met name aandacht besteed aan het uitvoeren van verhaalsonderzoek en
correspondentie en overleg met de daarbij betrokken instanties.
28-06-2022
21
Verslag 42 - 22 december 2022:
Er is tijd besteed aan het uitvoeren van verhaalsonderzoek en
correspondentie en overleg met de daarbij betrokken partijen.
22-12-2022
22
Verslag 43 - 22 juni 2023:
Er is veel tijd besteed aan het benaderen en corresponderen met partijen over
incasso of verkoop van de vordering op de heer Karageorgis.
21-06-2023
23
Verslag 44 - 22 december 2023:
Er is tijd besteed aan mogelijke incasso en verhaalsonderzoek en overleg
met de rechter-commissaris.
22-12-2023
24
8. Crediteuren
8.1 Boedelvorderingen
8.2 Pref. vord. van de fiscus
€ 860.229,92
Toelichting
Er is een boedelvordering ingediend ter zake de huur van de Onroerende
Zaken (te Kampen). Deze vordering ter hoogte van € 13.883,31 is geplaatst op
de lijst van (overigens nog niet erkende) boedelvorderingen (bijlage 1).
In de derde verslagperiode heeft het UWV boedelvorderingen ingediend
wegens overgenomen loonverplichtingen ter hoogte van in totaal €
706.817,76. Later heeft het UWV een gewijzigde boedelvordering ter zake
op de lijst van (nog niet erkende) boedelvorderingen.
Door Hyproca Lyempf B.V is een vordering ingediend ter hoogte van € 88.524,-.
Deze
vordering is geplaatst op de lijst van (nog niet erkende) boedelvorderingen.
Door een debiteur van gefailleerde is voormeld bedrag op de rekening van
gefailleerde gestort, terwijl dit op de rekening van Hyproca gestort had moeten
worden; Hyproca had als pandhouder aan bedoelde debiteur (na overname
van de vordering van Deutsche Bank op gefailleerde) medegedeeld dat de
betaling aan haar als pandhouder diende te geschieden. Desondanks heeft
bedoelde debiteur op de rekening van gefailleerde betaald. De debiteur stelt
aldus een vordering op de boedel tot terugbetaling te hebben. Hyproca heeft
de beweerdelijke vordering van de betreffende debiteur overgenomen.
05-07-2018
8
Toelichting
Verslag 39 - 29 juni 2021:
In de afgelopen verslagperiode zijn de boedelvorderingen betaald. Daardoor is
het boedelsaldo gedaald.
29-06-2021
19
8.2 Pref. vord. van de fiscus
8.3 Pref. vord. UWV
€ 1.742.760,00
Toelichting
Door de fiscus was een vordering ad € 1.828.270,00 ter zake omzetbelasting
ex artikel 29 lid 2 OB ingediend. Hiertegen heeft de curator bezwaar
aangetekend. Onderzoek heeft uitgewezen dat deze vordering aanzienlijk
lager zou moeten zijn. Inmiddels is de fiscus tegemoet gekomen aan het
bezwaar en heeft de aanslag met een bedrag van € 662.075,00 verminderd en
opnieuw vastgesteld voor een bedrag ad € 1.166.195,00.
De fiscus heeft ter zake de volgende belastingen de daarbij vermelde
vorderingen ingediend:
Omzetbelasting:
€ 109.402,00
€ 119.401,00
€ 1.166.195,00
€ 1.394.998,00 totaal
Loonheffingen:
€ 147.606,00
€ 184.681,00
€ 332.287,00 totaal
Motorrijtuigenbelasting
€ 367,00
€ 503,00
€ 870,00 totaal
Ondernemingsradenheffing:
€ 418,00
€ 418,00
€ 836,00 totaal
Grondwaterbelasting:
€ 5.138,00
€ 4.836,00
€ 9.974,00 totaal
Verpakkingenbelasting:
€ 2.884,00
Verontreinigingsheffing Rijkswateren
€ 301,00
€ 610,00
€ 911,00 totaal
05-07-2018
8
€ 1.380.720,00
29-06-2021
19
8.3 Pref. vord. UWV
8.4 Andere pref. crediteuren
8.5 Aantal concurrente crediteuren
€ 744.068,86
Toelichting
In de derde verslagperiode heeft het UWV een tweetal preferente vorderingen
ingediend
wegens overgenomen loonverplichtingen ter hoogte van in totaal €
744.068,86. Verwezen
wordt naar bijlage 2.
05-07-2018
8
€ 43.724,39
Toelichting
Door vier werknemers is een vordering ingediend ter zake teruggave door de
fiscus van teveel ingehouden bijdrage Zorgverzekeringswet. Deze vorderingen
zijn geplaatst op de lijst van voorlopig erkende preferente schuldvorderingen.
Daarnaast is door een werknemer een
vordering ingediend op basis van een ontslagvergoeding.
In de derde verslagperiode zijn de vorderingen behandeld die door een aantal
werknemers zijn
ingediend ter zake opgebouwde verlofuren.
05-07-2018
8
€ 57.724,39
Toelichting
Verslag 39 - 29 juni 2021:
In de afgelopen verslagperiode heeft de verificatievergadering
plaatsgevonden. De preferente schuldvorderingen zijn voor een bedrag van €
2.182.513,- erkend. De vorderingen van de belastingdienst en het UWV zijn bij
dit totaalbedrag inbegrepen.
29-06-2021
19
8.5 Aantal concurrente crediteuren
8.6 Bedrag concurrente crediteuren
390
Toelichting
Tot heden zijn door 390 schuldeisers concurrente vorderingen ingediend. Een
aantal
schuldeisers dient hun vordering nader te onderbouwen. Deze vorderingen zijn
nog niet
geplaatst op de lijst van voorlopig erkende concurrente schuldvorderingen.
Betwiste concurrente vorderingen:
De vorderingen van een vijftal crediteuren (zie ook 8.6) zijn geplaatst op de
lijst van voorlopig betwiste concurrente schuldvorderingen.
Achtergestelde vordering(en):
Door één crediteur is een vordering ingediend ad € 6.727.500,00. Dit betreft
een
achtergestelde vordering die op de lijst van voorlopig erkende achtergestelde
vorderingen is
geplaatst.
05-07-2018
8
389
Toelichting
Verslag 39 - 29 juni 2021:
In de afgelopen verslagperiode heeft zoals reeds is vermeld de
verificatievergadering plaatsgevonden. Een 11-tal vorderingen van concurrente
schuldeisers wordt betwist. Deze schuldeisers zijn naar de renvooiprocedure
verwezen. Van de 11 verwezen partijen zijn er drie daadwerkelijk in de
renvooiprocedure opgekomen.
29-06-2021
19
€ 27.501.817,90
Toelichting
Tot heden is voor een bedrag van € 27.501.817,90 aan concurrente
schuldvorderingen
ingediend. De rechtsgeldigheid van de vordering van Aces High Marketing Ltd.
uit hoofde van
een licentieovereenkomst wordt betwist. Hetzelfde geldt voor de vordering van
Flevomelk B.A.
uit hoofde van een contract tot levering van melk. Met vertegenwoordigers van
Flevomelk BA
heeft in verslagperiode 12 een bespreking plaatsgevonden. Ook met andere
grote
schuldeisers wordt gesproken ter bepaling van hun vordering.
05-07-2018
8
€ 27.500.917,90
01-10-2020
17
€ 14.417.142,16
29-06-2021
19
8.7 Verwachte wijze van afwikkeling
Toelichting
Verslag 39 - 29 juni 2021:
erkend. De betwiste vorderingen bedroegen ten tijde van de
verificatievergadering totaal € 46.910.720,-. Een groot deel daarvan is niet
opgekomen in de renvooiprocedure. In de thans aanhangige
renvooiprocedures zal naar verwachting voor een totaalbedrag van ongeveer
€ 19.250.000,- erkenning door de rechtbank gevorderd worden. het bedrag
aan betwiste schuldvorderingen is door de betwisting door de curator en het
niet opkomen in de renvooiprocedure aanmerkelijk teruggebracht, te weten
van € 46.910.720,- naar ongeveer € 19.250.000,-, met dien verstande dat de
in laatstgenoemd bedrag begrepen vorderingen nog steeds betwist worden.
Uitdrukkelijk zij vermeld dat laatstgenoemd bedrag een benadering is.
Toelichting
Verslag 40 - 28 december 2021:
Inmiddels is in de renvooiprocedure met DSM een schikking bereikt. Op verzoek
van DSM is de renvooiprocedure wel gevolgd en is de uitkomst van de
schikking vastgelegd in een vonnis van de rechtbank Overijssel van 13 oktober
2021.
Met Flevomelk is geen overeenstemming bereikt over een regeling. In januari
2022 zal door Flevomelk een conclusie van eis worden ingediend.
De derde en laatste renvooiprocedure is tegen Deutsche Bank. De procedure is
verwezen naar de parkeerrol van 6 april 2022. De curator heeft (de advocaat
van) Deutsche Bank inmiddels bericht dat er geen regeling mogelijk is op basis
van de uitgangspunten zoals die door Deutsche Bank zijn genoemd. De curator
zal de renvooiprocedure eerder op de rol laten plaatsen zodat Deutsche Bank
haar conclusie van eis kan indienen.
28-12-2021
20
Toelichting
Verslag 41 - 28 juni 2022:
In de renvooiprocedure tegen Flevomelk is door de curator een conclusie van
antwoord ingediend. De zaak staat thans op de rol voor het bepalen van een
mondelinge behandeling.
In de renvooiprocedure tegen Deutsche Bank is alsnog een schikking bereikt.
De renvooiprocedure is inmiddels doorgehaald.
28-06-2022
21
Toelichting
Verslag 42 - 22 december 2022:
Tijdens en na de mondelinge behandeling inzake de renvooiprocedure tegen
Flevomelk is alsnog overleg gevoerd over een schikking. Inmiddels is
overeenstemming bereikt over een schikking. De renvooiprocedure is
doorgehaald. Hiermee zijn alle renvooiprocedures afgewikkeld.
22-12-2022
22
verslag 27 - 5 april 2018:
In de procedure tegen Alsi Beheer B.V. zal het beroep in cassatie
gecontinueerd
05-07-2018
8
worden. In het hoger beroep tegen het vonnis van de voorzieningenrechter
(zie 4.1) zal
verweer gevoerd worden.
Verslag 28 - 5 juli 2018: Ook de komende verslagperiode zullen de procedure
in cassatie en de procedure in hoger beroep tegen het vonnis van de
voorzieningenrechter gecontinueerd worden.
Het is niet uitgesloten dat een uitkering aan de concurrente schuldeisers zal
kunnen plaatsvinden.
Verslag 29 - 5 oktober 2018:
De komende verslagperiode zullen de procedures tegen Alsi Beheer B.V. in
cassatie en in hoger beroep tegen het kort geding vonnis alsmede de
procedure tegen Karageorgis gecontinueerd worden.
04-10-2018
9
Verslag 30 - 5 januari 2019:
De komende verslagperiode zullen de procedure in cassatie en de procedure
tegen Karageorgis gecontinueerd worden.
07-01-2019
10
Verslag 31 - 5 april 2019: De komende verslagperiode zal de procedure tegen
Alsi Beheer B.V. waarschijnlijk voortgezet worden bij het gerechtshof 's-
Hertogenbosch. Het beroep in cassatie in de kort geding procedure zal
gecontinueerd worden. De verzetprocedure tegen Karageorgis zal vervolgd
worden.
08-04-2019
11
Verslag 32 - 5 juli 2019:
Naar verwachting zal de hoofdprocedure tegen Alsi Beheer B.V. de komende
verslagperiode voortgezet worden bij het gerechtshof 's-Hertogenbosch. In
het beroep in cassatie in de kortgedingprocedure wordt de conclusie van de
Procureur Generaal afgewacht. In de verzet procedure tegen Karageorgis zal
de rechtbank gevraagd worden vonnis te wijzen.
08-07-2019
12
Verslag 33 - 5 oktober 2019:
De uitkomsten van de hoofdprocedure tegen Alsi beheer B.V. moeten
afgewacht worden, evenals de uitkomst van het cassatieberoep in de kort
geding procedure. Voorts moet ook de uitkomst van de verzet procedure tegen
Karageorgis afgewacht worden.
03-10-2019
13
Verslag 34 - 5 januari 2020:
De uitkomsten van de hoofdprocedure tegen Alsi Beheer B.V. moeten
afgewacht worden, evenals de uitkomst van het cassatieberoep in de kort
geding procedure. Voorts wordt afgewacht of Karageorgis hoger beroep zal
aantekenen tegen het door de rechtbank Overijssel gewezen eindvonnis.
02-01-2020
14
Verslag 35 - 2 april 2020:
De uitkomst van de procedure na verwijzing tegen Alsi Beheer B.V. moet
afgewacht worden, evenals de uitkomst van het cassatieberoep in de kort
geding procedure. Ook de procedure tegen Karageorgis in hoger beroep moet
nog gevoerd worden.
02-04-2020
15
Verslag 36 - 2 juli 2020:
De uitkomst van de procedure na verwijzing tegen Alsi Beheer B.V. moet
afgewacht worden. Ook de procedure tegen Karageorgis in hoger beroep moet
nog gevoerd worden.
02-07-2020
16
Verslag 37 - 1 oktober 2020: Verwezen wordt naar het vorige verslag. 01-10-2020
8.8 Werkzaamheden crediteuren
17
Verslag 38 - 29 december 2020:
De uitkomsten van de procedures tegen Alsi Beheer B.V. en tegen Karageorgis
moeten afgewacht worden.
29-12-2020
18
Verslag 39 -29 juni 2021:
De uitkomst van de procedure tegen de bestuurder van gefailleerde moet
afgewacht worden. Tevens zal nagegaan worden of het zinvol is beroep in
cassatie aan te tekenen tegen het arrest van het hof d.d. 15 juni 2021 in de
zaak tegen Alsi.
29-06-2021
19
Verslag 40 - 28 december 2021:
Het instellen van het cassatieberoep is niet zinvol gebleken. Daarmee is de
procedure tegen Alsi Beheer B.V. definitief tot een einde gekomen.
28-12-2021
20
Verslag 41 - 28 juni 2022:
De renvooiprocedure tegen Flevomelk zal eerst moeten worden afgewacht,
evenals de eventuele tenuitvoerlegging van het arrest jegens Karageorgis.
28-06-2022
21
Verslag 42 - 22 december 2022:
De afwikkeling van het faillissement is afhankelijk van de mogelijkheden het
arrest jegens Karageorgis ten uitvoer te leggen. Op dit moment valt over de
termijn van afwikkeling nog geen mededeling te doen.
22-12-2022
22
De bespreking met Flevomelk en de voorbereiding daarvan heeft de nodige tijd
gekost.
Hetzelfde geldt voor de gemotiveerde betwisting van de vordering van Aces.
Ook de
besprekingen met enkele grote schuldeisers hebben de nodige tijd gekost.
Er hebben zich geen wijzigingen voorgedaan ten opzichte van het vorige
verslag.
05-07-2018
8
Verslag 40: 28 december 2021:
De regeling met DSM is afgerond. Daarnaast heeft overleg plaatsgevonden en
is gecorrespondeerd met Flevomelk over een eventuele regeling. Tevens is de
vordering van Deutsche Bank nader onderzocht is overleg gevoerd en
gecorrespondeerd met de advocaat van Deutsche Bank.
28-12-2021
20
Verslag 41 - 28 juni 2022:
De werkzaamheden hebben voornamelijk betrekking gehad op het bereiken
van een regeling met Deutsche Bank, het voortzetten van de renvooiprocedure
jegens Flevomelk en het uitvoeren van verhaalsonderzoek jegens Karageorgis.
28-06-2022
21
Verslag 42 - 22 december 2022:
De werkzaamheden hebben betrekking gehad op het voortzetten van de
procedure jegens Flevomelk en de onderhandelingen over een schikking.
Verder is het verhaalsonderzoek jegens Karageorgis voortgezet.
22-12-2022
22
9.1 Naam wederpartijen
9.2 Aard procedures
9.3 Stand procedures
9.4 Werkzaamheden procedures
10.1 Plan van aanpak
10.2 Termijn afwikkeling faillissement
9. Procedures
Zie 1.2 05-07-2018
8
10. Overig
Zie 8.7 05-07-2018
8
Verslag 40 - 28 december 2021:
In de komende verslagperiode zullen de renvooiprocedures tegen Flevomelk
en Deutsche Bank worden voortgezet. Daarnaast zal worden onderzocht op
welke wijze het arrest tegen de bestuurder ten uitvoer kan worden gelegd.
28-12-2021
20
Verslag 41 - 28 juni 2022:
De renvooiprocedure tegen Flevomelk zal worden voortgezet. Daarnaast zal
het verhaalsonderzoek jegens Karageorgis worden afgerond en zal worden
bezien welke verdere actie mogelijk is.
28-06-2022
21
Verslag 42 - 22 december 2022:
Het is de verwachting dat het verhaalsonderzoek jegens Karageorgis in de
komende verslagperiode kan worden afgerond. Dan kan ook worden bepaald
welke verdere acties ondernomen kunnen worden.
22-12-2022
22
Verslag 43 - 21 juni 2023:
Het verhaalsonderzoek en de (mogelijke) incasso jegens Karageorgis wordt
met behulp van een derde partij voortgezet. Na 6 maanden zal de stand van
zaken worden geëvalueerd. Dan zal ook inzichtelijk zijn of verdere
(incasso)maatregelen mogelijk zijn.
21-06-2023
23
Verslag 44 - 22 december 2023:
De curator zal de komende tijd bezien hoe de incasso van de vordering op de
heer Karageorgis verder kan worden ingevuld. Tevens zal de behandeling
van de strafzaak worden gevolgd.
22-12-2023
24
Verslag 27 - 5 april 2018: Het is nog niet mogelijk aan te geven op welke
termijn het
faillissement afgewikkeld zal kunnen worden omdat beroep in cassatie is
aangetekend
bij de Hoge Raad. De uitkomst van de procedure zal afgewacht moeten
worden.
Hetzelfde geldt voor het hoger beroep tegen het vonnis van de
voorzieningenrechter.
Verslag 28 - 5 juli 2018:
Ook nu is nog niet aan te geven wanneer het faillissement afgewikkeld zal
kunnen worden gelet op de lopende procedures bij de Hoge Raad en in hoger
beroep tegen het vonnis van de voorzieningenrechter.
05-07-2018
8
Verslag 29 - 5 oktober 2018:
Gelet op de lopende procedures is het niet aan te geven wanneer het
faillissement beëindigd zal kunnen worden.
04-10-2018
9
Verslag 30 - 5 januari 2019:
Verwezen wordt naar het vorige verslag.
07-01-2019
10
Verslag 31 - 5 april 2019:
Verwezen word naar verslag 29.
08-04-2019
11
Verslag 32 - 5 juli 2019:
Verwezen wordt naar verslag 29.
08-07-2019
12
Verslag 33 - 5 oktober 2019:
Verwezen wordt naar verslag 29.
03-10-2019
13
Verslag 34 - 5 januari 2020:
Verwezen wordt naar verslag 29.
02-01-2020
14
Verslag 35 - 2 april 2020:
Verwezen wordt naar verslag 29.
02-04-2020
15
Verslag 36 - 2 juli 2020:
Gelet op de lopende procedures is het niet aan te geven wanneer het
faillissement beëindigd zal kunnen worden.
02-07-2020
16
Verslag 37 - 1 oktober 2020:
Gelet op de lopende procedures is het niet aan te geven wanneer het
faillissement beëindigd zal kunnen worden.
01-10-2020
17
Verslag 38 - 29 december 2020:
Gelet op de lopende procedures is het niet aan te geven wanneer het
faillissement beëindigd zal kunnen worden.
29-12-2020
18
Verslag 39 - 29 juni 2021:
Gelet op de lopende procedure tegen de bestuurder van gefailleerde is het
niet aan te geven wanneer het faillissement beëindigd zal kunnen worden.
29-06-2021
19
Verslag 40 - 28 december 2021:
Gelet op de lopende procedure tegen de bestuurder van gefailleerde is het
niet aan te geven wanneer het faillissement beëindigd zal kunnen worden.
28-12-2021
20
10.3 Indiening volgend verslag
10.4 Werkzaamheden overig
Bijlagen
Verslag 41 - 28 juni 2022:
Vanwege de lopende renvooiprocedure tegen Flevomelk is het niet aan te
geven wanneer het faillissement beëindigd zal kunnen worden.
28-06-2022
21
Verslag 42 - 22 december 2022:
Vanwege het nog lopende verhaalsonderzoek jegens Karageorgis is het op dit
moment nog niet aan te geven wanneer het faillissement beëindigd zal kunnen
worden.
22-12-2022
22
Verslag 43 - 21 juni 2023:
Afwikkeling van het faillissement zal afhankelijk zijn van het nader
verhaalsonderzoek dat thans wordt uitgevoerd. Op dit moment kan om die
reden nog niet worden aangegeven wanneer beëindiging mogelijk is.
21-06-2023
23
22-7-2023 22-12-2023
24
Verslag 40 - 28 december 2021:
Gelet op de lopende renvooiprocedures en de tenuitvoerlegging van het arrest
tegen de bestuurder is het niet aan te geven wanneer het faillissement kan
worden beëindigd.
28-12-2021
20
Verslag 41 - 28 juni 2022:
Verslaglegging.
28-06-2022
21
Verslag 42 - 22 december 2022:
Verslaglegging.
22-12-2022
22
Verslag 43 - 21 juni 2023:
Verslaglegging.
21-06-2023
23
Bijlagen