Overzicht met bedrijven in Nederland
Terug naar faillissement

Verslag: 15-07-2026

Maxima Shipping C.V. · KVK 04084986 ·F.19/13/254
Verslagdatum
15-07-2026
Procedure
Faillissement
Status
Actief
Rechtbank
Rechtbank Noord-Nederland

Platte tekst van het verslag

Documentkenmerk: 19_nne_13_254_F_V_48 ·Tekst verwerkt op 25-09-2026 03:05

Openbaar faillissementsverslag

rechtspersoon (ex art. 73A Fw.)

Naam onderneming

Gegevens onderneming

Activiteiten onderneming

Financiële gegevens

Toelichting financiële gegevens

Betreft

Algemene gegevens

Maxima Shipping C.V en Maxima Shipping B.V. (cluster) 26-06-2018

3

Maxima Shipping B.V. en Maxima Shipping C.V, beide gevestigd te (7811 ME)

Emmen aan Westeind 54, ingeschreven bij de Kamer van Koophandel

respectievelijk onder nummer 04084109 en 04084986.

26-06-2018

3

De commanditaire vennootschap Maxima Shipping C.V. Trader exploiteert het

zeeschip m.s Maxima.

26-06-2018

3

Jaar Omzet Winst / verlies Balanstotaal
2010 € 3.432.321,00 € -822.694,00 € 16.403.910,00
2011 € 4.316.747,00 € -155.072,00 € 15.432.966,00

Verslagnummer 19

Datum verslag 15-07-2026

Insolventienummer F.19/13/254

Toezichtzaaknummer NL:TZ:0000011035:F002

Datum uitspraak 31-07-2013

R-C mr. N.A. Baarsma

Curator mr E. Eshuis

Toelichting financiële gegevens

Gemiddeld aantal personeelsleden

Boedelsaldo

De gegevens van de beherende vennoten zijn niet opgenomen. De

beheermaatschappij ontvangt slechts een beheervergoeding voor het overige

heeft deze geen separate crediteuren en/of debiteuren. Op de financiën van

Maxima Shipping B.V. wordt in het volgende verslag teruggekomen.

26-06-2018

3

0

26-06-2018

3

€ 34.334,27

26-06-2018

3

€ 34.406,29

15-01-2019

4

€ 21.459,10

14-01-2021

8

€ 21.427,30

14-01-2022

10

€ 21.300,10

16-01-2023

12

€ 21.300,10

17-07-2023

13

€ 21.172,90

17-01-2024

14

€ 21.172,90

17-07-2024

15

€ 21.045,70

17-01-2025

16

€ 21.003,30

16-07-2025

17

€ 26.478,13

15-01-2026

18

€ 26.560,68

15-07-2026

19

Verslagperiode

van

1-12-2017

t/m

31-5-2018

26-06-2018

3

van

1-6-2018

t/m

31-12-2018

15-01-2019

4

van

1-1-2019

t/m

30-6-2019

15-07-2019

5

van

1-7-2019

t/m

31-12-2019

15-01-2020

6

van

1-1-2020

t/m

30-6-2020

14-07-2020

7

van

1-7-2020

t/m

31-12-2020

14-01-2021

8

van

1-1-2021

t/m

30-6-2021

14-07-2021

9

van

1-7-2021

t/m

31-12-2021

14-01-2022

10

van

1-1-2022

t/m

30-6-2022

14-07-2022

11

van

1-7-2022

t/m

31-12-2022

16-01-2023

12

van

1-1-2023

t/m

30-6-2023

17-07-2023

13

van

1-7-2023

t/m

31-12-2023

17-01-2024

14

van

1-1-2024

t/m

30-6-2024

17-07-2024

15

van

1-7-2024

t/m

31-12-2024

17-01-2025

16

van

1-1-2025

t/m

30-6-2025

16-07-2025

17

van

1-7-2025

t/m

31-12-2025

15-01-2026

18

van 15-07-2026

Bestede uren

Toelichting bestede uren

1-1-2026

t/m

30-6-2026

19

VerslagperiodeBestede uren

3 0 uur 0 min
4 0 uur 0 min
5 0 uur 0 min
6 4 uur 6 min
7 3 uur 48 min
8 10 uur 18 min
9 7 uur 0 min
10 2 uur 36 min
11 2 uur 0 min
12 3 uur 30 min
13 5 uur 18 min
14 4 uur 12 min
15 2 uur 12 min
16 2 uur 48 min
17 5 uur 12 min
18 10 uur 12 min
19 5 uur 12 min
Totaal 68 uur 24 min

In deze verslagperiode zijn 7,5 uren besteed, totaal derhalve 137,7 uren.

Toelichting

1. De informatie in dit verslag is (deels) nog onderwerp van nader

onderzoek. In een later stadium kan blijken dat deze informatie moet

worden aangepast. Omtrent de volledigheid en juistheid van de in dit

verslag opgenomen gegevens kan dan ook nog geen uitspraak worden

gedaan.

2. Aan dit verslag en/of volgende verslagen kunnen geen rechten worden

ontleend. Niets in deze verslagen kan worden geïnterpreteerd als een

erkenning van aansprakelijkheid noch als afstand van enig recht.

26-06-2018

3

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 14. 15-01-2019

4

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 15. 15-07-2019

1.1 Directie en organisatie

5

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 16. 15-01-2020

6

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 17. 14-07-2020

7

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 18. 14-01-2021

8

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 19. 14-07-2021

9

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 20. 14-01-2022

10

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 21. 14-07-2022

11

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 22. 16-01-2023

12

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 23. 17-07-2023

13

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 24. 17-01-2024

14

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 25. 17-07-2024

15

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 26. 17-01-2025

16

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 27. 16-07-2025

17

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 28. 15-01-2026

18

Dit verslag is feitelijk verslagnummer 29. 15-07-2026

19

1. Inventarisatie

Het bestuur over Maxima Shipping C.V. wordt gevoerd door de beherende

vennoot Maxima Shipping B.V. waarvan de enig aandeelhouder Greta Shipping

26-06-2018

1.2 Lopende procedures

1.3 Verzekeringen

1.4 Huur

1.5 Oorzaak faillissement

B.V. is en welke wordt bestuurd door Helena Management Shipping B.V. Beide

voorgaande vennootschappen worden bestuurd door de heer J.F.H. Schoening

en enig aandeelhouder van beide vennootschappen is Transship Maritime

Investments GmbH.

3

Naar het schijnt zijn er verscheidene procedures aanhangig bij de rechtbank

Shanghai. Hiervoor zij verwezen naar het gestelde onder kopje ‘Oorzaak

faillissement’.

26-06-2018

3

Ten tijde van het sinister, zie onder 1.7, was het schip casco (hull and

machinery) verzekerd bij/via AON. De aansprakelijkheid (P & I) was verzekerd

bij Skuld, een Noorse P & I club. Op dit moment is het casco van het schip

verzekerd door de bank.

26-06-2018

3

Door de C.V. Maxima werd het m.s. Maxima geëxploiteerd. Op 25 juni 2012 zou

het schip de haven van Shanghai verlaten. Hierbij is het schip in aanvaring

gekomen met het schip “Jing Fan I”. Ten gevolge van deze aanvaring heeft het

schip gaten opgelopen en is er olie weggelekt. De Chinese autoriteiten hebben

de failliet verplicht eerst door een door hen aangewezen maatschappij de

gaten te laten repareren. Ondanks het feit dat de door de Chinese

havenautoriteiten (MSA) aangewezen maatschappijen veel te duur waren en

bovendien het schip ook met gaten prima rechtstreeks naar een dok kon varen

om uitgebreid gerepareerd te worden, is onder druk van de MSA ingestemd

met het door de MSA voorgestelde reparateur. De verzekeraar van het casco

en de installaties (AON) heeft deze kosten betaald. Vervolgens diende het

schip gedokt te worden. Opnieuw werd hierbij door MSA een specifieke werf

voorgesteld die veel duurder was dan de andere werven en ook veel duurder

was dan de reparaties normaal gesproken, zelfs in West-Europa, zouden

hebben gekost. Gelet op de macht van MSA in het gebied bleek het wel haast

onmogelijk om het schip elders dan bij de voorgeschreven werf te laten

repareren. Uiteindelijk is er wel een andere werf gevonden, doch ook die heeft

een bedrag in rekening gebracht dat veel hoger lag dan reparaties normaal

gesproken zouden hebben gekost. Ook deze kosten heeft AON voldaan.

Nadien is er door de Maxima gediscussieerd met de MSA over de schade

anders dan die aan het schip. Te dezer zake heeft de

aansprakelijkheidsverzekeraar Skuld, zoals te doen gebruikelijk, een fonds

gesteld van ruim USD 2.500.000. Dit fonds is vastgesteld door de rechtbank te

Shanghai. Het normale gevolg van het stellen van dit fonds is dat het schip

vervolgens vrij is om te vertrekken omdat eventuele aansprakelijkheidsclaims

dan gedekt worden door dat fonds. Evenwel heeft het MSA aangegeven dat zij

een claim had van ruim USD 10.000.000 ten gevolge van verontreiniging en

opruimkosten. De verzekeraar heeft zich op het standpunt gesteld dat deze

schade moet worden ingediend bij het fonds en daardoor ook gedekt wordt.

De MSA heeft zich op het standpunt gesteld dat haar schade niet viel onder

het fonds en heeft aangegeven dat tenzij er alsnog betaald wordt of zekerheid

zal worden gesteld het schip Shanghai niet zou mogen verlaten.

26-06-2018

3

2.1 Aantal ten tijde van faillissement

2.2 Aantal in jaar voor faillissement

2.3 Ontslagaanzegging

2.4 Werkzaamheden personeel

Door eigenaren is hier nog een procedure tegen aangespannen bij de

rechtbank te Shanghai. De rechtbank Shanghai wenste evenwel de claim niet

in behandeling te nemen. Dit werd overigens vooraf al verwacht door

verzekeraars en bank gegeven het feit dat normaal gesproken de Chinese

rechtbanken niet oordelen ten detrimente van de Chinese autoriteiten. Dit is

ook de reden waarom noch de Nord/LB, de hypotheekhouder en financierende

instelling, noch de verzekeraar van Hull & Machinery (AON) noch P&I

verzekeraar (SKULD) ooit de moeite hebben getroost om in rechte tegen de

opstelling van het MSA in het verweer te komen.

Ten gevolge van alle perikelen ligt het schip al geruim één jaar in de haven van

Shanghai. De bemanning is al die tijd niet betaald, en heeft slechts

mondjesmaat proviand en water gehaald. Dit heeft ertoe geleid dat de

bemanning, voor zover noodzakelijk, beslag heeft gelegd op het schip en de

claim heeft ingediend bij de rechtbank Shanghai ten bedrage van ca. $

250.000. Omdat in beginsel de bemanning ook voor de hypotheekhouder gaat

hebben eigenaren aan de financierende bank, de Nord/LB, gevraagd om deze

kosten te voldoen. De Nord/LB heeft zich evenwel op het standpunt gesteld

dat zij in beginsel “geen goed geld meer naar kwaad geld” wenst te gooien. Zij

verwacht niet dat ook al zou deze claim betaald worden, zij op enige korte

termijn het schip uit Shanghai krijgen, alsook is het Nord/LB volstrekt onzeker

of zij ooit nog wat terugzien van de door haar ter zake van de Maxima

verstrekte financiering.

De huidige status quo van het schip en het onvermogen om nog betalingen te

kunnen doen heeft ertoe geleid dat de eigenaren niets anders konden dan het

aanvragen van het faillissement van Maxima C.V. en haar beherend vennoot.

2. Personeel

Personeelsleden

0

26-06-2018

3

Personeelsleden

0

26-06-2018

3

3.1 Onroerende zaken

Toelichting onroerende zaken

3.2 Werkzaamheden onroerende zaken

3.3 Bedrijfsmiddelen

Toelichting bedrijfsmiddelen

3.4 Bodemvoorrecht fiscus

3.5 Werkzaamheden bedrijfsmiddelen

3.6 Voorraden / onderhanden werk

Toelichting voorraden / onderhanden werk

3.7 Werkzaamheden voorraden / onderhanden werk

3.8 Andere activa

Toelichting andere activa

3.9 Werkzaamheden andere activa

3. Activa

Het bedrijfsmiddel bestaat uit het zeeschip m.s. Maxima een containerschip uit

2007 (667 teu) met een lengte van 145,63 meter en een bruto tonnage van

7878. Op het moment van uitspreken van het faillissement bevond het schip

zich in Shanghai en daar bevindt het zich nog steeds.

Het schip is inmiddels geveild, zie hierover 3.14 (verslag 2).

26-06-2018

3

Het schip wordt door de Chinese autoriteiten vastgehouden in Shanghai totdat

duidelijk is of de Chinese autoriteiten de door hen gestelde schade vergoed

zien.

Het schip is inmiddels door de Chinese Autoriteiten geveild. Deze veiling heeft

plaatsgevonden op 30 oktober 2013. Volgens de eerste berichten is de

opbrengst van het schip ongeveer USD 6,300,000. De opbrengst van de veiling

wordt door de rechtbank te Shanghai onder zich gehouden en partijen die van

mening zijn aanspraak te kunnen maken op dit bedrag, hebben tot 23

november 2013 de mogelijkheid gehad om zich te melden bij de rechtbank en

daar een claim neer te leggen. Na beoordeling van de door de crediteuren bij

de rechtbank ingediende claims, zal de rechtbank de opbrengst van de veiling

verdelen onder de crediteuren die zich bij de rechtbank hebben gemeld met

inachtneming van de verschillen in rang van de crediteuren. Zie verder 9.1

(verslag 2).

26-06-2018

3

4.1 Debiteuren

Toelichting debiteuren

4.2 Werkzaamheden debiteuren

4. Debiteuren

Het schip was ten tijde van de aanvaring gecharterd. De charter party is

vanzelfsprekend na de aanvaring beëindigd. Van enige aanspraak op de

charteraars is geen sprake.

26-06-2018

3

5.1 Vordering van bank(en)

5.2 Leasecontracten

5.3 Beschrijving zekerheden

5.4 Separatistenpositie

5.5 Eigendomsvoorbehoud

5.6 Retentierechten

5.7 Reclamerechten

5.8 Boedelbijdragen

5.9 Werkzaamheden bank / zekerheden

5. Bank / Zekerheden

€ 13.256.515,14

Toelichting vordering van bank(en)

De Norddeutsche Landesbank Girozentrale heeft volgens haar eerste opgave

een vordering van ruim € 7.600.000 en CHF 4.500.000 ofwel ruim €

11.000.000. De bank heeft een hypotheekrecht op het schip en heeft te

kennen gegeven haar hypotheekrecht te willen executeren. De bank is hiertoe

gekomen omdat zij voorshands geen andere uitweg ziet voor het schip en

daarmee haar lening. Gegeven alle omstandigheden ter plaatse, met name het

dwarsliggen door de MSA, geven de bank geen verwachting dat op korte

termijn in der minne een vergelijk zou kunnen worden bereikt. De bank gaat er

voorshands vanuit dat zij hoger gerangschikt is dan de vordering van MSA.

Mocht dat niet het geval zijn, dan gaat de bank ervan uit dat de claim van MSA

gedekt wordt door ofwel de verzekeraar van Hull & Machinery, omdat het

beredderingskosten zijn ofwel door de aansprakelijkheidsverzekeraar.

Zie voor het overige 9 (verslag 2).

26-06-2018

3

Ja. 26-06-2018

3

Er zijn in Hannover, waar de Nord/LB gevestigd is, gesprekken gevoerd tussen

bank en curator over de wensen van de Nord/LB en datgene wat zij van de

curator verwachten. Uit deze bespreking is de koers van de Nord/LB die al

eerder is weergegeven in het verslag naar voren gekomen.

26-06-2018

3

6.1 Exploitatie / zekerheden

6.2 Financiële verslaglegging

6.3 Werkzaamheden voortzetten onderneming

6.4 Beschrijving

6.5 Verantwoording

6.6 Opbrengst

6.7 Boedelbijdrage

6.8 Werkzaamheden doorstarten onderneming

6. Voortzetten / doorstart onderneming

Voortzetten onderneming

Doorstarten onderneming

7.1 Boekhoudplicht

7.2 Depot jaarrekeningen

7.3 Goedkeuringsverklaring accountant

7.4 Stortingsverplichting aandelen

7.5 Onbehoorlijk bestuur

7.6 Paulianeus handelen

7.7 Toelichting rechtmatigheid

7.8 Werkzaamheden rechtmatigheid

7. Rechtmatigheid

Lijkt in orde te zijn. 26-06-2018

3

Lijkt in orde te zijn. 26-06-2018

3

Lijkt in orde te zijn. 26-06-2018

3

Lijkt in orde te zijn. 26-06-2018

3

Nee

26-06-2018

3

Nee

26-06-2018

3

8.1 Boedelvorderingen

8.2 Pref. vord. van de fiscus

8.3 Pref. vord. UWV

8.4 Andere pref. crediteuren

8.5 Aantal concurrente crediteuren

8.6 Bedrag concurrente crediteuren

8.7 Verwachte wijze van afwikkeling

8.8 Werkzaamheden crediteuren

9.1 Naam wederpartijen

8. Crediteuren

€ 4.127,00

26-06-2018

3

€ 0,00

26-06-2018

3

€ 69.726,75

26-06-2018

3

9

26-06-2018

3

€ 13.499.816,06

26-06-2018

3

€ 13.499.818,06

15-01-2019

4

Inventariseren schulden, overleg met crediteuren etc. 26-06-2018

3

9. Procedures

Voor zover duidelijk is geworden van de advocaat van de eigenaars in

Shanghai, mr. Henry Lee van Dacheng Law Offices, hebben zowel de

bemanning als de MSA beslag gelegd op het schip en wensen zij voldaan te

26-06-2018

3

worden uit de opbrengst van de verkoop van het schip. Het schip zal dan ten

gevolge van deze beslagen moeten worden verkocht. Enige stukken van de

procedures zijn nog niet in het bezit van de curator.

Daarnaast zou er nog een geschil aanhangig zijn betreffende verdeling van de

aansprakelijkheid tussen de Jing Fan I en de Maxima. De verzekeraars zouden

zich ontfermen over deze procedure omdat die ten gevolge van subrogatie

regres zouden kunnen nemen op de (verzekeraars van) Jing Fan I. Naar het

schijnt is de schuldverdeling 60/40 in het voordeel van de Maxima, voor de

verzekeraars is/was het evenwel de vraag of de maximaal te realiseren

opbrengsten zich wel verhouden tot de te maken kosten (ruim € 100.000).

Hierover bestaat nog geen duidelijkheid.

De bank heeft aangegeven ook een procedure bij de rechtbank van Shanghai

aanhangig te willen maken, dit dan betreffende de executie van haar

hypotheekrecht. Of en in hoeverre daarvan inmiddels sprake is, is niet

duidelijk.

Zoals besproken onder 3 is het schip inmiddels door de Chinese Autoriteiten

geveild en wordt de opbrengst van de veiling door de rechtbank te Shanghai

onder zich gehouden. De crediteuren die van mening zijn dat zij een aanspraak

hebben op de veilingopbrengst, konden zich tot 23 november 2013 bij de

rechtbank te Shanghai melden teneinde daar een claim neer te leggen. Voor

zover de curator thans bekend, is er na de veiling een drietal claims

neergelegd bij de rechtbank.

De eerste claim is afkomstig van een zestal bemanningsleden van de Maxima,

zij hebben volgens de thans beschikbare gegevens een claim van ongeveer

USD 70,000 neergelegd. Naar eigen zeggen van de toenmalige eigenaren van

de Maxima is deze claim onjuist. De rechtbank heeft met betrekking tot deze

claim aangegeven dat er voor 11 december 2013 bewijs aangeleverd kan

worden, waarin de juistheid van de vordering kan worden betwist.

Voorts is er een claim van bijna USD 1,000,000 neergelegd door Huarun

Dadong Dockyard, de werf waar de Maxima na het incident uiteindelijk (onder

druk van MSA) is gedokt en waar reparaties aan het schip hebben

plaatsgevonden. In een eerder stadium heeft HRDD aangegeven dat zij een

claim van ongeveer USD 100,000 zouden hebben. Het is dan ook volstrekt

onduidelijk waar de hoogte van deze vordering op is gebaseerd. Ook voor

deze vordering geldt dat er voor 13 december 2013 bewijs tegen deze

vordering kan worden ingediend.

Tot slot heeft MSA zoals besproken haar claim neergelegd van ruim USD

10,000,000. Deze claim kan worden onderverdeeld in het bedrag dat zou zien

op de kosten die zijn gemaakt in verband met de opruimwerkzaamheden van

de gelekte olie van ruim USD 6,100,000 en de beredderingskosten van

ongeveer USD 4,000,000. MSA heeft zich op het standpunt gesteld dat haar

claim (zoals in het vorige verslag reeds aan de orde kwam) niet onder het

gestelde fonds zou vallen en daardoor gedekt zou worden en bovendien

gerangschikt zou zijn boven de claim van de bank.

Het voorgaande zou betekenen dat de bank als hypotheekhouder niets van de

opbrengst van de veiling zal ontvangen, omdat zij alle hiervoor genoemde

crediteuren voor zich moet laten gaan.

De bank is echter van mening dat zij weldegelijk hoger gerangschikt is dan

MSA en dat de claim van MSA door het gestelde fonds gedekt dient te worden.

Om een procedure te kunnen voeren, hebben de bank danwel haar advocaten

de medewerking van de curator nodig. De curator heeft aangegeven mee te

willen werken aan een dergelijke procedure door middel van het afgeven van

een volmacht aan de advocaten van de bank mits de curator van de bank een

volledige vrijwaring krijgt met betrekking tot alle kosten voortvloeiende uit een

dergelijke procedure en de boedel in ruil voor deze medewerking een

boedelvergoeding zal ontvangen van € 25.000. Met beide voorwaarden heeft

de bank ingestemd.

Momenteel bekijken zowel de bank, de verzekeringen alsook de voormalige

eigenaars de ingediende claims en de te nemen stappen.

In de komende verslagperiode hoopt de curator meer informatie te kunnen

geven wat betreft de voortgang van de verschillende procedures.

Het is op dit moment bij de curator niet bekend wat de plannen van zowel de

bank alsook van de verzekering zijn. Partijen zullen op korte termijn aan

moeten gaan geven wat de bedoeling is en hier zal dan ook naar geïnformeerd

gaan worden. Op het moment dat daar meer duidelijkheid over bestaat, zal

bekeken kunnen worden of de afwikkeling van het faillissement langzaam

ingezet zal kunnen worden. (Verslag 3)

Helaas is er nog geen duidelijkheid over de plannen van de bank alsook van de

verzekeraar. De curator zal contact met de bank opnemen en informeren of er

al duidelijkheid bestaat. (Verslag 4)

Gebleken is dat de discussie voor de rechtbank te Shanghai zich ontspint als al

eerder in het verslag aangegeven. De bank en de P&I verzekeraar stellen zich

op het standpunt dat de kosten van MSA te beschouwen zijn als

beredderingskosten dit samen met de MSA. Mocht dat oordeel uiteindelijk

worden gevolgd, dan dient de H&M verzekeraar de schade te dekken. Deze

laatste voert hier verweer tegen en heeft zich tot de boedel gewend voor hulp.

De boedel tracht alle partijen buiten MSA aan tafel te krijgen om de kwestie

gezamenlijk aan te vliegen danwel te schikken. Tot op heden blijven de andere

partijen bij de door hun ingenomen standpunten. (Verslag 5)

De procedure in Shanghai is nog in volle gang. De discussie schijnt zich nu toe

te spitsen op de vraag of de opruimkosten moeten worden gezien als salvage

costs, in welk geval de H&M verzekeraar voor de kosten opdraait of gewoon

aansprakelijkheid, in welk geval de P&I verzekeraar de kosten moet betalen

(verslag 6).

De curator heeft thans een vonnis (in het Chinees) ontvangen van de

rechtbank Shanghai. Uit dit vonnis volgt, voor zover de curator via een

kantoorgenoot die de Chinese taal machtig is heeft kunnen opmaken, dat de

Nord LB een vordering heeft op de failliet van ruim € 11.000.000 en een eerste

recht om zich op de opbrengst te verhalen. Door de boedel is geen verweer

gevoerd tegen deze (reeds erkende) vordering. Het is de curator onbekend of

dit nu ook betekent dat de Bank in rang voor de Havenautoriteit van Shanghai

(MSA) gaat. De curator wacht vooreerst de berichten van de Nord LB, in wiens

belang de boedel nog bestaat, af (verslag 7).

Door de boedel is aan de Nord LB te kennen gegeven dat het faillissement

voor opheffing zal worden voorgedragen tenzij er bijzondere omstandigheden

die aanhouden nog verder rechtvaardigen. De curator verwacht hier de

komende verslagperiode uitsluitsel over van de Nord LB (verslag 8).

Door de rechtbank in China schijnt geoordeeld te zijn dat de schuldverdeling

van de collissie is vastgesteld op 60% (Maxima) en 40% Jing Fan. Tevens zou

de claim van de MSA stellende dat hun vordering gedekt werd door het

gestelde fonds zijn afgewezen ten gevolge waarvan mogelijk nog het nodige

(door de schuldverdeling) teruggevorderd kan worden door verzekeraars en

bank. Beiden hebben aangegeven dat het aan de curator zou zijn om deze

procedure te entameren. Curator is thans met partijen in overleg om te bezien

of en in hoeverre dit wenselijk is voor de gezamenlijke crediteuren (verslag 9).

De H&M verzekeraar wenst te procederen -op naam van de boedel- om gelden

te verkrijgen van verzekeraar van de Jing Fan het schip met wie de Maxima

een aanvaring heeft gehad. Namens de boedel is aangegeven dat hier onder

voorbehoud van goedkeuring van de rechter-commissaris mee akkoord kan

worden gegaan mits er een deugdelijke boedelvergoeding wordt voldaan. De

verzekeraar denkt thans na over het aanbod aan de boedel (verslag 10).

De curator en de H&M verzekeraar zijn een boedelvergoeding van 10% van het

uiteindelijk geïncasseerde bedrag overeengekomen. De Chinese advocaten

hebben aan de H&M verzekeraar aangegeven dat de Maxima ongeveer een

bedrag van US$ 714.000 terug zal krijgen. Tevens hebben zij aangegeven dat

hun kosten tussen de US$ 17.700 en US$ 27.000 zullen bedragen, afhankelijk

of er wordt geschikt of dat de procedure wordt voortgezet. De curator is thans

in afwachting van het verdere verloop van de procedure (verslag 11 en 12).

De rechtbank in China heeft nog steeds geen uitspraak gedaan in de

procedure. De laatste informatie die de advocaat van de Nord LB heeft

ontvangen, is dat de rechtbank in juni 2018 een uitspraak zal doen. De

advocaat van de Nord LB heeft reeds aangegeven, dat zij verwachten dat de

uitspraak wederom aangehouden zal worden (verslag 13).

De curator is nog steeds in afwachting van de uitspraak in de procedure in

China (verslag 14).

15-01-2019

4

Omdat het allemaal erg lang duurt is contact opgenomen met de bank en

gevraagd in hoeverre het faillissement wellicht afgewikkeld kan worden. Dat is

nog niet het geval. Er zijn op instigatie van de rechtbank Shanghai wel

onderhandelingen geopend. Hierbij heeft de bank inmiddels aangegeven haar

claim onder het fonds gesteld door de verzekeraar van de JingFang (het

andere schip) te verlagen. Ook andere partijen zouden daartoe bereid zijn en

bovendien zou de verzekeraar bereid zijn iets buiten het fonds te willen

betalen. De curator is gelet op de afspraak met de verzekeraar en de bank niet

in de positie om nu reeds het faillissement te beëindigen. Het zal ook 2021 nog

wel in beslag nemen (verslag 18).

14-01-2021

8

De bank heeft aangegeven dat de onderhandelingen over het treffen van een

schikking in Shanghai zeer traag verlopen. Ondanks dat de discussies tussen

partijen gaande zijn, dit zeer traag verloopt (verslag 20).

14-01-2022

10

De bank heeft aangegeven dat er geen verdere voortgang is met betrekking

tot de Chinese procedure. In 2020 was er een mediationafspraak voor de

rechter en werd er hard gewerkt om tot een schikking te komen. De andere

partijen willen echter hun claim niet verlagen. De Chinese rechter wil nog

steeds geen beslissing nemen en verschuilt zich achter capaciteit en corona

(verslag 21).

14-07-2022

11

Recentelijk heeft de bank geïnformeerd of de boedel tegen een vergelijk zou

zijn tussen bank en verzekeraar. Dit om een mogelijkheid te creëren voor de

bank om uit de procedure te stappen. De boedel heeft daar positief op

gereageerd en is in afwachting van nadere berichten (verslag 22).

16-01-2023

12

Ondanks diverse verzoeken van de bank aan de verzekeraar heeft de bank

nog geen reactie van de verzekeraar mogen ontvangen over een vergelijk

tussen de bank en de verzekeraar. Tevens heeft de bank de curator

geïnformeerd dat er nog steeds geen voortgang is met betrekking tot de

Chinese procedure en dat de overige crediteuren hun vordering niet wensen te

verlagen en dat de rechter nog steeds geen beslissing wil nemen (verslag 23).

17-07-2023

13

9.2 Aard procedures

9.3 Stand procedures

Er is een aanvullend verzoek gekomen van de Chinese advocaat die door de

bank (Nord LB) is ingeschakeld. Dit verzoek diende om te kijken waartoe de

boedel wellicht zou hebben toegestemd en waarin niet. Aan de advocaat is te

kennen gegeven wat de regeling is die is getroffen met de bank en de H&M

(casco) verzekeraar. De reden voor het verzoek was een integrale regeling

waarbij niet slechts de cascoverzekeraar of slechts de

aansprakelijkheidsverzekeraar alles zou moeten vergoeden. Sinds de

berichtgeving zijdens de curator is het (weer) stil gebleven (verslag 24).

17-01-2024

14

De Nord LB heeft haar volledige claim ingediend bij de MII/MPA-

verzekeringsmaatschappij, maar de verzekeraar heeft de claim afgewezen. De

verzekeraar kwam met een tegenbod dat niet acceptabel was voor de Nord LB.

Vervolgens heeft er geen verzekeringsuitkering plaatsgevonden. De Nord LB is

derhalve nog steeds bezig om een schikking te vinden met alle eisers binnen

de Chinese procedure. Het schikkingsvoorstel werd sterk verhoogd (door H&M-

verzekeraar en MII/MAPP-verzekeraar) en de Chinese rechter is hiervan op de

hoogte gesteld. De Chinese rechter is in gesprek met de andere eisers om hun

claims te verlagen, maar deze partijen bewegen niet. Er is derhalve geen

enkele voortgang in de Chinese procedure (verslag 25).

17-07-2024

15

De onderhandelingen tussen de advocaten van de Nord LB en de Chinese

rechter zijn nog steeds gaande. In de tussentijd is het aanbod voor een

schikking eind december 2024 verhoogd. Het nieuwe aanbod zal door de

advocaten van de Nord LB aan de rechter worden voorgelegd. Enkele andere

eisers hebben hun claim ook licht verlaagd. Na het voorleggen van het aanbod

verwacht de Nord LB dat de Chinese rechter de onderhandelingen met de

andere eisers zal voortzetten. Omdat er zoveel partijen betrokken zijn bij de

procedure, blijven de gesprekken volgens de Nord LB uitdagend. De Nord LB

hoopt dat de Chinese rechter uiteindelijk een beslissing zal nemen om deze

procedure te beëindigen (verslag 26).

17-01-2025

16

De Nord LB heeft aangegeven dat zij nog geen reactie van haar advocaten

heeft ontvangen. De Nord LB gaat er derhalve van uit dat de

onderhandelingen tussen de advocaten van de Nord LB en andere eisers nog

steeds gaande zijn (verslag 27).

16-07-2025

17

De Nord LB heeft laten weten dat er in september en oktober 2025

onderhandelingen hebben plaatsgevonden tussen MSA, de P&I verzekeraar en

de advocaten van de Nord LB, deels in aanwezigheid van de Chinese rechter.

De Nord LB gaf tevens aan dat er nog steeds onopgeloste kwesties zijn,

bijvoorbeeld de betaling van de rente. De P&I verzekeraar staat erop rente te

betalen tot 2017, maar MSA eist rente tot 2021. Het lijkt er nu op dat de eisers

nu intern bespreken of ze hun standpunten kunnen bijstellen. De Nord LB had

begin dit jaar om een update gevraagd, maar tot op heden nog geen

antwoord ontvangen (verslag 28).

15-01-2026

18

De Nord LB heeft laten weten nog geen update te hebben ontvangen van

haar advocaten ten aanzien van de schikkingsonderhandelingen (verslag 29).

15-07-2026

19

Zie hetgeen hiervoor vermeld. 26-06-2018

3

9.3 Stand procedures

9.4 Werkzaamheden procedures

10.1 Plan van aanpak

10.2 Termijn afwikkeling faillissement

10.3 Indiening volgend verslag

10.4 Werkzaamheden overig

Bijlagen

Zie hetgeen hiervoor vermeld. 26-06-2018

3

Inventariseren van alle mogelijke aansprakelijkheden, claims, vorderingen,

correspondentie met verzekeraars en bank etc.

26-06-2018

3

10. Overig

• Monitoren.

• Controleren claims MSA en crew.

• Controleren opstellingen verzekeraars.

• Inventarisatie crediteuren.

26-06-2018

3

15-1-2027 15-07-2026

19

Bijlagen